Tag Archives: Apostel Paulus

Vraag: Als men uit God geboren zou zijn waarom zouden wij dan nog vergiffenis moeten vragen?

Bij de vragen en opmerking van onze lezers treffen wij het volgende aan:

“Wie uit God geboren is zondigt niet,
want Gods zaad is blijvend in hem.
Hij kán zelfs niet zondigen, want hij is uit God geboren”. (1 Joh.3:9).

Is de gelovige werkelijk niet in staat te zondigen?
Maar waar zouden wij dan nog vergiffenis voor moeten vragen?

Om Johannes hier te kunnen begrijpen, moeten we weten wat hij met zijn brief wil zeggen. Hij heeft het over een opvatting die uit de Griekse filosofie dreigt in te sluipen. Volgens die opvatting zijn lichaam en geest volledig gescheiden; alleen de geest heeft dan waarde, en alleen de dingen van de geest kunnen daarom goed of slecht zijn.
Wat je met je lichaam doet, zou geen ‘zonde’ zijn, want het lichaam is, volgens die opvatting, voor onze goddelijke bestemming van geen enkel belang.  Zonde bestaat dan alleen maar in de geest, en met het lichaam zouden we kunnen doen wat we maar willen. Johannes verzet zich fel tegen deze onbijbelse opvatting. De moeilijkheid zit voor ons in het feit dat hij met ‘zondigen’ twee verschillende dingen bedoelt. Aan de ene kant de zonde die de ware volgeling van Christus probeert na te laten, maar waarin hij toch telkens weer vervalt, omdat hij nu eenmaal nog niet de volmaaktheid heeft bereikt. Geen enkele gelovige is volledig vrij van zulke zonde. Aan de andere kant zijn er de daden van deze dwaalleraars, duidelijk in strijd met de leer van Christus,waarvan zij echter betogen dat je die zonder bezwaar kunt doen, omdat dat toch geen zonde is. De ware christen onthoudt zich volledig van zulke daden (zulke zonde). Wie bewust zulke ‘zonde’ doet (ook al ziet hij die zelf niet als zonde), is geen volgeling van Christus.

Over die eerste vorm van zonde, die uit zwakheid, zegt Paulus:

Wat ik doe, doorzie ik niet, want ik doe niet wat ik wil, ik doe juist wat ik haat … Ik wíl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet. Wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik. (Rom. 7:15-19)

Met zijn geest (verstand) weet hij wat hij als christen zou moeten doen, maar zijn natuurlijke neiging is anders, en dat brengt hem er toch telkens weer toe dingen te doen die verkeerd zijn.
Weliswaar wil hij dat eigenlijk niet, maar – zoals Jezus zelf zei –

‘de geest is wel gewillig, maar het lichaam is zwak’ (Matth. 26:41).

Let op dat hij dat niet verontschuldigt, als iets dat alleen maar  ‘van het lichaam is’ en dat daarom dus geen zonde zou zijn. Integendeel, hij (Paulus) wijst dit volledig aan als zonde, en roept vol wanhoop uit:

“Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit dit lichaam van de dood?”

Maar in de volgende zin geeft hij zelf de oplossing:

“God zij gedankt: door Jezus Christus,onze Heer!” (vs 24-25).

Over deze zonde, begaan uit zwakheid, zegt ook Johannes:

Als we zeggen dat we de zonde niet hebben [de NBV vertaalt dit ten onrechte met ‘niet kennen’], misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons.
Belijden we (zulke) zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons (die) zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad. (1 Joh. 1:8-9)

Maar over die andere gedachte, dat wij geen zonde hebben, omdat wij met ons lichaam niet zouden kunnen zondigen, zegt hij:

Als we zeggen dat we nooit gezondigd hebben, maken we Hem [God] tot een leugenaar en is zijn woord niet in ons. (vs 10)

En hij gaat nog een stap verder. Wie (willens en wetens) dingen doet die God heeft verboden, en die de Schrift zonde noemt, is een goddeloze. Het begrip dat hij in feite gebruikt is ‘wetteloos’. Maar met wet-teloos bedoelt de Schift alles wat tegen Gods Wet in gaat, en hetwoord is dus synoniem met ‘goddeloos’:

Ieder die (bewust) zondigt overtreedt Gods wet, want zondigen is Gods wet overtreden. (1 Joh. 3:4)

Hij vat dat samen met:

“Ieder die in hem blijft, zondigt niet (= niet bewust)”, maar “ieder die (bewust) zondigt, heeft hem nooit gezien en kent hem niet.” (vs 6).

En vervolgens trekt hij dan de conclusie:

Het kan niet zo zijn dat wie uit God is geboren, tegelijkertijd willens en wetens bezig is dingen te doen die God heeft verboden. Dat is logisch gesproken onmogelijk! Vrij vertaald schrijft hij:

“Wie werkelijk uit God is wedergeboren, doet niet willens en wetens dingen die de Schrift aanduidt als zonde; want hij heeft het zaad van het evangelie (dat in zijn hart is gezaaid) blijvend in zich en hij kan dus onmogelijk tegelijkertijd bezig zijn met zulke dingen, want hij is wedergeboren.” (vs 9)

Hij heeft het dus niet over een fysieke onmogelijkheid om zonde te doen, maar over de logische onmogelijkheid om willens en wetens dingen te doen waarvan hij kan weten dat ze zonde zijn. Wie dat toch doet is niet werkelijk wedergeboren.

1 Comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

Hoogdag voor vele protestanten

Herinneringsdeuren met tekst van de 95 stellingen

Vandaag, 31 oktober is voor vele protestanten een hoogdag. Zij gedenken dan een belangrijk keerpunt in het Christendom dat toen op gang werd gezet door Maarten Luther toen hij zijn 95 stellingen ophing aan de deur van de Slotkerk of Allerheiligenkerk te Wittenberg. In wezen was er all eerder wat beweging gekomen in het strak omlijnde denken van de Rooms Katholieken. De Engelse kerkhervormer John Wycliffe en de Boheemse filosoof Johannes Hus waren daarbij enkele spilfiguren die wij niet over het hoofd mogen zien.

Voor velen is de reformatie 500 jaar geleden begonnen met die aanklacht van Luther. Velen vinden ook dat er dan een bevrijding van de ketterij van Rome tot stand kwam. Nochtans kunnen wij duidelijk zien dat vele ketterse en heidense elementen die in voorgaande eeuwen werden verwijderd heden al terug binnen geslopen zijn. Zo kan men tegenwoordig in vele protestantse kerken terug beelden vinden van figuren welke goddelijke krachten worden toegewezen.

De grootste hervorming om terug te gaan naar de eerste eeuwse leerstellingen van de volgelingen van Jeshua is echter nooit door gebroken. Wel kunnen wij zien dat steeds echte volgelingen van Jeshua ernstige pogingen hebben gedaan om het ware geloof in Jezus Christus, zoals Jeshua meer bekend raakte, te bewaren. Oorspronkelijk werden zij als volgelingen van Jeshua aanschouwd als een Joodse sekte, “De Weg“, maar toen zij verder omschreven werden als “Christenen” ontstonden daarnaast andere benamingen die telkens sloegen op denominaties die het licht zagen, en waarbij het kleine gemeenschappen waren die het geloof verder trachtten uit te bouwen. Ze ware christenen die zich hielden aan de leer van Christus en aan de God van Christus, bleven steeds in de minderheid en werden ofwel als verwaarloosbare denominaties in het Christendom aanschouwd of erger nog als sekte. Zo kan men vandaag meerdere groepen in de Christenheid vinden die de liefde van en voor Christus bewaard hebben en nog steeds die Ene Ware God aanbidden.

Door de tijden heen zijn er ook dragers van het geloof geweest die vinden dat het dragen van een naam zeer belangrijk is. Zo zijn er gelovigen die er bewust voor gekozen hebben om de naam van God in hun kerknaam te dragen. Zo kennen de meeste mensen wel de Getuigen van Jehovah. Vele mensen vergeten echter dat er buiten die groep met die naam nog heel wat gelovigen getuigen voor Jehovah. Maar zij dragen verschillende namen al worden zij dikwijls over één en dezelfde kam geschoren als de Getuigen van Jehovah.

Zo wel in het Christendom met de Christenheid zo ook in het Jodendom zijn er die God zodanig lief hebben dat zij niet alleen Hem willen dienen, maar zich ook willen ten dienste geven aan God Zijn gezonden profeet die zich als Lam van God heeft aangeboden en verlossing voor de mensheid heeft gebracht. Die man van vlees en bloed is de persoon die ook door de meeste protestanten tot hun god gemaakt is geworden, in plaats te aanvaarden dat hij de zoon van God is die nu ook de bemiddelaar tussen God en mens is.

Boekdrukkunst in de 15e eeuw

Luther schaamde zich niet voor die blijde Boodschap welke de gezonden van God kwam brengen.  De hervormer was zich bewust van dat Evangelie van Christus, dat het een kracht Gods is tot zaligheid voor iedereen gelijk die gelooft, eerst de Jood, en ook de Griek. Met de Woorden van God in de volkstaal te brengen verbrak Luther de ketens die de Rooms Katholieke Kerk over het Woord van God, de Bijbel had gebracht. Eindelijk konden mensen komen te lezen en zien hoe die Kerk hen bedroog met allerlei leerstellingen die helemaal niet Schriftuurlijk zijn. De leugens werden ontmanteld door de boekdrukkunst en de verdere verspreiding van Gods Woord. Eén groot nadeel was en is nog steeds dat veel mensen zo door de Kerkelijke doctrines beïnvloed waren en zijn, dat zij het zeer moeilijk hadden en hebben om zich daar van los te maken.

Maar diegenen die zich enkel willen houden aan dat onfeilbare Woord van God en inzien wie die lang verwachte Messias is, willen die naam van die gezondene van God ook verder uitdragen, zoals de Joodse leermeester Saul, beter gekend als apostel Paulus. eerst ging hij in het verweer tegen die volgelingen van Jeshua, maar na een teken uit de hemel en zijn plotse tijdelijke blindheid, werden zijn ogen geopend en wist hij hoe belangrijk die uitdraging van de naam van Jeshua ook was.

Nu dat wij dichter tegen de eindtijd komen is het van nog groter belang dat mensen bewust worden van de rol van Jeshua en hoe men zich moet aansluiten bij de volgelingen van deze rebbe. Omdat de naam van hem meer gekend moet geraken en omdat Joodse broeders en zusters helemaal niet geassocieerd willen worden met Christenen die drie goden aanbidden, vormen Jeshuaisten het alternatief. Als naamdragers en vaandeldragers voor Jeshua, de Kristos of Christus, willen zij de belangrijke taak verder opnemen om te getuigen voor God en Christus en de wereld het Goede Nieuws verkondigen van het komende Koninkrijk van God.

$

Lees meer over de belangrijkheid van de naam: Jeshuaisten dragers van de naam van Christus

en lees verder ook:

++

Aanvullende lezing

  1. Eerste eeuw ecclesia
  2. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #3 De Weg
  3. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #10 De Inquisitie
  4. De Ekklesia #10 Addendum 1: een moderne theocratie?
  5. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #1 Stromen van gelovigen
  6. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #6 Valse leraren en geestelijke hoererij
  7. De kerk moet blijvend hervormd worden
  8. Kleine gemeenschap in ongeïnteresseerde wereld
  9. Stichter van een beweging
  10. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #4 Volgelingen van Jezus
  11. De marketing van God een op maat gemaakt bedrijfsadvies
  12. Opvallende verschuivingen in kerkversiering
  13. Huis van het Protestantisme, in Brussel
  14. Wereld van een Bijbels analfabetisme is ontstaan
  15. Zoeken naar eenheid ook voor Hersteld Hervormde Kerk

+++

Verdere berichten om te lezen

  1. Studiedag als Catars – 25 November 2017 – Gent
  2. Wat weten we over de wezerrenaissance?
  3. Luther…
  4. Luther – zijn leven, zijn werk (recensie)
  5. Nieuwe biografie bij 500 jaar Luther
  6. De 95 stellingen van Luther
  7. 500 jaar reformatie – reden tot droefheid
  8. 31-10-1517 – 31-10-2017: 500 jaar reformatie: God heeft Zijn Woord bewaart
  9. Vijfhonderd jaar Luther(-isme ) in het Catharijneconvent in Utrecht
  10. 500 jaar na de Reformatie: dit bracht Maarten Luther teweeg
  11. 500 jaar Luther
  12. Lutherstad Wittenberg
  13. Panorama Wittenberg 1517
  14. Maarten Luther: Populist van de 16e eeuw
  15. Luther, geloof versus geloof
  16. Luther, held of scheurmaker
  17. Kwakgeschiedenis: Luther
  18. Expositie over Luther in de Santa Maria dell’Anima in Rome
  19. Vijfhonderd jaar reformatie
  20. Robbert Veen: Menno Simons, de radicale reformator
  21. De essentie van reformatie
  22. Rome en reformatie
  23. Vast gegrond op het fundament van 5x Sola!
  24. Erasmus : Nederlandse priester, theoloog, filosoof, schrijver en humanist.
  25. Hervorming 500
  26. 500 jaar Protestantisme
  27. Klaas Touwen: Luther over kerk en staat
  28. 2017 langs Jena weer naar huis.
  29. Gereformeerde hermeneutiek voorbij de Reformatie?
  30. Reformatie volgens Zondag 11
  31. Reformatie en oecumene, toen en nu
  32. Nuuskommentaar: Reformasie 500 jaar later
  33. Die Hervorming. ’n Beknopte geskiedenis
  34. Hervormd
  35. 31 Oktober en die Hervorming
  36. Gedachten bij de Reformatie
  37. Reformatie herdenken(1): ellende, verlossing en dankbaarheid…
  38. Staat de kerk wel echt achter (de) Reformatie?
  39. Wat ik leerde van Luther
  40. MoM | Individu en proces
  41. Europese heksenvervolging
  42. Erfgoedzorg voor protestants-evangelische kerken
  43. Geloofsgesprek: iedereen zijn eigen god
  44. Feesten bij verschillende religies
  45. Rinus Houtman aan het woord
  46. Dominee bij Defensie
  47. Boek: Stoner – John Williams
  48. Die Hervorming: Van Wittenberg tot Wall Street
  49. De renaissance versus nu: wat te doen tegen ketters? (essay)
  50. Christendom is meer dan paasei
  51. Bergoglio weer een stapje dichter bij het afschaffen van het H. Misoffer
  52. vernieuwing als die van ‘1517’ ……. ‘again in the air’ ?
  53. Solus Christus
  54. Glo: in God, en in wat God doen. Sola fide.
  55. Wilken Veen: Sola fide, hoe bijbels is dat?
  56. De vraag van Judas Thaddeus
  57. Tien teksten (deel 3)</a
  58. “Luther handelde tegen de Heilige Geest”, vindt kardinaal Müller
  59. Kerkelijke samenwerking anno 2017: Als in een wazige (achteruitkijk)spiegel
  60. Lezing CSFR over Reformatie en secularisatie
  61. Lucas Cranach: Schilder van de Reformatie
  62. Zijn Beelden een Gevaar of de Redding voor het Geloof?
  63. Refo-column
  64. Reformatie – Verbeelding voor onderweg
  65. Landschap van mijn dromen>
  66. Afsluiting 500 jaar reformatie in Nicolaasbasiliek
  67. Reactie: Verder dan de Reformatie en vrijzinnigheid
  68. Opperherder zend ons herders (geen kerkleiders!)…
  69. Theologiseren in jouw klein hoekje
  70. Avond over Reformatie 31 oktober
  71. Reformatiemuziek in Ede
  72. Trouw : Wat te doen met de ‘Jodenzeug’ op Luthers kerk?
  73. De Naam

+++

1 Comment

Filed under Geschiedenis, Nederlandse teksten - Dutch writings, Nieuwsgebeurtenissen - Journaal, Religieuze aangelegenheden

Goed Nieuws brengen met en door voorbeeld

Christenen hun gedrag vandaag

Vandaag kunnen wij nog steeds verscheidene mensen vinden die beweren Christen te zijn. Als wij dan nagaan wat zij werkelijk geloven en hoe zij Jezus Christus navolgen kunnen wij ons eerder afvragen waarom zij zich eigenlijk christen noemen.

Als wij naar de gedragingen van de mensen kijken die beweren christen te zijn kan men zich ook dikwijls de vraag stellen wat zij dan wel onder dat christen-zijn verstaan en welk het verschil dan wel mag zijn tussen hen en niet gelovigen. Wat onderscheidt hen van diegenen die niet in Christus geloven en niet in een god geloven?

Het Christen zijn, houdt dat niet in een volgeling van Christus te zijn. Hoort daarbij ook niet het opvolgen van zijn leerstellingen en zijn opgaven?

Een ware Christen volgt de leerstellingen van Jezus Christus en houdt zich daar aan om die liefde van Christus ook met anderen te willen delen.

Liefde en goed nieuws delen met anderen

Het is een troost te weten dat de bijbel goed nieuws verkondigt, het nieuws namelijk dat Gods koninkrijk een eind zal maken aan ziekte, honger, misdaad, oorlog en alle vormen van onderdrukking.

 Hij doet oorlogen ophouden tot het uiteinde* der aarde.De boog verbreekt hij en hij slaat de speer werkelijk aan stukken;+ De wagens* verbrandt hij in het vuur.+ (Psalm 46:9)

12 Want hij zal de arme die om hulp schreeuwt, bevrijden,+ Ook de ellendige en al wie geen helper heeft.+ (Psalm 72:12).

Is dat geen nieuws dat iedereen moet horen?

Zij die in Jezus Christus geloven en hem liefhebben willen ook deelgenoot zijn van zijn lichaam en samen met anderen die liefde delen en het goede nieuws verkondigen, zoals Jezus het zijn leerlingen gevraagd heeft om te doen.

  19 Gaat daarom en maakt discipelen*+ van mensen uit alle natiën,+ hen dopende+ in* de naam van de Vader+ en van de Zoon+ en van de heilige geest,+ 20 en leert+ hun onderhouden+ alles wat ik U geboden heb.+ En ziet! ik ben met U+ alle dagen tot het besluit* van het samenstel van dingen.”*+ (Mattheüs 28:19 20).

Ook zei hij tot hen dat hun prediking zich tot „de verst verwijderde streek der aarde” zou uitstrekken (Handelingen van de apostelen 1:8).

14 En dit goede nieuws+ van het koninkrijk+ zal op de gehele bewoonde aarde* worden gepredikt* tot een getuigenis* voor alle natiën,+ en dan zal het einde*+ komen. (Mattheüs 24:14)

Opdracht gegeven door Jezus Christus

An outdoor sermon (The Preaching of St. John t...

Oude meesters konden zich indenken hoe Johannes de doper, Jezus en de apostelen mensen trachtten te bereiken door het prediken. Zo bracht Pieter Breugel de Oudere een voorstelling van de predikende Johannes de doper, geplaatst in zijn omgeving, in 1565, het jaar voor de beeldenstorm (Foto credit: Wikipedia)

De opdracht die Jezus aan zijn leerlingen heeft gegeven geldt ook voor de discipelen van vandaag. Zij heeft betrekking op het bekend maken van het goede nieuws van Gods koninkrijk en van redding door geloof in Jezus Christus. Het wordt in de bijbel aangeduid als „het goede nieuws van het koninkrijk” (Mattheus 4:23), „het goede nieuws van God” (Romeinen 15:16), „het goede nieuws over Jezus Christus” (Markus 1:1), „het goede nieuws van de onverdiende goedheid van God” (Handelingen van de apostelen 20:24), „het goede nieuws van vrede” (Efeziërs 6:15) en het „eeuwig goed nieuws” (Opbenbaring van Johannes 14:6).

Jezus achtte het getrouw vasthouden aan het goede nieuws en het blijven verkondigen ervan belangrijker dan iemands huidige leven, en ook Paulus erkende dat de getrouwe bekendmaking ervan van levensbelang was (Markus 8:35; 1 Korinthiërs 9:16; 2 Titus 1:8). Iemand zou zijn dierbaarste bezittingen kunnen verliezen, ja, zelfs vervolging kunnen ondergaan, maar daar staat tegenover dat hij nu reeds honderdvoudig zou ontvangen,

„huizen en broers en zusters en moeders en kinderen en velden, . . . en in het komende samenstel van dingen eeuwig leven”. — Mr 10:29, 30.

Toetssteen ter beoordeling

Het goede nieuws is de toetssteen op grond waarvan de mensheid wordt geoordeeld:
Het goede nieuws aanvaarden en gehoorzamen, leidt tot redding; verwerping en ongehoorzaamheid hebben vernietiging tot gevolg (1 Petrus 4:5, 6, 17; 2 Thessalonicenzen 1:6-8). Vooral met het oog op dit feit moet de beweegreden waarmee iemand het goede nieuws predikt, zuiver zijn, en hij moet de prediking van harte verrichten, uit liefde voor degenen die luisteren.
De apostelen hadden zo veel waardering voor de belangrijkheid van het levengevende goede nieuws en werden dermate door Gods geest en door liefde aangevuurd dat zij degenen die naar hun prediking luisterden, niet alleen het goede nieuws meedeelden maar ook hun „eigen ziel” (1 Thessalonicenzen 2:8).
God had bepaald dat de verkondigers van het goede nieuws het recht hadden om materiële ondersteuning te aanvaarden van degenen aan wie zij het goede nieuws bekendmaakten (1 Korinthiërs 9:11-14). Maar Paulus en zijn naaste medewerkers achtten het voorrecht dat zij hadden om het goede nieuws te verkondigen zo dierbaar dat zij het angstvallig vermeden daaruit financieel gewin te behalen of zelfs maar de schijn daartoe te wekken. In 1 Korinthiërs 9:15-18 en 1 Thessalonicenzen 2:6, 9 beschrijft de apostel Paulus hoe hij in dit opzicht handelde.

Afgedwongen respect

Jesus is considered by scholars such as Weber ...

Jezus wordt als een charismatisch religieuze leider aanschouwt (Foto credit: Wikipedia)

Tijdens zijn bediening dwong Jezus respect af van zijn leerlingen en omstanders door steeds op een gepaste liefdevolle manier te antwoorden.

Jezus was „zachtaardig en ootmoedig van hart” (Mattheus 11:29). Hij was ook een man van de daad. Nooit onttrok hij zich aan zijn verantwoordelijkheden (Markus 6:34; Johannes 2:14-17). Vriendelijk gaf hij zijn discipelen goede raad, herhaaldelijk zelfs als dat nodig was (Mattheus 20:21-28; Markus 9:33-37; Lukas 22:24-27).

Jezus’ voorbeeld leert ons hoe om te gaan met anderen en hoe onze prediking uit te voeren.

Onderwijzers zijn

Als volgelingen van Christus weten we dat we onderwijzers moeten zijn (Mattheüs 28:19, 20). We weten dat de tijd waarin we leven het dringend noodzakelijk maakt dat we zo goed mogelijk onderwijs geven. En we weten dat ons onderwijs voor degenen die we onderwijzen zelfs het verschil kan uitmaken tussen leven en dood! (1 Timotheüs 4:16)

Ons Voorbeeld van een onderwijzer is niemand minder dan Jezus Christus, die tot zijn volgelingen zei:

„Ik heb u het voorbeeld gegeven” (Johannes 13:15).

Brainerd preaching in the open-air to Native A...

Brainerd in openlucht predikend voor Native Americans. (Foto credit: Wikipedia)

Hij doelde op zijn voorbeeld in het tonen van nederigheid, maar het model dat Jezus ons verschafte, omvat beslist het belangrijkste werk dat hij als mens op aarde verrichtte — mensen het goede nieuws van Gods koninkrijk onderwijzen (Lukas 4:43). Als u nu één woord moest kiezen om Jezus’ bediening te beschrijven, zou u waarschijnlijk het woord „liefde” nemen, nietwaar? (Kolossenzen 1:15; 1 Johannes 4:8) Jezus’ liefde voor zijn hemelse Vader, Jehovah, was het belangrijkste (Johannes 14:31). Maar als onderwijzer gaf Jezus op nog twee manieren van liefde blijk. Hij hield van de waarheden die hij onderwees, en hij hield van de mensen die hij onderwees.

Goddelijke wijsheid stond voorop bij Jezus, waarbij hij deze steeds toeschreef aan zijn hemelse Vader in wie hij meer waardering vond.

52 En Jezus bleef toenemen in wijsheid+ en in fysieke groei en in gunst bij God en de mensen.+ (Lukas 2:52).

Jezus in zijn onderricht gebruikte steeds Gods Woord, de Schrift waaruit hij kennelijk heel liefdevol uit citeerde en bij elk antwoord dat hij gaf een zorgvuldig gebruik van Gods Woord maakte.

De liefde die Jezus voor de door hem onderwezen waarheden had, was altijd duidelijk merkbaar. Per slot van rekening zou hij gemakkelijk zijn eigen ideeën hebben kunnen ontwikkelen. Hij bezat een enorme schat aan kennis en wijsheid (Kolossenzen 2:3). Niettemin herinnerde hij zijn toehoorders er steeds weer aan dat alles wat hij onderwees niet van hemzelf was, maar van zijn hemelse Vader (Johannes 7:16; 8:28; 12:49; 14:10). Hij hield zo veel van goddelijke waarheden dat hij ze niet door zijn eigen gedachten wilde vervangen.

Onderwijs in allerlei plaatsen

Jezus leidde zijn discipelen zowel door woord als door voorbeeld op. Hij onderwees niet alleen in het openbaar, maar ook in particuliere huizen door het goede nieuws rechtstreeks bij de mensen te brengen (Mattheus 9:10, 28; Lukas 7:36; 8:1; 19:1-6). Uit de verslagen van de evangelieschrijvers blijkt dat Jezus’ discipelen in veel gevallen aanwezig waren wanneer hij aan diverse soorten van mensen getuigenis gaf, want deze gesprekken zijn opgetekend. Volgens het boek Handelingen volgden zijn discipelen dat voorbeeld en bezochten zij de mensen van huis tot huis om de Koninkrijksboodschap bekend te maken. (Handelingen van de apostelen 5:42; 20:20)

Jezus legde aan zijn discipelen uit wat een ware dienaar van God was, door te zeggen:

„De koningen der natiën heersen over hen, en zij die autoriteit over hen hebben, worden Weldoeners genoemd. Gij dient evenwel niet zo te zijn. Maar wie onder u de grootste is, moet als de jongste worden, en degene die als de voornaamste optreedt, als degene die dient. Want wie is groter, degene die aan tafel aanligt of degene die bedient? Is het niet degene die aan tafel aanligt?”

Vervolgens zei hij, daarbij zijn eigen loopbaan en gedrag ten voorbeeld stellend:

„Ik ben echter in uw midden als degene die bedient” (Lukas 22:25-27).

Bij die gelegenheid demonstreerde hij deze beginselen — de eigenschap nederigheid inbegrepen — op krachtige wijze door de voeten van de discipelen te wassen. — Johannes 13:5.

Geen religieuze titels nodig

Verder wees Jezus zijn discipelen erop dat ware dienaren van God geen vleiende religieuze titels aannemen, en die ook niet aan anderen verlenen:

„Gij moet u geen Rabbi laten noemen, want één is uw leraar, terwijl gij allen broeders zijt. Noemt bovendien niemand op aarde uw vader, want één is uw Vader, de Hemelse. Laat u ook geen ’leiders’ noemen, want één is uw Leider, de Christus. De grootste onder u moet echter uw dienaar zijn. Al wie zich verhoogt, zal vernederd worden, en al wie zich vernedert, zal verhoogd worden.” — Mattheus 23:8-12.

St. peter preaching 20.JPG

De heilige Petrus ging uit om het goede nieuws te verkondigen (Photo credit: Wikipedia)

De gezalfde volgelingen van de Heer Jezus Christus zijn net als Paulus ’dienaren van het goede nieuws’ (Kolosenzen 1:23); zij zijn ook „dienaren van een nieuw verbond”, daar zij in deze verbondsverhouding tot Jehovah God staan, waarbij Christus de Middelaar is (2 Korintiërs 3:6; Hebreeuwen 9:14, 15). Aldus zijn zij dienaren van God en van Christus (2 Korintihiërs 6:4; 11:23). Hun bekwaamheid komt van God door bemiddeling van Jezus Christus, niet van de een of andere mens of organisatie. Zij hoeven als bewijs voor hun bediening niet een of ander document of certificaat te overleggen, zoals een aanbevelingsbrief of een schriftelijke machtiging. Als hun ’aanbevelingsbrief’ kunnen zij wijzen op de personen die zij hebben onderwezen en opgeleid om, net als zij zelf, dienaren van Christus te zijn. Hierover zegt de apostel Paulus:

„Hebben wij misschien, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven voor u of van u nodig? Gijzelf zijt onze brief, geschreven op ons hart en gekend en gelezen door alle mensen. Want het is duidelijk dat gij een brief van Christus zijt, geschreven door ons als bedienaren, niet met inkt geschreven, maar met geest van een levende God, niet op stenen tafelen, maar op vleselijke tafelen, op harten” (2 Korinthiërs 3:1-3).

Hier beschrijft de apostel de liefde en de verbondenheid, de warme genegenheid en de zorg van de christelijke bedienaar voor degenen die hij dient, want zij zijn ’op het hart [van de bedienaar] geschreven’.

Gegeven gaven

Na zijn hemelvaart gaf Christus de christelijke gemeente dan ook „gaven in mensen”. Daartoe behoorden apostelen, profeten, evangeliepredikers, herders en leraren, en zij werden gegeven

„met het oog op het terechtbrengen van de heiligen, voor het werk der bediening, tot opbouw van het lichaam van de Christus” (Efeziërs 4:7-12).

Hun bekwaamheid als dienaren komt van God. — 2 Korinthiërs 3:4-6.

Om te prediken, te verkondigen of te getuigen moeten wij dus niet bepaald een theologische hogeschool of universiteit gevolgd hebben. De kennis van de Heilige Schrift is veel voornamer dan de kennis van allerlei theologische studies of filosofen. De eerste verkondigers na Jezus’ dood waren ook niet allemaal geletterden. Vele gewone mensen hebben naast de apostelen er voor gezorgd dat het geloof verder kon uitbreiden. Ook nu moet de verdere uitbreiding verwezenlijkt worden door de gewone gelovigen van de geloofsgemeenschap.

Wij moeten er op rekenen dat het God is die ons zal uitrusten met de nodige gaven voor het predikingswerk of voor het Gods werk dat ons toe komt.

Getuigenis afleggen

Jezus was gekomen om getuigenis af te leggen en verzocht zijn volgelingen wederzijds ook getuigenis af te leggen. Zij die zich Christen noemen horen ware volgelingen van Jezus te zijn en horen dan ook zijn leerstellingen en zijn opdrachten op te volgen. Jezus werd de grootste getuige die God ooit voor Zijn naam heeft gehad. Jezus nam de betekenis van de naam die hij van God had gekregen serieus.

Bijbelgeleerden zijn het er in het algemeen over eens dat de naam Jezus is afgeleid van de Hebreeuwse naam Jeshua en een verkorte vorm van Gods naam bevat. De naam betekent:

„Jehovah is redding.”

In harmonie met de betekenis van zijn naam hielp Jezus „de verloren schapen van het huis van Israël” om berouw te hebben van hun zonden zodat ze weer Jehovah’s goedkeuring konden krijgen (Mattheus 10:6; 15:24; Lukas 19:10). Daarom gaf Jezus ijverig getuigenis over Gods Koninkrijk. De evangelieschrijver Markus zei:

„Jezus [ging] naar Galilea en predikte het goede nieuws van God en zei: ’De bestemde tijd is vervuld en het koninkrijk Gods is nabij gekomen. Hebt berouw en stelt geloof in het goede nieuws’” (Markus 1:14, 15).

Jezus stelde ook moedig de Joodse religieuze leiders aan de kaak, wat ertoe bijdroeg dat ze hem aan een paal lieten terechtstellen (Markus 11:17, 18; 15:1-15).

Durf te spreken

Wij hoeven niet dadelijk een terechtstelling vrezen, maar nochtans zien wij dat te veel christenen mensen vrezen en het niet durven om openlijk over hun geloof te praten en het Koninkrijk van God te verkondigen. Ook zijn de meesten bang om Gods naam uit te spreken; Het valt zelfs op dat er zeer veel mensen zijn die zich Christen noemen maar zelfs Gods naam niet eens kennen.

Diegenen die zich Christen noemen horen niet verlegen te zijn om te spreken over God en gebod. Als zij werkelijk een levend geloof hebben, een echt geloof en een op de bijbelse waarheid gebaseerd geloof, moet hun hart doordrongen zijn door de liefde voor God zodat zij de volledige drang voelen om dat waarin zij ten volle geloven te delen met allen die willen luisteren.

Dit is voortreffelijk en aangenaam+ in de ogen van onze Redder, God,+ wiens wil het is dat alle soorten van mensen+ worden gered+ en tot een nauwkeurige kennis+ van de waarheid komen.+  (1 Timotheüs 2:3, 4.)

Weerstand verdragend en doorzetten

Wij moeten ons vredelievend richten tot allen en hopen dat er voldoende zullen zijn die willen luisteren. Maar steeds horen wij hen zachtaardig toe te spreken en open staan voor naar hen te luisteren en te begeleiden in hun zoektocht naar waarheid.

Natuurlijk kan het afmattend zijn om dag in dag uit tegenstand of spot te verduren. Het kan vermoeiend zijn alsmaar weerstand te bieden aan de aantrekkelijke dingen van de wereld, misschien tot teleurstelling van familieleden die ons aanmoedigen ’iets te worden’. Maar net als Jezus kijken we naar Jehovah op voor steun terwijl we vastbesloten het Koninkrijk de eerste plaats in ons leven toekennen. — Mattheüs 6:33; Romeinen 15:13; 1 Korinthiërs 2:4.

Ons leven moet als een voorbeeld aan anderen aangeboden worden, waarbij wij naast de goede werken steeds getuigenis afleggen.De apostel Paulus schreef:

„Laten wij . . ., zolang de tijd voor ons er nog gunstig voor is, het goede doen jegens allen, maar vooral jegens hen die aan ons verwant zijn in het geloof” (Galaten 6:10).

In crisissituaties of als iemand behoeftig is, aarzelen we niet ’het goede te doen’ voor onze buren of onze broeders en zusters. steeds houden wij de houding van Jezus in ons achterhoofd terwijl wij ons concentreren op onze hoofdtaak: getuigenis afleggen van de waarheid.

+

Vindt ook om te lezen:

  1. Schepper en Blogger God 4 Verklarende Stem
  2. Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren
  3. Bijbel op de eerste plaats #2/3
  4. Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing
  5. Al-Fatiha [De Opening] Surah 1: 4-7 Barmhartige Heer van de Schepping om ons de juiste weg te tonen
  6. Kijkend naar het Oosten en het Westen voor Waarheid
  7. Op zoek naar spiritualiteit 8 Eigen spiritualiteit
  8. Echte boodschap van redding niet ver te zoeken
  9. De verjaardag van de King James Bijbel als aanleiding voor prediking
  10. 14 Nisan, de avond om Christus Zijn predikingswerk te herinneren
  11. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
  12. Schijnbaar onmogelijke opdracht
  13. Verkondigen van Evangelie opgetekend in de Bijbel
  14. Conservatieve rolpatronen en huishoudtaken
  15. Positie en macht
  16. Al of niet verenigen
  17. Verzoening en Broederschap 2 Uit de eigen cocon stappen
  18. Verzoening en Broederschap 3 Verenigen onder de Hoeksteen
  19. Verzoening en Broederschap 4 Deelgenoten in Christus
  20. Verzoening en Broederschap 6 Geestelijk tabernakel
  21. Verzoening en Broederschap 7 Eén zijn
  22. Kleine huiskring ook mogelijke ecclesia
  23. De ecclesia als lichaam van Christus
  24. Dienstknecht voor velen terwille van de waarheid van God
  25. Slaaf voor mens en God
  26. Christus’ ethische leerstelling
  27. Intenties van de ecclesia
  28. Kerk van eenzelfde lichaam levendig houden of laten groeien
  29. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #6 Samenhoren
  30. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #7 Adverteren
  31. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #8 Omgang met Leerstellingen
  32. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #9 Omgang met anderen
  33. Hermeneutiek om uit te dragen #1 Verslaggevers
  34. Hermeneutiek om uit te dragen #4 Uitzendkanaal
  35. Hermeneutiek om uit te dragen #8 Tegenspraak
  36. Hermeneutiek om uit te dragen #10 Verkondigen
  37. Verkondigen
  38. Ademen om les te geven
  39. Volgens eerste eeuw patronen
  40. Werking van de hoop
  41. Missionaire hermeneutiek 3/5
  42. Missionaire hermeneutiek 4/5
  43. Missionaire hermeneutiek 5/5
  44. Een Manifest voor Gelovigen
  45. Manifest Gelovigen nemen het woord
  46. Publieke overdracht van Manifest Gelovigen nemen het woord
  47. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #2 Aanroepen van de Naam van God
  48. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #6 Woorden tot voedsel en communicatie
  49. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #4 Vergankelijkheid #3 Behaging in Volhouding
  50. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #5 Gebed #2 Getuigen zonder taalbarrieres
  51. Dit is God se wil . . . dat alle soorte mense gered moet word
  52. Gods wil dat alle soorten van mensen worden gered
  53. Echte boodschap van redding niet ver te zoeken
  54. Samen werken aan een Open Gemeenschap
  55. Op weg naar 2014-2015
  56. Opbouw van een ecclesia en verbonden kosten
  57. Vakantietijd contacttijd
  58. Door verkondiging ook geruster
  59. Fragiliteit en actie #6 Juistheid van handelen
  60. Oorlog in kerkenland
  61. Aankondigingsweek in Nederland
  62. Nieuw tijdperk van Geloofsverkondiging voor Katholieke kerk
  63. Stichter van een beweging
  64. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #1 Abraham de aartsvader
  65. Meerderheid protestantse kerken zit op zwart zaad
  66. Bij de opheffing van de Vereniging voor Bijbelstudie
  67. Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 3
  68. Er is geen ware en constante zachtheid zonder nederigheid
  69. Kleed jezelf met compassie, zachtheid, vriendelijkheid, nederigheid, en geduld
  70. Wordt nederig als Christus
  71. Vriendelijkheid
  72. Nederig opstellen
  73. Nederigheid
  74. Laat mij niet uit de hoogte doen
  75. Woorden moeten worden afgewogen, niet meegerekend
  76. Als broeders en zusters samen op weg voor een nieuw jaar
  77. De nacht is ver gevorderd 18 Studie 3 Lessen uit het verleden 7 Conclusie
  78. Dagelijks helpen in het geloof

+++

Verder verwant:

Geloof aan mijn voordeur

9 Comments

Filed under Activisme & Vredeswerk, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden