Category Archives: Geestelijke aangelegenheden

Vermoeid zijn en rust vinden


De meeste van ons weten wat vermoeidheid is. We zijn allemaal wel eens moe. Sommigen zelfs altijd, door ziekte of door een vermoeiend leven. Toch hebben wij allerlei dingen die ons het leven makkelijker maken: een stofzui-ger en een wasmachine, een grasmaaier en een elektrische boormachine, een auto of bromfiets (of anders een bus of een trein).
In de oudheid kenden ze maar één manier om zwaar werk te vermijden: het een ander laten doen. Maar daarvoor moest je rijk zijn. Was je dat niet, dan moest je het zelf doen, want er waren geen batterijen en stopcontacten, laat staan motoren.

 

 

Zwoegen

Het Grieks van het NT gebruikt voor vermoeidheid het woord kopos, en voor moe worden kopiaō. In het gewone taalgebruik betekent kopos ‘het verrichten van een inspanning die vermoeid maakt’, en vervolgens die vermoeidheid zelf. Het werkwoord kopiaō betekent ‘zwoegen’ of ‘zich afmatten’ en vervol-gens: daarvan ‘vermoeid of afgemat worden’. Ook in de Septuaginta, de Griekse vertaling van het OT, vinden wij dit woord. Eleazar, een van Davids helden, richtte een slachting aan onder de Filistijnen “tot zijn hand vermoeid werd” (2 Sam. 23:10). God zegt tegen Israël:

“Zo gaf Ik u een land, waarvoor u niet gezwoegd hebt” (Joz. 24:13).

In Psalm 6:7 zegt David:

“Ik ben afgemat van mijn zuchten”.

Dus niet alleen fysieke arbeid of letterlijk als soldaat vechten, maar ook verdriet en benauwdheid (door tegenstanders aangedaan) kunnen ons afmatten. Wat een vreugde is het dan om te weten dat in het komende Vrederijk het zwoegen niet tevergeefs zal zijn (Jes. 65:23).

Reizen

Vooral reizen was in het oude Israël een vermoeiende bezigheid. In het gunstigste geval kon je een ezel of een kameel het zware werk laten doen, maar meestal moest je gewoon lopen. De apostel Johannes zegt dat Jezus, bij de bron van Sichar, vermoeid was van zijn tocht (Joh. 4:6). Wij mogen ervan uitgaan dat Jezus dikwijls grote afstanden te voet aflegde. Vaak was het warm en droog. Het tijdig drinken van water was van levensbelang, want uitdroging lag op de loer. Wie wel eens door de Judese woestijn heeft gereisd (en uiteraard geldt dat voor elke woestijn), weet dat regelmatig water drinken absoluut noodzakelijk is. De apostelen Paulus accepteert de moeiten en zware inspanningen van het reizen, en van het daarmee gepaard gaande leven, als een normaal aspect van zijn bestaan:

“Wij doen onszelf in alles kennen als dienaren Gods: in veel dulden, in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden, in slagen, in gevangenschappen, in oproeren, in moeiten (kopos), in nachten zonder slaap, in dagen zonder eten” (2 Kor. 6:4,5).

Zijn inspannend werken verzekert hem dat hij een ware dienaar is van Christus (zie ook 2 Kor. 11:23,27). Zijn handwerk wordt vermeld in 1 Kor. 15:10:

“Ik heb meer gearbeid (NBV: harder gezwoegd) dan zij allen”.

Om in zijn levensonderhoud te voorzien verrichtten hij en zijn reisgenoten ‘zware handenarbeid’ (1 Kor. 4:12). En hij herinnert zijn mede gelovigen hieraan:

“Want gij herinnert u, broeders, onze moeite(kopos) en inspanning. Terwijl wij nacht en dag werkten, om niemand uwer lastig te vallen, hebben wij u het evangelie van God gepredikt (1 Thess. 2:9).

In 1 Kor. 16:16 lezen we:

“Stelt u dan ook onder zulke mensen, en onder ieder, die medewerkt en arbeidt (kopiaō)”.

De NBV geeft die twee werkwoorden weer met slechts één woord:

“die zich samen met hen zoveel moeite geven”.

Maar het Grieks van Paulus zelf is krachtiger:

mee werkend en arbeidend.

In Luk. 5:5 lezen we de woorden van Petrus, woordvoerder van de vissers die discipelen van Jezus waren

“Meester, de hele nacht hebben wij hard gewerkt.Ook hier is het woord kopiao,en het behoeft geen verdere uitleg dat hij het heeft over ingespannen arbeid op een vissersboot.

Geestelijke rust

Maar het woord kreeg ook een figuurlijke betekenis:

“Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast bent, en Ik zal u rust geven” (Matt. 11:28).

Wie tot Jezus komt, doet dat in de verwachting van zijn geestelijke vermoeidheid te worden bevrijd. Die geestelijke vermoeidheid kan het gevolg zijn van het krampachtig vasthouden aan menselijke tradities, of van niet aflatende pogingen om perfectie te bereiken. Want al doen we nog zo ons best, het lukt ons gewoon niet. Joden, vroeger en nu, en christenen gaan gebukt onder het besef van hun falen, de angst voor straf en de gewetensnood die daarvan het gevolg is. Jezus bevrijdt ons daarvan en dat verklaart de wonderlijke rust die hij ons geeft. Door Jezus maakt God ons vrij van zonden en geeft ons rust en vrede. Gods zoon maakt ons vrij van een uitzichtloos leven, van schuld en van de dood. Het geheim is gelegen in het feit dat Jezus’ juk zacht is en zijn last licht. De reden is dat Hij onze schuld gedragen heeft en dat hij onze last mee-draagt. Hij wekt de gelovigen op zich altijd volledig in te zetten voor het werkvan de Heer:

“… in het besef dat door de Heer uw inspanning (kopos, enkelvoud) nooit tevergeefs is” (1 Kor. 15:58).

Ook deze bezigheid is arbeid die vermoeid maakt. Maar nu is het een vermoeidheid die niet tevergeefs is.

“Gelukkig zijn zij die vanaf nu in verbondenheid met de Heer sterven. En de Geest beaamt: Zij mogen uitrusten van hun inspanningen (kopos,meervoud), want hun daden vergezellen hen’” (Openb. 14:13).

MR/RCR

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Geschiedenis, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Voelen en Welzijn

De deur van God om de stad van God binnen te treden


“De deur van God is nederigheid.
Onze vaders, door de vele beledigingen die ze ondergingen
traden de stad van God binnen.”
~ John the Short’

 

Leave a comment

Filed under Aanhalingen of Citaten, Bezinningsteksten, Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden

Delen van een Christen leven


“Als iemand me zou vragen wat het eerste, tweede en derde deel van een Christen leven zou zijn,
moet ik antwoorden: ‘Actie!'”
~ Thomas Brooks’

Naam

Leave a comment

Filed under Aanhalingen of Citaten, Bezinningsteksten, Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings

Veel liefhebbende is ook veel doende


””Hij die veel liefheeft, doet veel.”
~ Thomas à Kempis.”

 

Leave a comment

Filed under Aanhalingen of Citaten, Bezinningsteksten, Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings

Bedenking: Geloof in Jezus laten zien door zijn leer na te leven


“Tenzij we zijn leringen naleven,
laten we geen geloof in hem zien.”
~ Ezra Taft Benson

 

Leave a comment

Filed under Aanhalingen of Citaten, Bezinningsteksten, Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings

Bedenking: Uitstappen in geloof


”Wanneer je uitstapt in geloof, zie je vaak een doorbraak”
~ Bobby Schuller

Bobby Schuller zegt dat je in veel bijbelverhalen ziet dat mensen eerst een stap in geloof zetten – niet wetend wat komen gaat- om vervolgens daarna de verandering te zien.

Ik realiseer me dat daar enorm veel moed voor nodig is, maar jij bent moedig. Maak de keuze vandaag!
Welke keuze stel jij al een tijdje uit?

Robert H Schuller zegt:

‘If it is going to be, it is up to me!”

Leave a comment

Filed under Aanhalingen of Citaten, Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden

Wanneer zal de bruiloft van het Lam gebeuren

Reacties op in ons gedrukt tijdschrift verschenen artikelen:

Wanneer zal de bruiloft van het Lam gebeuren

Vraag: Ik hoor verschillende meningen over de bruiloft van het Lam. Waar en wanneer zal dat gebeuren, en wie zullen daar bij zijn?
Kunnen jullie mij wat Bijbelteksten geven die daar duidelijk over zijn?

Antwoord: De uitdrukking ‘de bruiloft van het Lam’ is afkomstig uit het Bijbelboek Openbaring: Openb. 19:6-10, meer speciaal vs 6b-8.

“6 Toen hoorde ik een geluid als van een grote menigte en als het gedruis van vele wateren en als het dreunen van zware donderslagen, en zij riepen: Alleluja! De Heer, onze God, de Albeheerser heeft zijn koningschap aanvaard. 7 Laat ons blij zijn en juichen en Hem de eer geven: de tijd is gekomen voor de bruiloft van het Lam en zijn bruid heeft zich al klaargemaakt.’ 8 (Voor haar bruidskleed kreeg ze smetteloos, blinkend lijnwaad; zinnebeeld van de goede daden van de heiligen.) 9 En de engel zei tot mij: ‘Schrijf op: zalig zijn die genodigd zijn tot het bruiloftsmaal van het Lam’. En hij voegde eraan toe: ‘Dit zijn de eigen woorden van God.’ 10 Toen viel ik voor zijn voeten neer om hem te aanbidden, maar hij zei: ‘Dat nooit! Aanbid God alleen. Ik ben slechts een dienstknecht zoals gij en uw broeders die het getuigenis van Jezus bezitten.’ Het getuigenis van Jezus immers is het dat de profeten bezielt.” (Opb 19:6-10 WV78)

Wanneer: Openbaring is een moeilijk boek, waar veel opvattingen over worden verkondigd. Maar eraan vooraf gaan de hoofdstukken 17-18, die spreken over een macht die oorlog voert tegen de heiligen (in het NT een aanduiding van de ware gelovigen, zie bijv. Rom. 1:7, en andere brieven van Paulus), en die wordt aangeduid met de naam ‘Het grote Babylon’. Die macht wordt in hoofd-stuk 18 geoordeeld (veroordeeld). In 18:24 wordt van haar gezegd:

… en in haar werd gevonden het bloed van profeten en heiligen en van allen,die geslacht zijn op de aarde.

Dit spreekt over vervolging van de gelovigen. In 19:1-4 worden dan over dat oordeel lofprijzingen geuit:

Hierna hoorde ik als een luide stem ener grote schare in de hemel zeggen: Halleluja! Het heil en de heerlijkheid en de macht zijn van onze God, want waarachtig en rechtvaardig zijn Zijn oordelen, want Hij heeft de grote hoer geoordeeld, die de aarde met haar hoererij verdierf, en Hij heeft het bloed zijner knechten van haar hand geëist. En zij zeiden ten tweeden male: Halleluja! En haar rook stijgt op tot in alle eeuwigheden. En de vierentwintig oudsten en de vier dieren wierpen zich neder en aanbaden God, die op de troon gezeten is, en zij zeiden: Amen, halleluja!

De passage herinnert ons aan Jesaja. Daarin wordt ook gesproken over de ondergang van Babel, dat Gods volk in ballingschap had gevoerd, maar dat daarvoor door God geoordeeld werd. De ondergang van dat Babel betekende de bevrijding van Gods volk (in dat deel van Jesaja veelvuldig aangeduid als ‘Gods knechten’), maar staat bij Jesaja ook als een symbool van de bevrijding uit die andere gevangenschap: die van de zonde en de dood.

Zonder verderop alle details in te willen gaan, wil ik hier stellen dat dit verwijst naar de tijd van de opstanding (die plaats zal vinden bij Jezus’ wederkomst) wanneer de ‘wereld’ die door de eeuwen heen de ware gelovigen heeft verdrukt en vervolgd daarvoor geoordeeld zal worden, maar wanneer ook de dood van zijn kracht zal worden beroofd.

Hoererij staat voor valse leer (het beeld komt vooral uit Ezech. 23) en uit Openb. 17 & 18 blijkt dat de ‘afgoderij’ van de wereld vooral bestaat uit het dienen van de Mammon: de lust van het geld. De voor altijd opstijgende rook is een beeld dat uit Jes. 34 stamt, en heeft betrekking op het oordeel over Gods vijanden en de vijanden van Zijn volk. Maar laat u niet misleiden door de kop ‘gericht over Edom’. Het is duidelijk dat het gaat over een vernietiging die plaats heeft in het land Edom, maar die alle volken betreft (zie vs 1-2).

In Openb. 19, vanaf vs 11 zien we een beschrijving van een triomferende Messias (Christus) die vonnis velt en oorlog voert tegen de onrechtvaardigen. En in Openb. 20 lezen we over het begin van Gods Koninkrijk (daar aangeduid als een heerschappij van 1000 jaar) en over de eerste opstanding. Dat stemt overeen met wat ik boven al aangaf.

Conclusie 1: Het heeft betrekking op de tijd van Jezus’ wederkomst, wanneer hij oordeel velt en Zijn (Gods) Koninkrijk vestigt. Wij verwachten dit nu betrekkelijk snel.

Wie We lezen in 19:7b-8:

… de bruiloft des Lams is gekomen en zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt; en haar is gegeven zich met blinkend en smetteloos fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de rechtvaardige daden der heiligen. Zijn bruid mag zich kleden met ‘smetteloos fijn linnen’ en dit zijn ‘de rechtvaardige daden der heiligen’.

Dat laat maar één conclusie toe: de bruid bestaat uit de gerechtvaardigde heiligen (= gelovigen).

Overigens meen ik dat de vertaling beter zou luiden als in de Statenvertaling:

‘de rechtvaardigmakingen der heiligen’.

De uitdrukking wijst terug naar zulke passages als:

Die de bruid heeft, is de bruidegom (Joh. 3:29, Joh. de Doper over Jezus) Want ik heb u verbonden aan één man, om u als een reine maagd voor Christus te stellen (2 Kor. 11:2, Paulus aan de gelovigen te Korinte)

Mannen, hebt uw vrouw lief, evenals Christus zijn gemeente heeft lief gehad en Zich voor haar overgegeven heeft, om haar te heiligen, haar reinigende door het waterbad met het woord, en zo zelf de gemeente voor Zich te plaatsen, stralend, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, zo dat zij heilig is en onbesmet.(Efez. 5:25-27, Paulus aan de gelovigen te Efeze)

Dit wordt herhaald in Openb. 21:2 en 9, Openb. 22:17. En de gedachte vinden we al in het OT met betrekking tot het gehele volk in bijv. Jer. 2:2, Ezech.16:8 en 23:4; alleen ligt daar de nadruk op hun huwelijksontrouw.

Conclusie 2: De ‘bruid’ is een aanduiding van de gemeente, d.w.z. de gezamenlijke gelovigen, levend ten tijde van Jezus’ wederkomst of in de periode daaraan voorafgaand (uiteraard voor zover zij bij het oordeel worden aangenomen).

Waar De ‘bruiloft’ is uiteraard een beschrijving van de aanname van de gemeente door Christus. Of dat plaats zal vinden op een bepaalde plek op aarde wordt ons in de Bijbel niet verteld, laat staan wáár die plek zich dan zou bevinden. Het gaat om het feit, niet om de locatie. Wel weten we dat de heiligen na Jezus’ wederkomst met hem zullen regeren in zijn Koninkrijk (Openb. 20:6), en we weten dat dit Koninkrijk wereldwijd zal zijn. Dus hun taken zullen zich uiteindelijk overal op aarde bevinden.

“ Zalig en heilig die deel hebben aan de eerste opstanding! Over hen heeft de tweede dood geen macht. Zij zullen priesters zijn van God en Christus, en met Hem als koningen heersen, duizend jaren lang.” (Opb 20:6 WV78)

RCR

 

+

Vindt ook te lezen:

  1. Wereld waarheen? #5 De Val van Babel
  2. De Knecht des Heren #5 De Gezalfde gezant
  3. Christus in Profetie #3 De Knecht in Jesaja (3) Gezalfde
  4. Christus in Profetie #5 De Knecht in Jesaja (5) Verhoging van de Knecht
  5. Verlossing #4 Het Paaslam
  6. De Wederkomst en de eindtijd #2 Blik op de nabije toekomst
  7. De Wederkomst en de eindtijd #4 De komende toorn

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Vragen van lezers

Joodse emigratie niet volgens de tijd van Nederlandse christenen

Nederland mocht het afgelopen jaar een kleine 25.000 Joden zien vertrekken naar Israël. Dat is natuurlijk wel een flink aantal, maar afgezet tegen de miljoenen Joodse mensen die nog buiten Israël verblijven, is het geen opzienbarend groot aantal. Toch willen de Nederlandse christenen dat alle Joden maar zo snel mogelijk naar Israël zullen verhuizen.

Het zal voor velen niet naar hun zin zijn om te horen dat lang niet alle Joden die gaan emigreren, als bestemming Israël kiezen. En er zijn ook Joodse mensen die Israël verlaten om ergens anders een nieuw thuis op te bouwen.

Niet alle Joden zien het als noodzaak om hun huidige ‘thuisland’ te ruilen voor het “thuisland Israël”. Het Zionisme is niet bij iedereen ingebakken in het bloed. Voor ouders met jonge kinderen is er ook het onaanvaardbare dat zij hun kinderen daar in het leger zouden moeten laten gaan (wegens de verplichte legerdienst die nu ook door de gelovigen moet volbracht worden). Wapendracht is totaal tegen de Wil van God en onverzoenbaar met ons geloof.

Wij merken wel dat er, vooral bij Nederlandse en Amerikaanse evangelische gelovigen de gedachte heerst dat alle Joden zullen moeten vergaderd zijn of bijeen moeten gekomen zijn vooraleer de Messias zou terugkeren. Men kan hierbij de vraag stellen

Uit welke tekst in de Bijbel valt op te maken dat alle Joodse mensen al thuis in Israël moeten zijn als de heer Jezus, de Messias, terugkeert naar deze aarde?

Het is wel gekend dat Jehovah God Zijn volk thuis zal brengen, in hun eigen land, en niet Jezus. Ook staat daar nergens een datum op geplakt. Zelfs betreft de dag van terugkeer van Jezus, wist zelfs hij zelf niets af, omdat zulke zaken alleen God gegeven zijn.

Wij denken in jaren en aantallen, God is het die dagen en jaren bepaalt, zelfs voor de terugkomst van Zijn eigen geliefde zoon.

Het is aan de Heer Jehovah om Zijn hand weer op te steken om het overblijfsel van Zijn volk terug te krijgen, en om een ​​banier voor de natiën op te richten, om de verdrevenen van Israël te verzamelen en de verstrooiden van Juda vanuit de vier hoeken van de wereld te verzamelen. Iedereen zal mogen te weten komen dat er een snelweg zal zijn voor het overblijfsel van God,  Zijn volk, dat zal blijven, vanuit vele windstreken, zoals er voor Israël was op de dag dat Israël uit het land Egypte kwam.

Jesaja 11:11-16 lijkt daar op te wijzen:

“11 Geschieden zal het te dien dage:

doorgaan zal mijn Heer met het opheffen van zijn hand om te verwerven het overblijfsel van zijn gemeente,- dat overblijft uit Asjoer en Egypte, uit Patros en Koesj, uit Elam, Sjinar en Chamat, en van de eilanden in de zee. 12 Opheffen zal hij een vaandel onder de volken en verzamelen Israëls verstotenen; Juda’s verstrooiden zal hij bijeenhalen van de vier vleugels van de aarde. 13 Wijken zal de naijver van Efraïm en wie Juda benauwen worden weggemaaid; Efraïm zal Juda niet meer benijden en Juda Efraïm niet benauwen. 14 Over de schouder van de Filistijnen zullen ze zeewaarts vliegen, samen zullen ze de zonen van het oosten buitmaken,- terwijl zij naar Edom en Moab hun hand uitstrekken en de zonen van Amon hen gehoorzamen. 15 Eens deed de ENE de tong van Egyptes zee in de ban, terwijl hij nu met zijn hand wenkt tegen de Rivier met de gloed van zijn geestesadem; uiteenslaan zal hij hem tot zeven beken en op schoenen zal men daardoorheen zijn weg gaan. 16 Wezen zal er een straatweg voor het overblijfsel van zijn gemeente dat zal overblijven uit Asjoer,- zoals er een was voor Israël op de dag dat hij opklom uit het land van Egypte.” (Jes 11:11-16 NB)

Het kan gerust zijn dat wij nog meer tekenen zullen gaan zien, dan diegene die wij nu al waar kunnen nemen. Er wordt namelijk ook over een banier gesproken die zal opgeheven worden onder de goyim of heidenvolken, zodat de verdrevenen van Israël en die vanuit Juda overal verspreid zijn, zullen worden teruggebracht van de vier hoeken van de aarde.
Laten we ons dus maar geen zorgen maken, de Elohim Hashem Jehovah zorgt er Zelf wel voor dat Zijn volk, op Zijn tijd, thuis zal komen.

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Nieuwsgebeurtenissen - Journaal, Religieuze aangelegenheden, Wereld aangelegenheden

Wonderen van de Schepping: De dadelpalm

De Phoenix dactylifera, algemeen bekend als dadel of dadelpalm, is een bloeiende plantensoort uit de palmfamilie Arecaceae, gekweekt vanwege zijn eetbare zoete vruchten.

Hoewel de exacte plaats van herkomst onzeker is vanwege de lange teelt, is het waarschijnlijk afkomstig uit het vruchtbare halve maangebied dat zich uitstrekt tussen Egypte en Mesopotamië.

De soort wordt op grote schaal gekweekt in Noord-Afrika, het Midden-Oosten, de Hoorn van Afrika en Zuid-Azië en wordt in veel tropische en subtropische regio’s over de hele wereld genaturaliseerd.
P. dactylifera is het type soort van het geslacht Phoenix, dat 12-19 soorten wilde dadelpalmen bevat, en is de belangrijkste bron van commerciële productie.

+

Phoenix dactylifera was van grote betekenis in het vroege jodendom en vervolgens in het christendom, deels omdat de boom in het oude Palestina zwaar werd gekweekt als voedselbron.

In de Bijbel wordt naar palmbomen verwezen als symbolen van welvaart en triomf.
In Psalm 92:12 “De rechtvaardigen zullen bloeien als de palmboom”.

Palmtakken kwamen voor als iconografie in sculpturen die de Tweede Joodse Tempel in Jeruzalem sierden, op Joodse munten en in de sculptuur van synagogen.
Ze worden ook gebruikt als versiering op het Loofhuttenfeest.
Palmtakken waren voor Jezus verspreid toen hij Jeruzalem binnenkwam op wat velen nu noemen: Palmzondag.

*

Voorbeelden uit de natuurwereld van Gods’ grote wijsheid: De dadelpalm

Een kenmerkende boom van het Midden-Oosten

Het palmbos van Elche

De dadelpalm is een van de kenmerkende bomen van het Midden-Oosten, en werd in Bijbelse tijd veel gekweekt in Israël. In de Jordaanvallei groeiden dichte palmbossen, en Jericho werd bekend als “de palm-stad” (Deuteronomium 34:3; 2 Kronieken 28:15).

“de Negev, de Jordaanvallei en de vlakte bij de palmstad Jericho, tot aan Soar.” (De 34:3 NBV)

“Speciaal daartoe aangewezen mannen namen de gevangenen onder hun hoede. Met wat in de buit voorhanden was kleedden ze degenen die naakt waren. Ze kleedden en schoeiden ze, gaven hun te eten en te drinken, verzorgden hun wonden en zetten degenen die moeizaam voortstrompelden op ezels. Zo begeleidden ze hen tot aan de palmstad Jericho, aan de grens met het gebied van hun broeders, waarna ze terugkeerden naar Samaria.” (2Kr 28:15 NBV)

In de Bijbel lezen wij over een oase in de woestijn Sinaï, met zeventig palmbomen die, met de daarbij behorende bronnen, zorgden voor lafenis en verfrissing voor de Israëlieten.

Vespasianse sestertius, geslagen in 71 om de overwinning op de joden te vieren. Op de achterkant staat: IVDEA CAPTA “Judaea veroverd” met een wenende vrouw onder een dadelpalmboom.

Israëlische archeoloog en professor Ehud Netzer die o.a. verantwoordelijk was voor de vondst van het graf van Herodes bij Herodion in 2007.

De Romeinse natuurkenner Plinius de Oudere, die in de eerste eeuw na Christus leefde, roemde de dadels uit Judea om hun sappigheid en zoetheid. Feitelijk was de dadelpalm zo nauw met Judea verbonden, dat de Romeinse keizer Vespasianus, die het land in 70 GT veroverde, dit vierde door een bronzen muntstuk uit te brengen waarop de staat Judea stond afgebeeld als een wenende vrouw onder een dadelpalm. Na de wegvoering van de Joden uit hun land, stierven ook de Judeese dadelpalmen uit. De palmen in het huidige Israël zijn geïmporteerd uit Californië, maar hebben hun oorsprong in Irak.

Het oudste ontkiemde boomzaad

Dates on date palm.jpg

Vele zoete vruchten aan een dadelpalm

Merkwaardig genoeg wisten onderzoekers in Israël onlangs een oud Judees palmzaadje te laten ontkiemen. De zaden waren afkomstig uit een kruik, die in de jaren zeventig was opgegraven door de archeoloog Ehud Netzer.  Door middel van de ‘radiokoolstof’ dateermethode schat men dat de zaden zo’n 2.000 jaaroud zijn, en daarom is dit boomzaad het oudste dat tot nu toe met succes ontkiemd is.

Palmbomen vallen op door hun heel lange (tot zes meter!) ‘takken’ die eigenlijk de bladeren zijn. Vandaar hun gebruik als ‘bouwmateriaal’ voor de hutten, die de Israelieten plachten te maken voor het Loofhuttenfeest (Leviticus23:40).

“De eerste dag moeten jullie mooie vruchten plukken en takken afsnijden van dadelpalmen, loofbomen en beekwilgen. Zeven dagen lang moeten jullie feestvieren ten overstaan van de HEER, jullie God.” (Le 23:40 NBV)

De palmboom wordt ook als beeld gebruikt voor sierlijkheid en bevalligheid, zodat Israëlische meisjes zo werden genoemd: ‘Tamar’ (Hooglied 7:7; 2 Samuel 13:1). Dat beeld werd door de psalmist ook op de rechtvaardigen toegepast (Psalm 92:13).

Bij zijn komst in Jeruzalem werd de heer Jezus door de scharen verwelkomd met palmtakken, en als hij terugkomt, zullen de heiligen, de gelovigen uit alle plaatsen en tijden, hem ook zo huldigen (Johannes 12:13; Openbaring 7:9-10).

“haalden ze palmtakken en liepen ze de stad uit, hem tegemoet, terwijl ze riepen:

‘Hosanna! Gezegend hij die komt in de naam van de Heer, de koning van Israël.’” (Joh 12:13 NBV)

“9 Hierna zag ik dit: een onafzienbare menigte, die niet te tellen was, uit alle landen en volken, van elke stam en taal. In het wit gekleed en met palmtakken in hun hand stonden ze voor de troon en voor het lam. 10 Luid riepen ze:

‘De redding komt van onze God die op de troon zit en van het lam!’” (Opb 7:9-10 NBV)

DB/CT

*

+

Voorgaande

Wonderen van de Schepping: De acacia

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Geschiedenis, Natuur, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Wereld aangelegenheden

Er werd ons gevraagd: Jezus leert ons bidden; ‘leidt ons niet in verzoeking’. Betekent dit dat het God is die ons in verzoeking leidt en ons doet zondigen?

Met dit corona gebeuren zijn er heel wat vragen binnen gekomen rond het waarom er over de mens zulk een moeilijkheden en zulk een verschrikkelijke ziekte komt. Velen vragen zich af waarom wij zo moeten beproeft worden, terwijl anderen vinden dat al de maatregelen die regeringen treffen ons nu nog meer in verzoeking brengen om vooral onze eigen weg in te gaan en vele waarschuwingen te negeren of uitgevaardigde regels te negeren.

Ook wordt nu regelmatig de vraag gesteld wanneer wij tot zonde komen, indien wij tijdens de lockdown onze eigen zin doen. Is het nu God die ons met deze coronacrisis op de proef stelt? vragen velen zich af.

Verzoeking en beproeving

Het Griekse woord voor ‘verzoeking’ is peirasmos, verwant aan het werkwoord peirazō.

Peirazōde is de gebruikelijke vertaling van het Hebreeuwse nasah, en wordt ook in de betekenis van het “op proef stellen” gebruikt in het NT, behalve in het boek Openbaring, waar we dat woord basanizō vinden.

Nasah en peirazōin hebben in de allereerste plaats de betekenis van ‘op de proef stellen’. We moeten leren God te gehoorzamen en niet onze eigen wil te doen, maar we moeten dat dan ook waarmaken op momenten en in situaties die in die zin ter zake doen. Dat zijn als het ware de proefwerken van onze opleiding. Wanneer wij aan zo’n beproeving worden blootgesteld vraagt God ons in feite te laten zien waar onze prioriteiten liggen: bij Hem of bij onszelf. We hebben dat geïllustreerd met een citaat uit de toespraak van Mozes in Deut. 8:14-16:

U mag [straks in het beloofde land] de HEER, uw God, niet vergeten. Was Hij het niet … die u veilig door die grote, verschrikkelijkewoestijn leidde … om u op de proef te stellen, zodat hij u later zou kunnen zegenen?

Zo wordt ook de gelovige van het Nieuwe Verbond op de proef gesteld, want geloof moet blijken. Maar waarom leert Jezus ons dan bidden:

‘breng ons alstublieft niet in zo’n situatie van beproeving’?

Daar kan maar één antwoord op zijn: daarmee erkennen wij dat de kans groot is dat wij die beproeving niet zullen doorstaan, hoewel dat eigenlijk wel zou moeten. Dus ja, het is God die ons aan die beproeving onderwerpt, maar nee, Hij is het niet die er de oorzaak van is dat wij vervolgens falen en zondigen. Die oorzaak zijn wij echt zelf!

Laten we het onderwerp nog eens wat verder bekijken.
De apostel Paulus vermaant de gelovigen te Korinte:

U hebt geen beproevingen te doorstaan die niet voor mensen tedragen zijn. God is trouw en zal niet toestaan dat u boven uw krachten wordt beproefd: hij geeft u mét de beproeving ook de uitweg, zodat u haar kunt doorstaan (1 Kor. 10:12-13).

Als we toch falen ligt dat dus helemaal aan onszelf. Ook Jezus zelf is zo op de proef gesteld; onmiddellijk na zijn doop, in de woestijn, maar ook voortdurend gedurende zijn leven. Hij verwijst daar naar wanneer hij in de bovenzaal tegen zijn discipelen zegt:

‘Jullie zijn in al mijn beproevingen steeds bij mij gebleven’ (Luk. 22:28).

Op grond daarvan belooft hij hen overigens een plaats in zijn komende Koninkrijk (vs 29). Maar tegelijkertijd moet hij Petrus waarschuwen:

Simon, Simon, weet dat Satan jullie voor zich heeft opgeëist om jullie als graan te mogen zeven. Maar ik heb voor je gebeden op-dat je geloof niet zou bezwijken. En als jij eenmaal tot inkeer bent gekomen, moet jij je broeders sterken (vs 31-32).

Uiteindelijk leidt er geen weg om beproeving heen. Jezus zelf is, in Getsemane, zo op de proef gesteld, en dat geldt ook voor wie hem willen volgen. Maar we moeten ons er wel van bewust zijn dat we dat niet zomaar even doen. Petrus reageerde in de bovenzaal met de verzekering dat, zelfs al mochten alle anderen falen, hem dat niet zou overkomen (Matt. 26:33), en die zelfverzekerdheid kreeg nog diezelfde nacht een harde les te leren. En zo liggen de kaarten ook voor een ieder van ons. Later zou diezelfde Petrus schrijven:

Verheug u (over de erfenis die u beloofd is) ook al moet u nu …allerlei beproevingen verduren. Zo kan de echtheid blijken vanuw geloof – zoveel kostbaarder dan vergankelijk goud, dat toch ook in het vuur wordt getoetst (1 Pet. 1:6-7).

Want daar tegenover staat de zekerheid dat

…… de Heer vromen uit de beproeving redt en onrechtvaardigengevangen houdt tot de dag van het oordeel, om hen dan te straffen (2 Pet. 2:9)

En het is Jezus zelf, die deze taak namens God uitvoert:

Omdat u trouw bent gebleven aan mijn gebod om stand te houden, zal ik u ook trouw zijn wanneer binnenkort de tijd van de beproeving aanbreekt, als heel de aarde en de mensen die er leven op de proef worden gesteld (Op. 3:10)

Er zal een tijd van beproeving zijn, maar wanneer wij trouw blijven, zullen we geholpen worden die te doorstaan. Maar we doen er goed aan ons te realiseren dat we dat uit onszelf niet zouden redden.

+

Vindt ook te lezen:

Het Geschreven Woord: Pijnigen

++

Aanvullende lectuur

  1. Het treffen van tijd en toeval
  2. Omgaan met zorgen in ons leven
  3. De Voltooiing van de schepping 1 Beproeving – Op weg naar volmaaktheid
  4. De Voltooiing van de schepping 3 Noodzakelijke beproeving
  5. Eerste stappen die leidden naar een loskoopoffer 2 Lot na daad van ongehoorzaamheid
  6. Tot bewust zijn komen voor huidig leven
  7. Doemdenkers en ons lijden
  8. Wie brengt het Kwaad over ons
  9. Bereid zijn toegang te krijgen tot vreugde in het aangezicht van tegenspoed
  10. We horen vrolijk te zijn in het midden van onze beproevingen
  11. Wees niet bang van die proeven die God op u wenst af te sturen
  12. God, beproevingen, tekenen en wonderen
  13. Beproevingen en geloof
  14. Fundamenten van het Geloof 6: Beproeving van het geloof
  15. Een liefde die ons niet vrijstelt van verzoeking
  16. Wordt verlicht met betrekking tot de betekenis van de tijd waarin we nu leven
  17. Overdenking voor vandaag
  18. Overdenking: David: Geloof leren door beproeving
  19. Gedachte voor vandaag “Geloof in moeilijke tijden” (14 januari)
  20. De Falende mens #2 Vrije keuze
  21. Gods vergeten Woord 21 #3 Gelovig afwachten
  22. Gods vergeten Woord 22 God en de Keizer 6 Recht en onrecht
  23. Beproevende God heeft tekenen gegeven
  24. Overdenking: De vertrouwelijke omgang van God is met wie Hem vrezen (Psalm 25:14)
  25. Zij die in de renbaan lopen en geroepen zijn voor rechtvaardiging door geloof
  26. De nacht is ver gevorderd 3 Studie 1 Zijn het de laatste dagen? 2 Wat betekent dit alles?

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Voelen en Welzijn