Category Archives: Vragen van lezers

Regelmatig keek men uit naar een einde van de coronacrisis

Wie had er ooit gedacht dat de gehele wereld zo in de ban zou genomen worden door een virus?

In 2019 verspreide het virus zo ongelofelijk snel dat geen enkel land er in sloeg om het kwalijk beestje buiten haar grenzen te houden.

Sem Jansen van ITHINK keek naar de kaart die in het artikel van dagblad Trouw was gepubliceerd, en zag dat de vaccinatie volgens hem tijdig was begonnen in alle Europese landen, met uitzondering van Bosnië en Herzegovina, Montenegro, Kosovo, Albanië, Noord-Macedonië, Albanië, Oekraïne en Nederland. Terecht stelde hij de vraag:

Waarom staat ons land met een sterke economie en een ontwikkeld gezondheidszorgsysteem tussen deze arme landen? Waarom werden de prioriteiten in de Europese Unie op deze manier bepaald en waarom werd ons kleine land pas aan het einde meegenomen? Zou Nederland als rijk land met een goed functionerende gezondheidszorg niet voorop moeten lopen? {Waarom is het coronabeleid in Nederland een mislukking?}

Maar het lag niet aan de Europese Unie, maar wel aan het Nederlands beleid en de eigenzinnigheid plus egoïstische houding van een heel groep Nederlanders die vonden dat een vaccinatie, mondmaskers en sociale afstand een inbreuk op hun vrijheid zou zijn.

Toen het bovenstaande artikel werd geschreven viel het al op dat de weerstand tegen vaccinaties  goed zichtbaar was, in dat veertig procent van de Nederlandse bevolking zich volgens diverse enquêtes niet tegen COVID-19 wil laten vaccineren. De anti-vaccinatie lui brachten allerlei valse berichten in de wereld en beweerden dat er al gevallen bekend waren waarbij mensen zogezegd stierven nadat het vaccin van Pfizer werd ingespoten. Hierbij keken zij niet naar de achterliggende gronden waarom die personen wel zouden zijn overleden, ook indien er geen corona vaccin zou gegeven zijn.

Uiterst rechts in Nederland deed er alles aan om de anti-vacers voor hen te winnen om zo ook een scheiding van Nederland uit de Europese Unie te verkrijgen. Geert Wilders verzocht nogmaals voor een Nexit. Hij sloeg er in veel Nederlanders te doen geloven:

Als ons land onafhankelijk kan worden van de Europese Unie, of in ieder geval een beleid in deze richting kan voeren na de verkiezingen in maart, zal er hoogstwaarschijnlijk veel ten goede in ons leven veranderen. {Waarom is het coronabeleid in Nederland een mislukking?}

Anderen hoopten al in mei klaar te zijn met de hele zaak en vrijheid te zien voor iedereen, als de vaccinatie goed en wel op gang zouden komen.

Want in mei gaat natuurlijk alles weer open. De maand van de bevrijding. Toch meneer de president? Want zeg nou zelf, u bent er toch ook klaar mee? {Wanneer vechten zinloos lijkt.}

De Belgische regering deed de mensen graag geloven dat in Vlaanderen alles naar wens verliep, al hoewel dat het erbarmelijk traag verliep en bepaalde groeperingen er in slaagden massa’s mensen op de been te krijgen om te protesteren tegen de corona maatregelen en vaccinaties. Bij die bijeenkomsten vernietigden zij ook de mooie natuur rond Ter Kameren. Zij die opriepen tot burgerlijke ongehoorzaamheid konden hun slag gedeeltelijk slaan en verkregen aanwinst naargelang de covid periode langer begon te duren. In plaats dat mensen zouden inzien dat hoe vlugger iedereen gevaccineerd zou zijn, hoe vlugger dat wij terug meer vrijheden zouden hebben.

Opvallend in Nederland is dat heel wat conservatieve christenen zich verzetten tegen vaccinatieschema’s omdat zij vinden dat alles moet verlopen zoals God het wil. Erg genoeg zijn er dan ook heel wat Nederlandse kerken die hun deuren langer open hebben gehouden voor hun gemeenschap dan echt gezond was. Hans Maat zag er geen graten in om kerkgemeenschappen verder samen te laten komen. Volgens hem waren de Nederlandse burgers wel braaf genoeg en vond hij dat ze de maatregelen heel zorgvuldig navolgden. Vanuit België hadden wij echter niet de indruk. Ook riep hij de mensen op om te

” blijven proberen om de maximale ruimte te benutten die ons gegeven is om kerk te kunnen zijn.”

Nederland was een van de drie Europese landen waar sommigen dachten verder immuniteit op te bouwen door alles zijn gang te laten gaan. Ook in België konden wij momenten vinden waarbij bepaalde mensen op straat kwamen in de avond om te applaudisseren voor de zorgverstrekkers, terwijl ze de rest van de dag zich niets aantrokken van de coronamaatregelen en er zelfs tegen in gingen.

Velen zagen niet in welk een leed er werd bezorgd aan mensen met auto-immuunziekten en aan diegenen die normaal operaties moesten ondergaan die nu moesten worden uitgesteld omdat er geen plaats in de intensieve zorgen was omdat coronapatiënten die innamen en zorg opeisten.

Zulk een spuitje, waarvan weinig te voelen is, zou zo veel mensen uit het ziekenhuis kunnen houden en dan zouden er meer kunnen schrijven of zeggen:

Voor mensen die zich op het snijpunt bevinden van hypochondrie, berusting en het ontbreken van een medisch dossier, is zo’n vaccinatie een buitenkans. Dan loop je daar naar buiten, meteen het zonnetje los op je bolletje, in een boom zingt een kwikstaartje ‘korte broek! korte broek!’, om je heen louter glimlachende lieden, en het enige wat bij jou opkomt, is: voel ik iets? Je stapt in je auto en rijdt naar huis, raampje naar beneden, de radio neuriet, en het enige wat bij jou opkomt, is: voel ik iets? En zo gaat dat maar door. Je werkt en rommelt, en kookt en eet, en wast en plast, en ruimt op en gaat — eindelijk — onderuit op de bank, en het enige wat bij jou opkomt, is: voel ik iets?

Niks.

Je maakt je danig zorgen. Je voelt niks — er zal toch niks zijn, zeker? Want zo gaat het immers meestal: je voelt niks, en bàm!, je bent dood. Of erger.

En dan, na urenlange kwellingen, komt eindelijk de verlossing: een piepklein pijntje in je schouder. Dankbaar zijg je neder. Gelukkig heb je geen kunstschouders. {Schouders}

Verder zijn er mensen die vinden dat er een voortdurende ontkenning is door de WHO, volksgezondheidsinstanties en regeringen van wetenschappelijk gefundeerd bewijs over hoe de nu al rampzalige wereldwijde en individuele gevolgen van deze pandemie kunnen worden beperkt. Terwijl een aantal artsen nu hun uiterste best doet om de zeer succesvolle vroegtijdige behandeling met multidrugs breed toegankelijk te maken, denken zij hun steentje bij te dragen aan het analyseren van de epidemiologische en gezondheidsgevolgen van de lopende massale vaccinatiecampagnes en willen zij – in zogenaamde transparantie – hun inzichten met het bredere publiek delen. Volgens hen weten al te goed weten verschillende wetenschappers die de evolutiebiologie en de genetische/ moleculaire epidemiologie van deze pandemie bestuderen, dat deze pandemie nog helemaal niet voorbij is en dat het wereldwijde gezondheidsrisico dat varianten met zich meebrengen zeer aanzienlijk is. Zij stellen dan ook de vraag

Waarom zwijgen zij dan? {Why the ongoing mass vaccination experiment drives a rapid evolutionary response of SARS-CoV-2}

Zij vinden dat:

Het uitvoeren van een massaal vaccinatie-experiment op wereldschaal zonder inzicht in de mechanismen die ten grondslag liggen aan virale ontsnapping aan door vaccinatie gemedieerde selectiedruk is niet alleen een kolossale wetenschappelijke blunder, maar in de eerste plaats volstrekt onverantwoord vanuit het oogpunt van individuele en volksgezondheidsethiek. {Why the ongoing mass vaccination experiment drives a rapid evolutionary response of SARS-CoV-2}

 

Wij moeten inzien dat

Als massavaccinatie de gevaccineerde bevolking in staat stelt S-gerichte immuunselectiedruk uit te oefenen, moet de waarschijnlijkheid dat de huidige Covid-19-vaccins de pandemie onder controle kunnen houden, ernstig in twijfel worden getrokken, aangezien reeds is aangetoond dat de adaptieve evolutie van Sars-CoV-2-varianten samenvalt met epidemische opflakkeringen in verschillende delen van de wereld. {Why the ongoing mass vaccination experiment drives a rapid evolutionary response of SARS-CoV-2}

Zij die boven de 65 zijn in België krijgen een van dezer dagen een uitnodiging voor hun 3de spuitje. Benieuwd te zien hoe Nederlanders en Fransen op zulk een uitnodiging zullen kijken.

Aangezien bekend is dat sommige bronnen van selectieve druk op populatieniveau vatbaar zijn voor menselijke interventie, is er dringend behoefte aan systematische genoomsequencing van circulerende varianten bij gevaccineerden, aangezien dit ons ondubbelzinnig bewijs zou opleveren over de vraag of massale vaccinatiecampagnes een populatie in staat stellen immuungemedieerde selectieve druk uit te oefenen op kritieke functionele kenmerken van Sars-CoV-2, zoals virulentie, overdraagbaarheid en nAb-resistentie. {Why the ongoing mass vaccination experiment drives a rapid evolutionary response of SARS-CoV-2}

Sommigen vinden ook dat

Resistentie tegen Covid-19-vaccins zal de infectiedruk alleen maar verhogen en daardoor de kans vergroten dat niet-gevaccineerde personen de ziekte van Covid-19 oplopen. {Why the ongoing mass vaccination experiment drives a rapid evolutionary response of SARS-CoV-2}

Men mag dan niet vergeten dat indien heel de bevolking zou gevaccineerd zijn er een duidelijke barrière is voor de ziekte om zich verder te verspreiden en als er dan nog varianten zouden optreden dat deze dan misschien zullen moeten erkend worden als aanverwanten van andere jaarlijkse virussen.

Ondertussen moet men vaststellen dat het alsmaar duidelijker wordt dat er zo langzamerhand een tweedeling in de samenleving is naar aanleiding van het vaccinatie-debat dat op z’n minst zorgwekkend te noemen is. In Nederland en in de omringende Europese landen.

Zo merken wij dat er personen zijn die zich verzetten tegen het indirect verplichten en de sociale dwang en drang die er momenteel wordt uitgeoefend op ongevaccineerden. {Ik bepaal wat er met mijn lichaam gebeurt {Dutch}.}
Een rebellerende Nederlandse blogger schrijft:

Politici en IC-hoofden die beweren dat besmettingen met tienduizenden zullen oplopen als die minderheid niet geprikt wordt en beperkende maatregelen worden opgeheven. De honderden nieuwe ziekenhuisopnames waartoe dat zal leiden. De nieuwe varianten die er zullen komen. De vrijheidsbeperkende maatregelen die zullen moeten voortduren. Het beschuldigende vingertje zwaaiend naar de ongevaccineerde minderheid. Iedere dag kun je in de mainstream en social media lezen over de zelfzuchtigheid en het egoïsme van deze groep mensen. Onbeschaamde shaming and blaming. {Ik bepaal wat er met mijn lichaam gebeurt {Dutch}.}

Die blogger wijst er op dat men het maar al te gemakkelijk neemt.

Zo makkelijk gaat dat dus: uitsluiting. Als ik iets mag noemen wat deze pandemie pijnlijk duidelijk heeft gemaakt, is dat we wel heel gemakkelijk in staat zijn tot uitsluiting van de ander. Het gemak waarbij we het recht van de ander aan de kant schuiven, voorspelt weinig goeds. Het begon allemaal hoopvol: “We doen het samen.” Dit gevoel van verbondenheid heeft niet erg lang mogen duren. Nee, liever scheren we alle niet-gevaccineerden over één kam, labelen we ze als wappies, anti-vaxxers, complotdenkers, spiris, extreem rechts aanhangers, niet bijster intelligente mensen en laag opgeleiden. Kortom: we kijken neer op de ongevaccineerde minderheid en praten neerbuigend over ze. {Ik bepaal wat er met mijn lichaam gebeurt {Dutch}.}

Terwijl Ondertussen hebben Israel en Frankrijk het middel gevonden om meer druk op de bevolking te leggen om zich te laten vaccineren. Het Covid pasje of Covid Safe Ticket moet daar soelaas brengen en meer menden doen rennen naar het vaccinatiecentrum. Bij meerderen roept zulk een paje wel frustratie op.

Honderdduizenden Fransen zijn de afgelopen weken de barricaden opgegaan om tegen de pass sanitaire te protesteren, zonder resultaat. De Franse overheid heeft het coronabewijs binnen no time tot beleid gemaakt, in navolging van Israël, waar al wat langer een ‘groen paspoort’ bestaat, het document dat je als gevaccineerde toegang verleent tot het openbare leven. Hiermee is het coronapaspoort een middel geworden om drang uit te oefenen op ongevaccineerden. {Ik bepaal wat er met mijn lichaam gebeurt {Dutch}.}

Men kan ter discussie voeren hoe ver men mag gaan om iets op te dringen aan een ander.

Het overgaan tot vaccinatie is een afweging die ieder mens voor zichzelf in vrijheid dient te maken. Drang, ook indirect, hoort hier niet thuis. Het is ongrondwettelijk. {Ik bepaal wat er met mijn lichaam gebeurt {Dutch}.}

Wat  er verder zal gebeuren en welke beslissing de politici zullen durven nemen zal een beeld kunnen geven van hoe moedig die politiekers willen zijn en hoe een bevolking er tegenover zal staan om een algemene bescherming al of niet toe te laten.

+

Voorgaande

Al of niet corona-vaccinatie verplichten

++

Aanvullend

  1. Meer dan 4 miljoen coronabesmettingen wereldwijd
  2. Sterker uit de coronacrisis komen
  3. China staat open voor internationaal onderzoek naar oorsprong coronavirus
  4. Kaap van 800 000 besmettingen in België overschreden
  5. Vdeodagboek van Vlaamse Artsen zonder Grenzen verpleegster Line
  6. Corona – steden – groen & omgang met onszelf en de natuur
  7. Zij die de coronamaatregelen van de overheid een inbreuk op hun persoonlijke vrijheden vinden
  8. Nederlandse kerken willen te veel risico nemen
  9. Een tijd van plicht, verantwoordelijkheid en verantwoording
  10. “Laat Ons Aanbidden” evenment in Kampen in coronatijd
  11. 2019-2020-2021 Twee seizoenen vol veranderingen #4 Medewerking
  12. Kerkgebeuren voor 2020
  13. Zijn we door een rottig virus onverhoeds in het paradijs beland?
  14. Over gaan tot een juiste focus
  15. Kerkdienst in openlucht tijdens vakantie
  16. Vermoeidheid van de ziel en geestelijke afzondering
  17. Rituelen en en tradities belangrijker dan intiem geloofsgevoelen
  18. Religiestress en corona maatregelen
  19. Coronacrisis en Hand van God
  20. Nederland vraagt bijstand uit het buitenland
  21. Corona tijd, slechte, goede en betere tijden
  22. Moeten kerken zich beperken tot online diensten?
  23. Hans Maat roept onwijs mensen op om samen te komen
  24. Kaap van 100 000 Covid-doden in Verenigd Koninkrijk overschreden
  25. De mensen achter de coronaprotesten
  26. Crimineel ontoelaatbaar geweld door Nederlandse jongeren

+++

Gerelateerd

  1. Aangepaste Coronamaatregelen en vakantietijd
  2. Hokjes en Labels: de Intolerantiepandemie
  3. Le monde reviendra à la normale car Covid-19 prendra fin dans un an, déclare le chef de Pfizer
  4. Terça-feira: 1,7 mil novos casos
  5. Bélgica estrena un certificado llamado “Covid Safe Ticket” para acceder a grandes eventos
  6. NHS COVID pass fraud and other scam warnings
  7. A third of unvaccinated workers would rather get jabs than lose their jobs
  8. The Covid Vaccination Struggle and “Market Forces”
  9. Who Has to Die? The Question of the Right to Live with Covid-19
  10. Researchers Explain How Nanomaterial Aids Antibody Response, Study It as Antibody Factory
  11. We Made It To Denmark, Finally!

Leave a comment

Filed under Educatieve aangelegenheden, Gezondheid, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Politieke aangelegenheden, Sociale Aangelegenheden, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

Een Bijbels antwoord op uw vraag naar aanleiding van ons geloof dat Jezus niet God was van in het begin

Regelmatig bereiken ons vragen en reacties naar aanleiding van ons geloof dat Jezus niet God was van den beginne, maar de Zoon van God, 2000 jaar geleden verwekt uit de heilige Geest in Maria. Deze keer daarom wat stof tot nadenken over deze kwestie die het Christendom al meer dan 1600 jaar verdeeld doet zijn.

De woorden in Jesaja 9 worden vaak aangevoerd als ‘bewijs’ dat het beloofde kind God Zelf is:

“en men noemt hem: Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst” (Jes. 9:5, NBG’51).

Maar de woorden even daarvoor:

“Een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven”

kunnen toch moeilijk betrekking hebben op Jehovah, de Allerhoogste God.
Want zoals een zoon moet worden onderscheiden van een vader, moet dit Kind worden onderscheiden van God de Vader. Het zou toch onredelijk zijn van u te vragen dat u gelooft dat Jehovah (of Jahweh), de HERE, de machtige Schepper en God van Israël, de belofte deed dat Hij als Zoon (van Zichzelf?) zou verschijnen?

Neen, er wordt de zoon uit de dynastie van David bedoeld, die door geloof en gehoorzaamheid recht heeft op de troon
(Jes. 9:6; Ezech. 21:27; Luc. 1:32). Deze zoon wordt elders in Jesaja de knecht of dienaar van Jehovah genoemd (Jes. 53:11). God en zijn knecht worden duidelijk onderscheiden. Dat onderscheid maakt Jezus zelf ook (Joh. 17:3). Jesaja noemt hem

‘Wonderbare raadsman, Goddelijke held, Eeuwige vader, Vredevorst (Jes. 9:5 NBV).

Jezus vertegenwoordigt zijn God en mag in die zin ‘God’ of ‘Goddelijke Held’ worden genoemd. Uiteraard niet in absolute zin, anders zou Jesaja in meerdere Goden hebben geloofd – wat volledig indruist tegen zijn boodschap (zie ook Jes. 45:5). De dienstknecht van God is gehoorzaam geweest tot de dood aan het kruishout, en dat bewijst dat hij niet God was maar mens
(zie ook de prediking van Petrus en Paulus, Hand. 2:22,23,32; 17:31).

Jezus zal als een ‘vader’ zijn voor zijn volk. Hij heeft volmacht gekregen om zijn volk te leiden. Zoals God de Herder is van zijn volk, heeft Jezus macht ontvangen om herder te zijn van allen die in Hem geloven. Het kwam vaker voor dat een koning ‘vader’ was voor Gods volk (Jes. 22:21). Een zoon eert zijn vader, een dienaar zijn heer (Mal. 1:6). Uiteindelijk is er maar één God, één Vader (Jehovah).

“Hebben wij niet allemaal dezelfde vader, heeft niet een en dezelfde God ons geschapen?” (Mal. 2:10).

Jezus is Gods zoon en zo schilderen alle nieuwtestamentische schrijvers hem! Het hoeft dan ook niet te verbazen dat Jezus
zich nooit ‘God’ heeft genoemd!

+

Aanvullende lectuur

  1. Overdenking voor vandaag: Al of niet luisterend naar de mensenzoon Jezus en de Waarheid opzoekend
  2. God versus goden
  3. Rond God de Allerhoogste
  4. Eigenheden aan God toegeschreven
  5. God is Één
  6. God de Vader (1)
  7. God de Vader (2)
  8. God Helper en Bevrijder
  9. God heeft nooit Zijn Naam veranderd en zal deze ook niet veranderen
  10. Geloven in God
  11. Geloof in slechts één God
  12. God boven alle goden
  13. Jehovah wiens Naam Heilig is
  14. Erkenning van Jehovah’s soevereiniteit
  15. Afstraling van Gods heerlijkheid
  16. De verkeerde held
  17. Lang Aangekondigde
  18. Gezondene van God
  19. Rond Jezus
  20. Hij die komt – de Mensenzoon
  21. Voorbestaan Jezus
  22. Het begin van Jezus #1 Menselijke aspecten
  23. Het begin van Jezus #7 Een Nieuwe Adam, zoon van Abraham
  24. Het begin van Jezus #8 Beloofde Gezalfde zoon van God
  25. Het begin van Jezus #11 Goddelijk verwezenlijkt en niet geïncarneerd
  26. Het begin van Jezus #13 Een te komen mens
  27. Jezus Christus in het vlees gekomen
  28. Betreffende Christus # 1 Een god of de God, een mensenzoon en zoon van God
  29. Jezus is Niet God
  30. Jezus Christus De Zoon van Adam, de Zoon van God
  31. Zoon van God
  32. Jezus van Nazareth #3 De Zoon van God
  33. Jezus zoon van God
  34. Christus Jezus – de zoon van God
  35. Christus Jezus: de zoon van God
  36. Eigenheden aan Jezus toegeschreven
  37. Betreffende Christus # 1 Een god of de God, een mensenzoon en zoon van God
  38. Betreffende Christus # 2 Goddelijke bron, verband en goddelijk mens
  39. De Ekklesia #4 De troon van David en De gezalfde des Heren
  40. Verkondiger Jezus ook de redder
  41. De Verlosser of Terugkoper
  42. De Verlosser 1 Senior en junior
  43. Jezus moest sterven
  44. Een losgeld voor iedereen 2 Een verheven persoon van vlees en bloed
  45. Zoenoffer
  46. Lam van God -Voorspeld
  47. Onschuldig Lam
  48. Lam van God – offer gebracht ter verzoening
  49. Opstanding van Jezus Christus
  50. Terugkeer van Jezus
  51. Een koning die zijn onderdanen wetten oplegt waarvan hij weet dat zij zich er nooit aan kunnen houden
  52. De god zoon, koning en zijn onderdanen
  53. Hij die zit aan de rechterhand van Zijn Vader
  54. Christus Koning
  55. Geloof in Jezus Christus
  56. Heilige Drievuldigheid of Drie-eenheid
  57. Overdenking: De ware Christus: een mens als wij en toch volmaakt
  58. Overdenking: Gemeenschap met de Vader en met Zijn Zoon Jezus Christus
  59. Geloof voor God aanvaardbaar
  60. Geloof volgens eerste eeuw patronen
  61. Geloofspunten van de Christadelphians
  62. Een Credo of geloofsartikelen van de Broeders in Christus
  63. Christadelfiaanse geloofspunten #2 Jezus de zoon van God
  64. Christadelfiaanse geloofspunten #6 Redding uit vrouw van het nageslacht van koning David
  65. Christadelfiaanse geloofspunten #7 Jezus de Emmanuel of God met ons
  66. Christadelfiaanse geloofspunten #8 Boodschap van Jezus wiens vergoten bloed vergeving van onze overtredingen brengt
  67. Christadelfiaanse geloofspunten #13 Koninkrijk van God na vernietiging van wereldse machten gegeven aan Zijn uitverkoren zoon
  68. Voor de Wil van Hem die groter is dan Jezus
  69. Hellenistische invloeden

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Vragen van lezers

Lekker kokerellen met de kinderen

De grote vakantie is aangetreden en dat maakt dat kinderen nu meerdere uren in huis zijn en dikwijls ook bezigheden zoeken.

Om ze bezig te houden is het niet slecht om ze mee in het huishouden te betrekken. Tegenwoordig zijn heel wat ouders bang om hun kinderen hierbij te betrekken. Maar voor beide partijen kan het goed zijn. Het ontlast de ouder en langs de andere kant leert het kind vaardigheden die het later nodig zal hebben.

Bij heel wat jonge kinderen is dat lange thuis zijn ook wel eens een periode om zaken uit te testen. Zeker omtrent wat te eten en hoe te eten. Wij krijgen dan ook wel eens vragen hoe men kinderen moet aanpakken die niet willen eten wat de pot verschaft.

Tijdens het schooljaar moest alles wel eens vlug gaan en werd er wel iets over het hoofd gezien, dat nu dan weer niet kan. Meerdere kinderen waren ook op schoolkost voorzien, waar de school meestal ‘kindvriendelijk’ maaltijden serveerde. Deze bieden echter niet altijd voldoende afwisseling en ook niet altijd zulk een gezonde voeding. Sommige kinderen waarderen dan weer de culinaire vaardigheden van hun ma of pa niet en geven dan kordaat kritiek of duwen het bord weerbarstig weg.

Je lieve kroost wil namelijk enkel nog nuggets, frietjes en pastastrikjes. Een zenuwslopende strijd en harde confrontatie loeren om de hoek.

Maar geen paniek! Deze periode van ‘voedingsneofobie’ gaat voorbij. Kinderen zijn ook maar mensen, met een eigen willetje. Niets abnormaals dus. 😉

Tijdens deze intense periode weigeren kinderen trouwens wel meer. Kleuren, texturen, combinaties … Werkelijk alles schiet hen in het verkeerde keelgat. En elke onderhandelingspoging is gedoemd tot mislukken. Aandringen, dreigen, straffen, uit je slof schieten … Daarmee gooi je alleen maar olie op het vuur. Maar hoe reageer je dan wel op die kleine duivel je lieve schat die van elke dag een ware uitputtingsslag maakt?

Best kan men bij het bereiden van de maaltijden de kinderen er bij betrekken. Dat is al één grote stap voorwaarts door hen met de verschillende groenten in aanraking te brengen en om hier en daar wat te proeven.

Wie weet kan daarom het 9-stappenplan van de EdenRed voedingsdeskundige Sylvie helpen > Het 9-stappenplan

Dat plan kan lukken indien je jezelf ook aan een gevarieeerde voeding houdt en zelf laat zien aan je kind dat je vraagt dat het zou eten, je ook graag of met smaak eet.

 

1 Comment

Filed under Educatieve aangelegenheden, Gezondheid, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Sociale Aangelegenheden, Voeding, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

Zonen van God, in Genesis 6, mensen

Reacties op in ons gedrukt blad verschenen artikelen en reacties op onze teksten  in gepubliceerde boekjes.

Vraag:

In het boekje ‘Engelen en andere hemelse wezens’ schrijft u dat de zonen van God, in Genesis 6, mensen zijn. Ik heb altijd gedacht dat het engelen waren. Hieruit zouden dan reuzen zijn geboren.

Hoe ziet u de reuzen dan?

ANTWOORD:

De uitdrukking ‘zonen van God’ duidt soms op engelen, zoals in Job 83:7:

“… terwijl de morgensterren tezamen juichten, en al haar zonen Gods jubelden”.

Maar vaker op mensen die in een bijzondere relatie tot God staan.

In Christus kunnen mensen worden aangenomen als Gods kinderen (Joh.1:12; Gal. 3:26; Efez. 1:5; 1 Joh. 3:1),
maar ook in het Oude Testament werden de gelovige Israëlieten zonen Gods genoemd. Een zoon lijkt op zijn vader, heeft hem lief en gehoorzaamt hem (Maleachi 1:6). En in de beschrijving van een persoon (mens of engel) als een ‘zoon van God’ is deze gedachte steeds aanwezig. De rechters in Israël droegen de verantwoordelijkheid voor het toepassen van Gods wet op de samenleving in Israël, en vanwege deze bijzondere taak worden ook zij zonen Gods genoemd. In een aanklacht tegen deze richters zegt God:

“Wel heb Ik gezegd: Jullie zijn goden, ja allen zonen van de Allerhoogste …” (Ps. 82:6).

Jezus citeerde deze woorden, toen de Joden Hem van godslastering beschuldigden omdat hij zich Gods Zoon noemde (Joh. 10: 34-36). In Lucas 20:35-36 lezen we:

“Die waardig gekeurd zijn deel te verkrijgen aan die eeuw en aan de opstanding uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk genomen. Want zij kunnen niet meer sterven, immers zij zijn aan de engelen gelijk en zij zijn kinderen Gods”.

Ook hier zien we dat de gelovigen kinderen van God genoemd worden. Maar ook dat het ondenkbaar is dat engelen kinderen verwekken.

Laten we nu Genesis 6 eens onder de loep nemen. De originele Hebreeuwse woorden die in de Bijbel gebruikt worden voor ‘Zonen van God’ zijn ‘Benêj ha Elohim’.
Benêj zijn de ‘zonen’; het woord ‘ben’ kennen we van namen als ben-jamin of ben-hadad.
Elohim is het meervoud van ‘el’, dat sterk of machtig betekent. Dit woord el wordt vaak gebruikt als algemene naam voor God, goden en idolen. Vandaar de vertaling ‘zonen van God”. Maar een andere goede vertaling
is ‘zonen van machtige mannen’, ‘zonen van overwinnaars’ of zelfs ‘krachtige jonge mannen’. Het boek Genesis maakt onderscheid tussen de nakomelingen van Seth en die van Kaïn. Genesis 5 volgt daarbij de godvrezende lijn van Seth. Adam, geschapen naar Gods gelijkenis (Lucas 3:38 zegt: Adam de zoon van God), verwekte een zoon ‘naar zijn gelijkenis’, Seth:

“Toen begon men de naam des Heren aan te roepen.”

Deze nakomelingen zijn allen zonen van God. Maar zij begonnen zich te vermengen met de zonen van Kaïn, en werden verleid om het kwade te doen: de zonen van God misdroegen zich. Je ziet hier een parallel met de eerste zonde. De vrouw zag dat de vrucht goed was, maar ze neemt die nog niet direct. De vrucht is vervolgens
een lust voor het oog, dan begeerlijk en uiteindelijk kan ze de verleiding niet weerstaan. Hier is het nog erger. Zij zien dat de vrouwen mooi zijn en bedenken zich niet: ze nemen wie ze maar willen. Dat duidt op geweld. Jehovah zegt dan:

“Mijn Geest zal niet altoos in de mens blijven nu zij zich misgaan hebben”.

Let op dat er staat dat de mens heeft zich misgaan. God geeft de mensheid nog 120 jaar, en dan komt er een oordeel: de zondvloed.

De reuzen

In vers 4 lezen we dan:

De reuzen waren in die dagen op de aarde, en ook daarna…dit zijn de geweldigen uit de voortijd (= de tijd vóór de zondvloed), mannen van naam.

Doet dit ons niet aan de nakomelingen van Kaïn denken?

Genesis 4:17-24 vertelt ons van de prestaties van de zonen van Kaïn als stichters van steden, de uitvinders van muziek en metaalbewerking, maar ook van de gewelddadigheid.
Vers 23:

“Ik (Lamech) sloeg een man dood om mijn wonde en een knaap om mijn striem.”

Het woord “reuzen” is de vertaling van het Hebreeuwse woord ‘nephilim’ dat ofwel ‘reuzen’ óf ‘gevallenen’ betekent. In het verband van Genesis 6:1-7 heeft dit in feite betrekking op rechtvaardigen die van hun Schepper waren vervreemd, in goddeloosheid waren gevallen en door hun wetteloosheid Gods reactie hierop
uitlokten. Ze waren gevallen vanuit hun positie als rechtvaardigen, als zonen Gods, en daardoor verworden tot de gevallenen: de nephilim.
In dit ene woord vinden we daarom een heel drama samengevat. Het drama van rechtvaardigen die de rechtvaardige God verlieten en Hem bedroefden met hun afvalligheid en hun zonden. Reuzen komen we later in de bijbel op verschillende plaatsen opnieuw tegen. Het zijn altijd mensen die een abnormale lengte hebben, én gewelddadig zijn, zoals de Refaïeten en de Enakieten.

++

Vindt ook te lezen:

  1. Hoofdbronnen van afwijkende gedachten
  2. Betreft Engelen
  3. Dienende geesten 4 Gevallen engelen
  4. Bestaat er iets als engelen en kunnen die zondigen
  5. Satan het kwaad in ons
  6. Kinderen van God
  7. Christadelphians kinderen van God

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Vragen van lezers

Waarom moest Jezus lijden en sterven om de mensheid los te kopen?

Waarom moest Jezus lijden en sterven om de mensheid los te kopen? Kon God het doodvonnis niet gewoon intrekken?

Toen Jehovah de wereld creëerde plaatse Hij de mens op aarde in de hoop dat deze de wereld ging bevolken. De eerste mens Adam was volmaakt, of zonder zonde, toen hij gemaakt werd.

Hoewel Adam gemaakt was om eeuwig te leven, werd hij toen hij verkoos om tegen Gods Wil in te gaan, vanwege zijn zonde veroordeeld tot de dood. Door Adam

‘is de zonde de wereld binnengekomen en door de zonde de dood, en aldus heeft de dood zich tot alle mensen uitgebreid omdat zij allen gezondigd hadden’ (Romeinen 5:12).

Dezer dagen herdenken wij dat Jezus zich aan zijn hemelse Vader gaf als een loskoopoffer om ons te bevrijden van die vloek van de dood voor zonde. Het is door Jezus’ dood dat we van zonde bevrijd worden en dat iedereen die in hem gelooft niet meer tot de dood veroordeeld zal worden. De Bijbel vat het als volgt samen:

‘Opdat, zoals de zonde als koning heeft geregeerd met de dood, zo ook de onverdiende goedheid als koning zou regeren door middel van rechtvaardigheid met eeuwig leven in het vooruitzicht door bemiddeling van Jezus Christus, onze Heer’ (Romeinen 5:21).

Natuurlijk hebben we nu nog geen eeuwig leven. Maar God belooft dat hij rechtvaardige mensen in de toekomst eeuwig leven zal geven en dat hij de doden tot leven zal wekken, zodat ook zij voordeel kunnen hebben van Jezus’ offer (Psalm 37:29)

22  Want zoals in Adam iedereen sterft,v zo zal ook in de Christus iedereen levend gemaakt worden.w (1 Korinthiërs 15:22).

De mens had met zijn daad van ongehoorzaamheid ook aan God de indruk gegeven dat zij dachten het beter of even goed te kunnen doen zonder Hem. Hun verzet zou aan andere mensen de indruk kunnen geven dat als zij zich niet aan Gods geboden konden houden anderen dat eveneens niet zouden kunnen doen. Nochtans is God er van overtuigd dat er wel mensen naar de Wil van God kunnen leven en Zijn voorschriften kunnen nakomen, zonder Hem als een dwingeland te aaanschouwen.

Door de tegenstanders van God, Satan, werd beweerd dat mensen God alleen zouden gehoorzamen als ze er iets voor terugkregen. En dat ze hem zeker in de steek zouden laten als hun leven op het spel stond! (Job 2:4) Maar Jezus, die ook een volmaakt mens was, gehoorzaamde God en bleef hem trouw, zelfs toen hij een vernederende en pijnlijke dood onderging (Hebreeën 7:26). Hij bleef onbesmet en gin onschuldig de dood in.

Dat beantwoordde het vraagstuk voorgoed:

wat voor beproeving een mens ook meemaakt, hij kan trouw blijven aan God.

Waarom moest Jezus lijden en sterven om de mensheid los te kopen? Kon God het doodvonnis niet gewoon intrekken?

Volgens Gods wet

‘is het loon dat de zonde betaalt de dood’ (Romeinen 6:23).

God had deze wet niet verborgen gehouden voor Adam; hij had Adam duidelijk verteld dat hij zou moeten sterven als hij ongehoorzaam zou zijn (Genesis 3:3). Toen Adam zondigde hield God, ‘die niet liegen kan’, zich aan zijn woord (Titus 1:2). Adam gaf aan zijn nakomelingen niet alleen zonde door, maar ook het loon van de zonde — de dood.

Hoewel zondige mensen de dood verdienen, betoonde God hun ‘de rijkdom van zijn onverdiende goedheid’ (Efeziërs 1:7). Zijn voorziening om de mensheid los te kopen — Jezus als volmaakt offer naar de aarde sturen — was zowel rechtvaardig als enorm barmhartig.

1 Comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Geschiedenis, Nederlandse teksten - Dutch writings, Vragen van lezers

Wanneer zal de bruiloft van het Lam gebeuren

Reacties op in ons gedrukt tijdschrift verschenen artikelen:

Wanneer zal de bruiloft van het Lam gebeuren

Vraag: Ik hoor verschillende meningen over de bruiloft van het Lam. Waar en wanneer zal dat gebeuren, en wie zullen daar bij zijn?
Kunnen jullie mij wat Bijbelteksten geven die daar duidelijk over zijn?

Antwoord: De uitdrukking ‘de bruiloft van het Lam’ is afkomstig uit het Bijbelboek Openbaring: Openb. 19:6-10, meer speciaal vs 6b-8.

“6 Toen hoorde ik een geluid als van een grote menigte en als het gedruis van vele wateren en als het dreunen van zware donderslagen, en zij riepen: Alleluja! De Heer, onze God, de Albeheerser heeft zijn koningschap aanvaard. 7 Laat ons blij zijn en juichen en Hem de eer geven: de tijd is gekomen voor de bruiloft van het Lam en zijn bruid heeft zich al klaargemaakt.’ 8 (Voor haar bruidskleed kreeg ze smetteloos, blinkend lijnwaad; zinnebeeld van de goede daden van de heiligen.) 9 En de engel zei tot mij: ‘Schrijf op: zalig zijn die genodigd zijn tot het bruiloftsmaal van het Lam’. En hij voegde eraan toe: ‘Dit zijn de eigen woorden van God.’ 10 Toen viel ik voor zijn voeten neer om hem te aanbidden, maar hij zei: ‘Dat nooit! Aanbid God alleen. Ik ben slechts een dienstknecht zoals gij en uw broeders die het getuigenis van Jezus bezitten.’ Het getuigenis van Jezus immers is het dat de profeten bezielt.” (Opb 19:6-10 WV78)

Wanneer: Openbaring is een moeilijk boek, waar veel opvattingen over worden verkondigd. Maar eraan vooraf gaan de hoofdstukken 17-18, die spreken over een macht die oorlog voert tegen de heiligen (in het NT een aanduiding van de ware gelovigen, zie bijv. Rom. 1:7, en andere brieven van Paulus), en die wordt aangeduid met de naam ‘Het grote Babylon’. Die macht wordt in hoofd-stuk 18 geoordeeld (veroordeeld). In 18:24 wordt van haar gezegd:

… en in haar werd gevonden het bloed van profeten en heiligen en van allen,die geslacht zijn op de aarde.

Dit spreekt over vervolging van de gelovigen. In 19:1-4 worden dan over dat oordeel lofprijzingen geuit:

Hierna hoorde ik als een luide stem ener grote schare in de hemel zeggen: Halleluja! Het heil en de heerlijkheid en de macht zijn van onze God, want waarachtig en rechtvaardig zijn Zijn oordelen, want Hij heeft de grote hoer geoordeeld, die de aarde met haar hoererij verdierf, en Hij heeft het bloed zijner knechten van haar hand geëist. En zij zeiden ten tweeden male: Halleluja! En haar rook stijgt op tot in alle eeuwigheden. En de vierentwintig oudsten en de vier dieren wierpen zich neder en aanbaden God, die op de troon gezeten is, en zij zeiden: Amen, halleluja!

De passage herinnert ons aan Jesaja. Daarin wordt ook gesproken over de ondergang van Babel, dat Gods volk in ballingschap had gevoerd, maar dat daarvoor door God geoordeeld werd. De ondergang van dat Babel betekende de bevrijding van Gods volk (in dat deel van Jesaja veelvuldig aangeduid als ‘Gods knechten’), maar staat bij Jesaja ook als een symbool van de bevrijding uit die andere gevangenschap: die van de zonde en de dood.

Zonder verderop alle details in te willen gaan, wil ik hier stellen dat dit verwijst naar de tijd van de opstanding (die plaats zal vinden bij Jezus’ wederkomst) wanneer de ‘wereld’ die door de eeuwen heen de ware gelovigen heeft verdrukt en vervolgd daarvoor geoordeeld zal worden, maar wanneer ook de dood van zijn kracht zal worden beroofd.

Hoererij staat voor valse leer (het beeld komt vooral uit Ezech. 23) en uit Openb. 17 & 18 blijkt dat de ‘afgoderij’ van de wereld vooral bestaat uit het dienen van de Mammon: de lust van het geld. De voor altijd opstijgende rook is een beeld dat uit Jes. 34 stamt, en heeft betrekking op het oordeel over Gods vijanden en de vijanden van Zijn volk. Maar laat u niet misleiden door de kop ‘gericht over Edom’. Het is duidelijk dat het gaat over een vernietiging die plaats heeft in het land Edom, maar die alle volken betreft (zie vs 1-2).

In Openb. 19, vanaf vs 11 zien we een beschrijving van een triomferende Messias (Christus) die vonnis velt en oorlog voert tegen de onrechtvaardigen. En in Openb. 20 lezen we over het begin van Gods Koninkrijk (daar aangeduid als een heerschappij van 1000 jaar) en over de eerste opstanding. Dat stemt overeen met wat ik boven al aangaf.

Conclusie 1: Het heeft betrekking op de tijd van Jezus’ wederkomst, wanneer hij oordeel velt en Zijn (Gods) Koninkrijk vestigt. Wij verwachten dit nu betrekkelijk snel.

Wie We lezen in 19:7b-8:

… de bruiloft des Lams is gekomen en zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt; en haar is gegeven zich met blinkend en smetteloos fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de rechtvaardige daden der heiligen. Zijn bruid mag zich kleden met ‘smetteloos fijn linnen’ en dit zijn ‘de rechtvaardige daden der heiligen’.

Dat laat maar één conclusie toe: de bruid bestaat uit de gerechtvaardigde heiligen (= gelovigen).

Overigens meen ik dat de vertaling beter zou luiden als in de Statenvertaling:

‘de rechtvaardigmakingen der heiligen’.

De uitdrukking wijst terug naar zulke passages als:

Die de bruid heeft, is de bruidegom (Joh. 3:29, Joh. de Doper over Jezus) Want ik heb u verbonden aan één man, om u als een reine maagd voor Christus te stellen (2 Kor. 11:2, Paulus aan de gelovigen te Korinte)

Mannen, hebt uw vrouw lief, evenals Christus zijn gemeente heeft lief gehad en Zich voor haar overgegeven heeft, om haar te heiligen, haar reinigende door het waterbad met het woord, en zo zelf de gemeente voor Zich te plaatsen, stralend, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, zo dat zij heilig is en onbesmet.(Efez. 5:25-27, Paulus aan de gelovigen te Efeze)

Dit wordt herhaald in Openb. 21:2 en 9, Openb. 22:17. En de gedachte vinden we al in het OT met betrekking tot het gehele volk in bijv. Jer. 2:2, Ezech.16:8 en 23:4; alleen ligt daar de nadruk op hun huwelijksontrouw.

Conclusie 2: De ‘bruid’ is een aanduiding van de gemeente, d.w.z. de gezamenlijke gelovigen, levend ten tijde van Jezus’ wederkomst of in de periode daaraan voorafgaand (uiteraard voor zover zij bij het oordeel worden aangenomen).

Waar De ‘bruiloft’ is uiteraard een beschrijving van de aanname van de gemeente door Christus. Of dat plaats zal vinden op een bepaalde plek op aarde wordt ons in de Bijbel niet verteld, laat staan wáár die plek zich dan zou bevinden. Het gaat om het feit, niet om de locatie. Wel weten we dat de heiligen na Jezus’ wederkomst met hem zullen regeren in zijn Koninkrijk (Openb. 20:6), en we weten dat dit Koninkrijk wereldwijd zal zijn. Dus hun taken zullen zich uiteindelijk overal op aarde bevinden.

“ Zalig en heilig die deel hebben aan de eerste opstanding! Over hen heeft de tweede dood geen macht. Zij zullen priesters zijn van God en Christus, en met Hem als koningen heersen, duizend jaren lang.” (Opb 20:6 WV78)

RCR

 

+

Vindt ook te lezen:

  1. Wereld waarheen? #5 De Val van Babel
  2. De Knecht des Heren #5 De Gezalfde gezant
  3. Christus in Profetie #3 De Knecht in Jesaja (3) Gezalfde
  4. Christus in Profetie #5 De Knecht in Jesaja (5) Verhoging van de Knecht
  5. Verlossing #4 Het Paaslam
  6. De Wederkomst en de eindtijd #2 Blik op de nabije toekomst
  7. De Wederkomst en de eindtijd #4 De komende toorn

3 Comments

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Vragen van lezers

Oplossingen gezocht voor Joodse dienstvoorziening

Niet Joodse gelovigen hebben niet bepaald een probleem met het volgen van diensten op het internet. Voor vele Joodse gelovigen vormen diensten op het internet volgen wel een probleem. Daarom deze oproep

Hebt u een oplossing voor onze Joodse leden?

Hebt u misschien een antwoord op deze vraag?

Hoe kunnen Joodse gelovigen toch samen dienst beleven?

Zodra de duisternis valt op vrijdagavond lijkt in vele huishoudens van de Jeshuaistische en Joodse gelovigen ook een zekere vorm van duisternis te vallen. Zich aan de voorschriften houden zoals voorgebracht in de Sjemot/Exodus 35:3 en algemene traditionele regels, wordt er afgezien van enig werk en worden er ook geen lichtknoppen of elektrische toestellen bediend.
Dat maakt dat de Sabbatsviering volgen op het internet onmogelijk is daar het enkele taken verreist die door sommigen als “werk” worden aanzien. Meer nog opvallend is het ook dat er toch nog vele gezinnen zijn waar er geen televisietoestellen of computers in gebruik zijn. Voor anderen mag dat helemaal buiten de wereld zijn, maar dit is wel een realiteit waar wij rekening mee moeten houden.

Vraag is of wij nu ook niet weer in een tijd zijn waar wij uitzonderlijke maatregelen moeten inroepen, zoals onze voorouders deze gekend hebben in bepaalde tijden, toen zij ook niet naar hun tempel of synagoge konden gaan.

In enkele artikelen proberen wij daar aandacht aan te schenken nu wij naar 9 Av gaan en het verlies van 2 tempels gaan herdenken.

Wij zijn er van bewust dat elkeen van ons wel op zijn of haar eigen plekje kan bidden en een ingetogen gesprek kan aangaan met de Allerhoogste. Maar het samen komen of samen gemeenschap vormen is er met de coronacrisis niet bij en eist speciale voorwaarden of veiligheidsmaatregelen.

Wie weet kan er van uit een andere hoek een kijk worden gegeven die voor onze gemeenschap oplossingen kan aanbieden, zodat wij toch dat eenheidsgevoelen kunnen bewaren en ons niet schuldig moeten voelen van geen sjabbes te vieren in gemeenschap.

Door de corona-maatregelen van de overheid zijn we gedwongen geworden om niet enkel na te denken over onze omgang in het openbaar, maar ook om na te denken over wat wezenlijk is voor verwezenlijken van onze geloofsplicht.

Nu dat wij niet meer mogen samen komen in de tempel of synagoge, moeten wij andere mogelijkheden zoeken om toch als gemeenschap onze verbondenheid te voelen en iedereen de kans te geven om dat gevoel van verbondenheid te ondergaan in en met waardig gebed.

Vandaag lijkt het wel dat wij ons ernstig moeten gaan bezinnen over iets wat voor decennia oh zo gewoon leek, maar uiteindelijk toch niet zo evident lijkt te zijn. Wij zien namelijk dat bepaalde gemeenschappen zodanig zijn vastgeroest in bepaalde tradities dat de lockdown hen bij wijze helemaal omver heeft geblazen. Alles wat zo normaal leek, drie maal per dag naar de synagoge gaan o.m. is nu helemaal uit den boze, enz.

Het lijkt wel of onze gemeenschap plotseling wordt wakker geschud.  De meesten van ons leven in een gesloten gemeenschap ver weg van de buiten wereld. Wij zijn gewoon in onze eigen cocon te verblijven. Geen wonder, bij het regelmatig gevaar dat ons lijkt te omringen. De meesten van ons zijn trouwens heel bang om zich in het openbaar kenbaar te maken. Terwijl anderen zich juist nu nog meer naar buiten durfden profileren en niet bang waren om op hun terras of balkon hun liederen over de stad durfden laten klinken. (Wat dan weer de politie er deed op afkomen.)

Velen in onze gemeenschap hebben zulk een vaste gewoonten dat zij nu met het breken er van wat in de war zijn gestuurd. Ontheemd voelen zij zich wat verloren en zoeken oplossingen om toch het gevoel te hebben dat zij God toch nog waardig kunnen dienen. Ook heerst er een angst dat het coronavirus heel wat mensen weg zal brengen van de godsdienstbeleving, daar ze nu lekker alleen thuis kunnen blijven zonder verder veel taken te moeten opnemen. Anderen vinden dan weer dat er nu weer een middel is om de mens slaaf te maken van de wereldse gebondenheid.

Voor ons is het samenkomen van de gemeente onderdeel van ons leven waarbij wij onze verbondenheid met onze broeders en zusters bezegelen en onze dankbaarheid betuigen voor de Elohim  die Zijn heil schenkt en ons wil ontvangen in geloof en eerbaarheid. Dat samenzijn verrijkt ons telkens opnieuw en inspireert ons telkens weer de uitdagingen van deze wereld aan te gaan. Nu dat wij al voor meer dan vier maanden niet meer samen kunnen komen drukt dat wel op velen hun gemoed, omdat ze het gevoelen hebben dat ze de Adonai tekort schieten.

Misschien kunnen gelovigen van andere geloofsgroepen hierbij raad geven en oplossingen aanvoeren.

++

Aanverwante lectuur

  1. Zuiverheid en verantwoordelijkheid van leden en leiders in een gemeenschap
  2. Voor het eerst in jaren weer een Pesach in isolatie
  3. Geestelijke affaires in CoViD-19 afzonderingstijden
  4. 9 Av 2020 en Dagen van droefheid
  5. Een huis bouwen voor God
  6. Ontnomen van een gebedshuis #1 Doodveroorzakers
  7. Verzamelen, bijeenkomen, samenkomen, vergaderen
  8. Verzamelen of Bijeenkomen
  9. Een samenkomst of meeting
  10. Vergadering – Meeting
  11. Laat ons samen komen
  12. De voordelen van een kleine gemeenschap of een huiskerk
  13. De ecclesia als lichaam van Christus

+++

Gerelateerde berichten

  1. Afgescheidenheid
  2. in tijden van corona
  3. Eenzaamheid onder jongeren
  4. Geloofsgemeenschap: een netwerk van liefde
  5. Eenheid in verscheidenheid; Joh 17,20-26
  6. Levende stenen; Hnd 6,1-7; 1 Pt 2,4-9; Joh 24,1-12
  7. Verbonden na Corona
  8. Bidden?
  9. Waarom de stijl van een kerkdienst niets zegt of er levend geloof is
  10. Avondmaal vieren over kerkmuren heen
  11. Mijn nieuw boek: De Joodse Apostelen
  12. Christenen moeten joodse feesten niet houden.
  13. Kerk-zijn in context
  14. Kerk in de stad, stad in de kerk
  15. Liturgie als centrum van kerkzijn? [1]
  16. Wat gebeurt er in de eredienst?
  17. Techniek in de eredienst. Een zegen en een vloek?
  18. Nieuwe liturgie in Corona-tijd (?)
  19. Corona zal ons tot slaaf maken
  20. De positieve gevolgen van corona
  21. Wie schrijft die blijft!
  22. Versoepeling lock-down
  23. Wat is vrijheid?
  24. Angst, naastenliefde en corona-maatregelen
  25. Unlock jezelf!

4 Comments

Filed under Gezondheid, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Nieuwsgebeurtenissen - Journaal, Religieuze aangelegenheden, Sociale Aangelegenheden, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

Antwoord op Vragen van lezers: Vraag: Kunt u mij uitleggen wat er in Zacharia 3:2 wordt bedoeld met:‘Een brandhout uit het vuur gerukt’?

“ Jahwe zei tot de Satan: ‘Jahwe zal u terechtwijzen, Satan! Jahwe, die Jeruzalem heeft uitverkoren, zal u terechtwijzen. Deze Jozua is een stuk brandhout, dat aan het vuur ontrukt is!’” (Zac 3:2 WV78)

‘Een brandhout uit het vuur gerukt’

Terug keren

Omdat het volk in Jesaja’s tijd ver is afgedwaald, kondigt God Zijn oordelen aan. En niet het hele volk zal daaruit worden behouden; alleen een ‘rest’ daarvan, bestaande uit de getrouwen:

Want, Israël, al was je volk zo talrijk als zandkorrels aan de zee, slechts een rest zal terugkeren (Jes. 10:22).

Terugkeren betekent hier terugkeren tot God, en bij Paulus vinden we het daarom als

‘behouden worden’ (Rom. 9:27).

Bij Zacharia vinden we al een gedeeltelijke vervulling. Het uit ballingschap teruggekomen volk was begonnen de door de Babyloniërs verwoeste tempel weer te herbouwen, maar was daarmee gestopt toen het daarbij teveel tegenstand ondervond. Pas zo’n 20 jaar later namen ze dat weer op, toen God hun, door de profeet Haggai, verweet dat ze wel hun eigen huizen hadden herbouwd, maar de tempel maar hadden gelaten voor wat die was.

Het overblijfsel bij Zacharia

Zacharia begint met een serie van acht visioenen. In het 1e vraagt een engel:

‘HEER van de hemelse machten, hoe lang zal het nog duren voor u erbarmen toont met Jeruzalem en de steden van Juda, waarop u nu al zeventig jaar verbolgen bent?’ (1:12),

en het antwoord is:

‘zo zegt de HERE der heerscharen: Ik ben voor Jeruzalem en voor Sion in grote ijver ontbrand … nog zal de HERE Sion troosten, Jeruzalem nog verkiezen’ (vs 15,17, NBG’51).

Dat ‘verkiezen’ is een kenmerkende uitdrukking uit het tweede deel van Jesaja, over het herstel van het volk. Het volk heeft de herbouw van de tempel nu weer ter hand genomen, en vier jaar later is hij voltooid. Halverwege de herbouw, arriveert er een delegatie van elders, die komt vragen of ze nog door moeten gaan met het vasten en rouwen over de verwoesting ervan door de Babyloniërs, 70 jaar eerder. Zacharia geeft, namens God, een antwoord op die vraag, door hen er op te wijzen wat God twee jaar eerder had gezegd:

Zo zegt de HERE der heerscharen: Ik ben voor Sion in grote ijver ontbrand; in gloeiende ijver ben Ik ervoor ontbrand (8:2, NBG’51).

En God verzekert hun dat Hij nu een heel andere houding heeft jegens het volk dan vóór de hervatting van de herbouw. Doch dat geldt niet het hele volk, maar alleen het ‘overblijfsel’:

Maar nu ben Ik voorhet overblijfsel van dit volk niet meer zoals inde vorige dagen, luidt het woord van de Here der heerscharen(vs 11, NBG’51).

En daarom krijgen ze in eerste instantie ook geen direct antwoord op hun vraag (of ze nog moeten doorgaan met dat vasten), maar op het werkelijke probleem:

Dit moeten jullie doen (NBG’51): Spreek de waarheid tegen elkaar, bewaar de vrede door eerlijk en rechtvaardig recht tespreken; wees er niet op uit om een ander kwaad te doen en laat je niet verleiden tot meineed, want daar heb ik een afkeer van – spreekt de HEER’ (vs 16-17).

Dat rouw bedrijven is niet belangrijk. Wat van belang is, is de oorzaken wegnemen die tot de ballingschap hebben geleid.

Het visioen in Zacharia 3

Een paar hoofdstukken eerder in Zacharia vinden we een visioen dat die situatie symbolisch beschrijft. Maar we moeten ons er terdege van bewust zijn dat dit inderdaad een visioen is en absoluut geen werkelijkheid!

In zijn 4e visioen (Zach. 3) ziet Zacharia de hogepriester Jozua, gekleed in vuile kleren, iets waar volgens de wet van Mozes de doodstraf op stond. Hij staat voor ‘de engel van de HEER’, die namens God optreedt als rechter, terwijl ‘de satan’ als aanklager aan zijn rechterhand staat. Jozua vertegenwoordigt hier het volk, terwijl zijn vuile kleren de schuld van het volk symboliseren (zie vs 4). Zijn ‘aanklager’ heeft eigenlijk volkomen gelijk wanneer hij hem aanklaagt, maar toch weigert de engel van de HEER het doodvonnis uit te spreken. Want God had immers aangekondigd dat Hij het volk genadig zou zijn. Daarom spreekt hij ‘Jozua’ niet alleen vrij, maar bestraft hij zelfs de aanklager:

De HERE bestraffe u, satan, ja de HERE, die Jeruzalem verkiest, bestraffe u; is deze niet een brandhout uit het vuur gerukt? (3:2, NBG’51).

Dit wijst terug naar het openingsvisioen, waar God had gezegd dat Hij Jeruzalem weer zou verkiezen. Hij had het volk Zelf in ballingschap doen gaan, maar Hij had het daar ook Zelf weer uit bevrijd. Dat drukt Hij uit in dat beeld van een stuk brandhout dat al in het vuur lag, maar daar weer uit weggegrist is.

Dus lezen we dat Hij de schuld van het volk wegneemt, uitgebeeld doordat Jozua schone kleren krijgt, feestkleding zelfs (vs 4); een duidelijk beeld van Gods genade. Toch moeten we niet uit het oog verliezen dat het hier, net als bij Jesaja, uitsluitend over de getrouwen gaat, dat ‘overblijfsel’. Het 6e visioen verkondigt namelijk heel duidelijk dat er een vloek zal uitgaan, die de goddelozen zal treffen. Ook dat is een echo van Jesaja. En het 7e visioen beschrijft ons, in al even symbolische taal, hoe de zonde definitief uit het land zal worden weggedaan, en teruggevoerd naar het land Sinear, waar ze vandaan kwam. Sinear staat in de Bijbel symbool voor menselijke eigengerechtigheid. Het is de naam die we in Gen 11 vinden voor de vlakte van Mesopotamië, het land van de toren van Babel, waar Abraham uit werd weggeroepen, en waarheen het volk – toen het zich onverbeterlijk toonde – door God werd teruggevoerd in de Babylonische ballingschap, maar waar Hij het ook weer uit bevrijdde.

De toepassing in de brief van Judas

Dit betreft het volk van het Oude verbond. Maar het is niet anders voor dat van het Nieuwe. Ook dat is alleen gered door genade. Daarover gaat een passage in de brief van Judas. Helaas wordt die maar door weinig mensen begrepen.

De sleutel ligt in die woorden

“Moge de Heer u straffen” (vs 9),

die een rechtstreekse aanhaling zijn van Zach 3:2. Judas heeft het over valse profeten, die niet aarzelen hun medegelovigen te veroordelen, terwijl zij tegelijkertijd zelf de geboden van Christus aan hun laars lappen. Zij zijn als die goddelozen ten tijde van Zacharia. En dus verwijst hij daarnaar. Hij begint zijn voorbeeld daarom nadrukkelijk met te verwijzen naar de Schrift, die zijn lezers immers kennen:

Ik wil u eraan herinneren – ook al weet u dit alles wel – dat … Denk ook aan … En herinner u ook … (vs 5,6,7).

Om er dan op te laten volgen:

En toch doen deze zogenaamde zieners precies hetzelfde: ze … verwerpen het gezag van de Heer … Zelfs de aartsengel Michaël waagde het niet … te veroordelen toen hij met (de duivel) twistte over het lichaam van Mozes. Hij zei alleen: ‘Moge de Heer u straffen’ (Judas 8-9).

Let op dat ik in dit citaat enkele stukjes heb overgeslagen, gedeeltelijk omdat ze de aandacht afleiden van waar het over gaat, maar voor een deel ook omdat de vertalers van de NBV (net als de meeste vertalers) de connectie met Zach. 3 niet hebben gezien. Judas spreekt hier over een aartsengel (Zacharia over de ‘engel van de HEER’) en over de duivel (Zacharia over de satan) als aanklager. En hij spreekt over het volk van het Oude Verbond. Zacharia deed dat in het beeld van de hogepriester van toen. Judas gebruikt de term ‘het lichaam van Mozes’ (de gever van de Wet van het Oude Verbond), zoals Paulus elders spreekt over het volk van het Nieuwe Verbond als ‘het lichaam van Christus’ (de hogepriester van dat Nieuwe Verbond). Hij benadrukt dat Gods engel het ‘overblijfsel’ van het volk niet veroordeelde, maar integendeel vrijsprak en van hun schuld bevrijdde. Die engel bestrafte juist de aanklager. Zo zullen ook deze ‘aanklagers’ van de getrouwen die God heeft verlost van hun schuld, bij het oordeel worden bestraft (veroordeeld) in plaats van hun geloofsgenoten, boven wie zij zich zo verheven voelden.

Een voorbeeld om na te volgen

Maar Judas laat het daar niet bij. Hij trekt nog meer conclusies uit dat visioen. Hij vermaant zijn lezers zich niet door zulke valse profeten op de verkeerde weg te laten brengen:

Maar u, geliefde broeders en zusters, moet uw leven bouwen op het fundament van uw zeer heilige geloof … houd vast aan Gods liefde, en zie uit naar de barmhartigheid van onze Heer Jezus Christus, die u het eeuwige leven zal schenken (vs 20-21)

Gods liefde doelt zeker op de liefde waarmee God hen bevrijdde van schuld. Maar hij bedoelt ook dat wij op onze beurt die liefde en die barmhartigheid moeten betonen aan anderen, want hij vervolgt met:

Ontferm u over wie twijfelen en red hen (NBG’51) door hen aan het vuur te ontrukken. Uw medelijden met anderen moet (echter) gepaard gaan met vrees; verafschuw zelfs de kleren die ze met hun lichaam bezoedeld hebben (vs 22-23).

Medegelovigen die dreigen te worden meegesleurd door de verleidingen van die valse leraars, moeten zij op dezelfde manier ‘uit het vuur rukken’ als God het henzelf had gedaan, en (in dat visioen van Zacharia) zijn volk van destijds. Maar anderen die uit ongeloof of andere onzuivere motieven, tot het kwade neigen, moeten zij juist uit de weg gaan, zoals een Israëliet onder de Wet elke onreine (dat woord ‘bezoedeld’) uit de weg moest gaan. Hun vuile kleren worden niet, zoals die van Jozua, verwisseld voor een feestgewaad, want zij hebben die willens en wetens ‘bezoedeld’.

De les is dus dat wij de genade en barmhartigheid die God ons heeft betoond, op onze beurt zelf weer moeten betonen aan onze medegelovigen, in plaats van hen te veroordelen vanuit een houding van trots op onze eigen ‘gerechtigheid’. Niet veroordeling maar redding moet onze inzet zijn. Maar tegelijkertijd moeten wij ons niet inlaten met wie niet handelen uit zwakte, maar uit hoogmoed. Met hen moeten wij ons niet inlaten, want zij zouden ons kunnen meeslepen in hun val. Dat vraagt van ons dus onderscheidingsvermogen. Aan de ene kant mogen we ons niet onttrekken aan onze verantwoordelijkheid jegens onze medegelovigen, en aan de andere kant moeten we ons eigen geloof zo zuiver (‘rein’) mogelijk bewaren. Maar met Christus hulp moet dat lukken.

R.C.R

+

Voorgaande:

Antwoord op Vragen van lezers: Gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden

Leave a comment

Filed under Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Vragen van lezers

Wie was Melchisedek?

Reacties op in ons papieren blad verschenen artikelen:

Wie was Melchisedek?
Hebr. 7 zegt dat hij geen vader of moeder had,
en geen oorsprong of levenseinde.
Was hij een engel? Of Jezus zelf?

We ontmoeten Melchisedek zelf in Genesis 14:

En Melchisedek, de koning van Salem, liet brood en wijn brengen. Hij was een priester van God, de Allerhoogste, en sprak een zegen over Abram uit … Abram gaf aan Melchisedek een tiende van wat hij had heroverd. (Gen. 14:18-20)

Deze Melchisedek verschijnt hier heel plotseling in het verhaal, en verdwijnt weer even plotseling daaruit. We lezen niet wie hij feitelijk was, of van wie hij afstamde. We lezen alleen dat hij ‘koning van Salem’ was, en ‘priester van God’, dat hij Abram zegende, en dat Abram hem tienden gaf van de buit. Dat is dus niet veel informatie, maar het stelt ons toch niet echt voor problemen. Kennelijk leefde er in Kanaän een plaatselijke koning die tevens priester was van de ware God. Hij zegent Abram, en Abram erkent in hem zijn meerdere want dat is waar die zegening en dat geven van die ‘tienden’ op neer komt. Daarna komen we alleen zijn naam nog tegen: eerst in Ps. 110:4, en de brief aan de Hebreeën geeft daar commentaar op. Dat zijn de beide andere keren dat hij in de Bijbel genoemd wordt. In Hebr. 5 lezen we:

Ergens anders [nl. in Ps. 110:4] zegt (God):

‘Jij [de Messias] zult voor eeuwig priester zijn, zoals ook Melchisedek dat was.’ … En Hijwerd … een bron van eeuwige redding, omdat God Hem heeft uitgeroepen tot hogepriester zoals Melchisedek dat was. (Hebr. 5:6,10)

In hoofdstuk 7 legt hij dat verder uit:

Want deze Melchisedek, koning van Salem en priester van de allerhoogste God, ging Abraham tegemoet … en zegende hem, waarna Abraham hem een tiende van alle buit gaf. Zijn naam betekent ‘koning van de gerechtigheid’, en verder is hij ook koning van Salem, dat is ‘koning van de vrede’. Hij heeft geen vader of moeder, geen stamboom, geen oorsprong of levenseinde en lijkt op de Zoon van God – hij is priester voor altijd. (Hebr. 7:1-3)

Het is duidelijk dat hier de moeilijkheden liggen. Zijn naam, zegt de schrijver, is een samenstelling van melek (koning) en zadok (gerechtigheid). Verder is hij koning van Salem, dat verwant is aan shalom (vrede). Bedenk daarbij dat het Hebreeuws geen klinkers kent, en dat de weergave van een Hebreeuwse klank door een ‘s’ of een ‘z’ een keuze van de vertalers is (dus is er bijv. geen wezenlijk verschil tussen sedek en zadok). Daarmee is hij volgens de schrijver een (symbolisch!) beeld van de Messias (Christus), die de werkelijke koning der gerechtigheid is (bijv. Jes. 11:4-5 en 32:1), en koning des vredes (bijv. Jes. 9:5). Let dus op dat hij niet betoogt dat deze Melchisedek de Messias is, maar dat hij er een beeld van is! Vervolgens licht hij bepaalde aspecten van die verzen in Gen. 14 eruit en betoogt dat die zijn lezers (Hebreeën, dat is: Joodse christenen!) iets vertellen over de eigenschappen van dat Messiasschap.

De problemen ontstaan nu uit het feit dat zijn argument niet alleen berust op wat ons van Melchisedek wordt verteld, maar voor een deel juist op wat ons niet wordt verteld. Het gaat hem er dus niet zozeer om wie of wat de werkelijke Melchisedek was, maar om de manier waarop hij ons in Genesis wordt gepresenteerd. Zijn argument is dan dat het priesterschap van Melchisedek een beeld is van dat van Christus, en daaruit leidt hij af dat het priesterschap van de Messias groter is dan het Levitische priesterschap dat zijn lezers kenden, en dat zijzelf als de hoogste vorm van priesterschap zagen. Dat Levitische priesterschap, betoogt de schrijver, moest voortdurend van vader op zoon worden doorgegeven, omdat zij op een gegeven moment nu eenmaal dood gingen (Hebr. 7:23). Maar het priesterschap van de Messias is volgens Ps. 110 eeuwig (zie Hebr.5:6). En dat wordt dan geïllustreerd door het feit dat ons van Melchisedek geen afstamming en geen geboorte of dood wordt medegedeeld (Hebr. 7:3). Natuurlijk is hij in werkelijkheid gewoon geboren, uit menselijke ouders, en ook weer een keer gestorven. Maar door deze manier van presenteren is hij, betoogt de schrijver, een beeld van de Messias die zijn priesterschap van niemand heeft geërfd (vs 16) en die in werkelijkheid tot in eeuwigheid priester blijft (vs 24). Tenslotte noemt hij het feit dat Abram onderdanigheid betoont aan Melchisedek, en dat Abrams nakomeling Levi (als afstammeling altijd minder dan zijn stamvader) daarmee dus eveneens ondergeschikt is aan deze Melchisedek. En dat geldt dan dus ook voor Levi’s priesterschap ten opzichte van het priesterschap ‘zoals dat van Melchisedek’, dus (uiteindelijk) voor het priesterschap van de Messias zelf.

++

Aansluitende lectuur

  1. De nacht is ver gevorderd 8 Studie 2 Schrik of troost 4 De wereld rond Israël

+++

heb2 priest

Gerelateerd

  1. Melchisedek
  2. Jesus Breaks Through

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religious affairs, Vragen van lezers

Wat betreft het “Getal van de duivel”

Het Getal van het Beest

Begin juni 2006 meldde het nieuws dat bijbelgetrouwe christenen op 6 juni wereldwijd in gebed zouden gaan. Want op de zesde van de zesde van het jaar zes van dit nieuwe millennium zou anders de duivel kunnen toeslaan en zijn verwachte wereldheerschappij gaan vestigen. Zes-zes-zes was immers het getal van de duivel.

Hoewel dit intussen oud nieuws lijkt, is de achterliggende mentaliteit steeds actueler aan het worden. Zulke acties zijn typerend voor veel goed-bedoeld, maar onbijbels denken over het boek Openbaring.

Wat hier fout aan is?

Het getal van het beest is niet zes-zes-zes (dat is een Amerikaanse manier om een getal aan te geven) maar zeshonderd-zestig-zes. De Griekse tekst van Openbaring gebruikt namelijk geen getallen maar woorden. En voor zover het Grieks wel ‘cijfers’ kent (er is één handschrift bekend waarin het getal wel in getalwaarden staat weergegeven) zijn deze verschillend voor 600, voor 60 en voor zes. We zijn nog lang niet aan het jaar 600, terwijl de 60e maand van dat jaar ook problemen gaat geven. Het getal is dan ook geen datum: het is ‘het getal van zijn naam’ (Openbaring 13:17). En het is ook niet het getal van de duivel, want het is ‘een getal van een mens’ (vs 18).

Dit soort interpretatie van Openbaring, meer gebaseerd op geloofsijver dan op bijbelkennis, is afkomstig uit Amerika, waar het grote aanhang heeft. Maar er zitten bedenkelijke kantjes aan zulk enthousiasme. Gebrek aan werkelijke kennis van de tekst van Openbaring, en vooral de onderlinge samenhang daarin, in combinatie met de neiging de ‘spectaculaire’ symboliek van het boek letterlijk op te vatten, kan snel leiden tot onjuiste toekomstverwachtingen. Uit enkele recent verschenen boeken van Amerikaanse politieke auteurs blijkt verder, hoezeer groepen die deze opvattingen aanhangen de Amerikaanse politiek momenteel beïnvloeden. Dat kan een gevaarlijke combinatie vormen.

+

Omtrent de duivel kan u verder lezen:

  1. Gevallen engelen
  2. Gevallen engelen en hun verblijf
  3. Duivel, Satan, Lucifer, Demon, Goed en Kwaad en God
  4. Begrippen satan en duivel in de Bijbel
  5. Satan of Duivel
  6. Satan het kwaad in ons
  7. Lucifer
  8. Hoe leest u?: Lucifer
  9. Hoe de Satan vandaag rond toert
  10. Schapen en bokken 4 Addendum 2: Eeuwig branden in de hel
  11. God meester van goed en kwaad
  12. Hemel en hel
  13. Media geen werk van Satan, een duivelse engel

1 Comment

Filed under Nederlandse teksten - Dutch writings, Politieke aangelegenheden, Vragen van lezers, Wereld aangelegenheden