Tag Archives: Middeleeuwen

Geen plaats voor Jezus volgende Joden in Nederlandse Kerk noch in Israël

Heel veel mensen nemen wel het woord ‘joods-christelijk’ in de mond zonder goed te weten waar ze het over hebben of zonder enige affiniteit te willen voelen met het Joodse volk of hun geloof.

Diverse politieke partijen, vaak juist niet-christelijke, willen nog weleens roepen dat de Europese beschaving joods-christelijke wortels heeft.

Die term ‘joods-christelijk’ mag ook nogal raar zijn wanneer men weet dat veel Christenen eeuwenlang Joden hebben onderdrukt, vervolgd en verketterd. Ook zijn er heel wat joden die niet veel van Christus en christenen moeten hebben. Ook voor de ware volgers van Jeshua of Jezus Christus (zoals hij door velen is gekend) is het dikwijls moeilijk om zich te vereenzelvigen met christenen of om zich er maar mee verwant te voelen, daar zij vinden dat de meerderheid van christenen Jezus verloochend door zijn ongelofelijke daad van overgave niet te willen erkennen en hem tot hun god te maken.

Men kan echter niet ontkennen dat Jeshua een bijzonder figuur was die van een enorme invloed is geweest op het gebeuren in Europa. Het valt niet te ontkennen dat de christelijke godsdienst de Europese geschiedenis diepgaand heeft beïnvloed. Hoe men het draait of keert is er ook heel wat gediscussieerd, gepalaverd maar ook gevochten rond die persoon Jeshua of Jezus, die ook de Christus wordt genoemd.

Ook al werd door de eeuwen heen er heel wat gedaan om het jodendom de mond te snoeren of te vernietigen, is het de enige geloofsgroep die zich als enige de repressie van andere godsdiensten heeft weten te overleven. Ontegensprekelijk moet men in dat Joodse geloof de wortels zien van het christendom en christenheid. De aartsvader Abraham, koning David uit wiens geslacht Jezus voortkwam, de schrijvers van de boekrollen en de vele profeten waren Joden. Zelfs het Nieuwe testament werd geschreven door Joden. De eerste volgelingen van Jeshua (de Jood Jezus) waren zoals hij ook Joden. Zonder hen was de beweging “De Weg” niet op gang gekomen en zou het Christendom niet ontstaan zijn.

Nederlandse kerkvaders zien echter niet graag een verbintenis met het Joodse geslacht. Er zijn ook meerdere Nederlanders die er iets op tegen hebben om te wijzen naar de term  ‘joods-christelijk’ omdat de twee onderdelen van de term namelijk ongelijk zijn. Voor hen slaat het woord ‘joods’ op een periode voor pakweg 100 na Christus, de term ‘christelijk’ op de overige 1900 jaar.

Daarmee wordt ‘joods’ antiek verklaard – een neiging die door heel de kerkgeschiedenis te vinden is. De contemporaine jood wordt daarmee niet in zijn waarde gelaten: hij is antiek, ouderwets, aanhanger van een achterhaalde godsdienst. Hij zelf is geen onderdeel van de term ‘joods-christelijk’, terwijl zijn identiteit daar wel genoemd is.

Ook wensen zij te benadrukken dat

Alles wat genoemd is aan joodse bronnen, Oude en Nieuwe Testament, worden in deze term door christenen geïnterpreteerd, ja zelfs van naam voorzien. Het Oude Testament heet alleen maar zo, omdat er een Nieuwe Testament bestaat in het christendom.

De Nederlandse gereformeerden vinden dat het jodendom hun Hebreeuwse geschriften op een geheel eigen wijze interpreteren en mits zij Jezus niet als God erkennen ook niet onder de zaligheid van God kunnen vallen. Door die typische Joodse interpretatie is in de term ‘joods-christelijk’ volgens hen dan ook geen ruimte.

Als dat namelijk wel zo zou zijn, zouden we in onze ‘joods-christelijke’ cultuur heel wat makkelijker omgaan met jongensbesnijdenis, met speciale voedingsvoorschriften, met het idee dat er geofferd zou kunnen worden, met sluiers of hoofddoekjes of pruiken, met noem maar op. Juist omdat het christendom het Oude Testament heel anders interpreteert en deze interpretatie al eeuwen als de enig geldende meeneemt, zijn deze joodse (en islamitische) instellingen vreemd aan de Europese cultuur. Kortom, ‘joods-christelijk’ is een term vanuit de macht, niet een term die gewaardeerd wordt door de minderheid. Het is een term die de werkelijkheid versluierd: het lijkt erop alsof ‘wij’ een meerderheid en een minderheid waarderen in Nederland, maar in werkelijkheid staan we op het standpunt van de meerderheid en sluiten we twee minderheden buiten. {Eveline van St}

De Messiaans Joodse theoloog Mark S. Kinzer vraagt aandacht voor wat hij noemt een ‘bipolaire ecclesiologie’. Dat wil zeggen dat er binnen de kerk als lichaam van Christus ruimte zou moeten zijn voor een kerk uit de besnijdenis, die zich kan houden aan de Joodse wetten. Hierop vinden de Nederlandse christelijke theologen dat wij helemaal niet meer aan oude voorschriften moeten houden en dat zulk een keuze voor Joodse wetten dan zou getuigen van een niet erkenning van Jezus Christus zijn godheid en zijn positie als vernietiger van de Mozaïsche wetten. Meerdere Joden die Jeshua als hun Verlosser hebben aanvaard vinden dan wel dat zij als Joden die Jezus als de Messias volgen niet moeten ophouden zich als Joden te gedragen. De vele Messias belijdende rabbijnen vinden ook dat wij ons aan de Thora moeten houden en dat wij volledig in ons recht zijn om ons te blijven onderscheiden van de heidenen in hun levenswandel. Zo is ook de stelling van Kinzer. Daarmee hebben volgen hem deze Messiaanse Joden een dubbele taak. Enerzijds verbinden zij het lichaam van Christus met het Joodse volk, anderzijds vormen zij binnen het Joodse volk een levende verbinding met Jeshua of Jezus die de Messias is en met de kerk als zijn lichaam.

Kinzer geeft toe dat de stem van Messiasbelijdende Joden tot nog toe nauwelijks gehoord is in het nadenken over het “Joods-Christelijk” gebeuren. Kinzer biedt een handreiking aan zij die geloven dat Christus de diepste grond is onder het specifieke verbond van God met Israël.
Volgens hem zijn Joden en heidenen binnen het lichaam van Christus verbonden, omdat zij horen één te zijn in hem. De Joodse volgelingen van Jeshua zijn één in Christus, maar daardoor niet hetzelfde geworden. Meerdere Christenen begrijpen die “eenheid” niet en denken dat die “eenheid van Jezus met God” inhoudt dat Jezus God zou zijn. Maar zulk een gedachte maakt de woorden van Christus Jezus die vraagt dat wij één zouden worden met hem zoals hij één is met de Vader, voor die vele trinitarische christen zeer moeilijk, want dan zouden wij ook Jezus worden maar eveneens God worden of zijn. Dat maakt het voor die theologen in het christendom even verwerpelijk als sommige farizeeën het verwerpelijk vonden toen Jezus over die eenheid sprak, en zich dan volgens hen gelijk stelde met God. Volgens dat denken zouden Messiaanse Joden Jesjoeanen (Jesjoeaansen) of Jeshuaisten zich dan ook gelijk stellen met God. Maar niets is minder waar. Jeshuaisten als volgers van Jeshua beseffen dat Jeshua niet God is en dat het volgen van Jeshua en één worden met Jeshua helemaal niet inhoudt dat men aan God gelijk zou kunnen worden.
Wel geloven Jeshuaisten dat zij die Jeshua als de Messias willen aanvaarden onder de gemeenschap van Christus vallen. Maar Jeshuaisten geloven ook dat Jeshua de weg heeft geopend naar goyim en dat zo heidenen ook mede-erfgenamen mogen zijn, of mede-leden en mede-deelgenoten. Dat is volgens ons namelijk het mysterie van het evangelie.

Wij geloven dat Israël Gods uitverkoren volk is en dat kan misschien moeilijk liggen in de harten van vele “Christenen” en zeker van bepaalde Katholieke en protestantse theologen, die vinden dat enkel ‘godsgeleerden‘ het Woord van God kunnen verduidelijken en beslissen wie tot het Christendom mag of kan behoren. Velen van de theologen schijnen te vergeten (of niet te willen zien) dat de christelijke kerk is voort gekomen vanuit de Joodse sekte die de eerste christelijke gemeente vormde en ondenkbaar is zonder Israël. Met de Joden die Jezus als Messias belijden zouden zij zich in het geloof verbonden moeten voelen als broeders en zusters.

In 2017 trokken spanningen tussen Israëls rabbinaat en de liberale stromen in het Judaïsme, zowel in Israël als in het buitenland de aandacht door geschillen over religieus pluralisme. Maar een andere groep, die van de Messiaanse Joden, werd voortdurend geboycot door zowel het hoofdstroom van het wereld-Jodendom als Israël.

Zo nu en dan bereikt een verhaal de media over iemand die zichzelf als Jood ziet, waarvan de immigratie-aanvraag naar Israël, oftewel alya, geweigerd werd op grond van het feit dat hij of zij een Messiaanse Jood of Jeshuaist is.

Dit was zo bijvoorbeeld het geval met de Zweedse psychologe Rebecca Floer (64) en de dochter van een Holocaust-overlevende, die in november 2017 uit Israël werd gedeporteerd. Hoewel ze zichzelf niet als een Messiaanse Jodin definieert, gelooft zij in Jeshua, de naam die door Messiaanse gelovigen en Jeshuaisten voor Jezus wordt gebruikt. Maar Jeshuaisten geven zich niet graag uit als Messiaanse Joden, omdat bij die groepen heel wat trinitarische gelovigen zitten of Joden die een andere Messias belijden dan Jeshua.

In Israël is het probleem dat Jesjoeanen of Jeshuaisten niet aangesloten zijn bij de Joodse gemeenschap waardoor zij uit de boot vallen voor immigratie, aldus een hoge ‘aliya’-ambtenaar van het Agentschap, Yehuda Scharf {aan The Jerusalem Post}.

“Als iemand verklaart dat hij in Jezus gelooft, dan is hij geen Jood – hij gelooft niet in ons geloof,”

voegt hij eraan toe.

“Het is simpel. Een Jood, die naar Israël wil emigreren, zal naar Israël verhuizen als hij zijn Judaïsme kan aantonen. Indien hij zijn Jodendom niet kan bewijzen, dan is het een ander verhaal.”

De Wet op het recht van Terugkeer was door de Knesset in 1950 tot wet verheven. Om die wet te omzeilen zijn er heel wat gelovigen in Jeshua die zich in Israël ook aansluiten bij een gewone Joodse synagoge en daardoor met hun geheimhouding van hun geloof in Jeshua toch hun geloof kunnen belijden maar ook aanvaard worden als Jood.

Opmerkelijk is dat Mevrouw Floer al drie jaar deels in het noorden van Israël had gewoond op een hernieuwd toeristenvisum, werd haar paspoort inmiddels op de zwarte lijst geplaatst en kon haar advocaat haar enkel waarschuwen dat het moeilijk, zo niet onmogelijk, voor haar zal zijn om naar het land terug te keren.

Zowel in Israël als in de Joodse wereld, is er een bijna algehele verwerping van Messiaanse Joden of Joden, die in Jezus geloven zoals Jeshuaisten (of Jesjoeanen). Zij komen niet in aanmerking voor aliya, want terwijl ze zichzelf als Joden beschouwen, wordt niet geaccepteerd dat een Jood in Jeshua of Jezus kan geloven. In 1970 werd Amendement 4A van de Wet op het recht van Terugkeer aangenomen, waarin staat:

“De rechten van een Jood in het kader van deze wet en de rechten van een oleh (immigrant) onder de Nationaliteitswetgeving, 5712-1952, evenals de rechten van een oleh krachtens enige andere wet, zijn ook van toepassing op een kind en een kleinkind van een Jood, de echtgenote van een Jood, de echtgenote van een kind van een Jood en de echtgenote van een kleinkind van een Jood, met uitzondering van iemand, die een Jood was en vrijwillig zijn/haar religie heeft veranderd.”

Aldus oordeelde de Hoge Raad in 1989 dat het geloof van Messiaanse Joden in Jezus hen Christenen maakt en dat ze dus niet in aanmerking komen voor automatisch Israëlisch burgerschap, maar die beslissing werd evenwel opengelaten voor toekomstige veranderingen.

“De ‘seculaire test’ bestaat uit verschillende onderdelen en het is mogelijk om onderling de fundamenten van de Joodse godsdienst, de Hebreeuwse taal, de geschiedenis van het Joodse volk en de herbouw van de onafhankelijkheid in de staat, op te noemen. Het gewicht van deze elementen is in de loop van de tijd veranderd en zal in de toekomst veranderen. De seculier-liberale voorstelling is een dynamisch concept, dat verandert met het levenspad van het Joodse volk gedurende de geschiedenis,”

is er geschreven.

In april 2008 oordeelde het Hof dat verscheidene Messiaanse Joden in Israël recht hadden op Israëlisch burgerschap, omdat zij de afstammelingen waren van Joodse vaders of grootvaders, maar zelf nooit Joods geweest waren en zich dus niet hadden bekeerd.

“Je moet er een onderscheid tussen maken, of zij in aanmerking komen als Jood of als familielid van een Jood (amendement 4A),”

legt Prof. Barak Medina, hoogleraar staatsrecht van de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem, uit. Medina merkt op, dat indien iemand zichzelf definieert als een Messiaanse Jood, hij niet verkiesbaar is op grond van zijn eigen verdienste, maar op grond van de verdienste van zijn Joodse familielid – zolang hij niet vrijwillig bekeerd is. Iemand die zich vrijwillig bekeerd heeft, benadrukt hij, wordt beschouwd als zijn recht op aliya te hebben opgegeven.

”Ik denk niet, dat deze benadering in de nabije toekomst gaat veranderen,”

zegt Medina.

Groot probleem bij de kijk naar Jeshua volgelingen of Messiaanse Joden is dat anderen bang zijn dat dit groepen zijn die anderen volstrekt willen bekeren tot hun geloof.

Rabbijn David Rosen, adviseur voor interreligieuze zaken bij het Opperrabbinaat van Israël, die tevens fungeert als de directeur van het Departement van Interreligieuze Zaken van het Amerikaans Joodse Comité bij het kijken naar Jeshua belijdende Joden gaat een enorme vergissing aan te denken dat zij mensen zijn die zouden geloven dat Jezus één van de personen van de drie-eenheid van God is. Ware volgers van Jeshua geloven namelijk niet in de valse doctrine van de Drie-eenheid. Het is juist om die reden dat In Nederland en België kerkleiders zulke gelovige niet onder het christendom willen aanvaarden. Ook al zegt rabbijn David Rosen

“Ze kunnen dus zichzelf identificeren als etnisch Joodse Christenen of Joodse Christenen, als ze dat willen. Maar ze zijn Christelijk”

Kerkvader Hieronymus zei over Messiasbelijdende Joden.

„Terwijl ze verlangen zowel Joden als christenen te zijn, zijn ze geen van beiden.”

In de Jules Isaac Stichting (opgericht in 2015) vernoemd naar de Franse Joodse historicus Jules Isaac doen ze een poging om de ontwikkeling te bevorderen van een volwaardige christelijke theologie die volgens hen werkelijk vrij is van vervangingsdenken. Zulke vervangingstheologie staat voor het idee dat de kerk de plaats van het volk Israël zou hebben ingenomen. Voor hen zijn Jeshua volgende Joden al 1500 jaar lang volkomen buiten beeld en daarom vroegen zij zich op 23 maart af wat de belangrijke Messiaans Joodse theologen als Mark Kinzer de kerk te bieden hebben en hoe het komt dat deze gelovigen nu meer in het openbaar beginnen te komen.

Hen valt het op dat de sterke opkomst van het Messiaans Jodendom sinds de jaren zestig van de afgelopen eeuw zonder meer tot de meest opmerkelijke ontwikkelingen behoort van de laatste vijftig jaar. Bewust zijnde dat Messiaans Jodendom (Messianic Judaism) staat voor de internationale beweging van Joden die het geloof in Jezus niet in strijd zien met hun Joodse identiteit kijken zij wel op naar de reden om zulk een beweging of groep niet in het christendom te aanvaarden.

Men moet nagaan waarom vanaf de vierde eeuw voor deze Joodse Jezus gelovigen geen plaats meer binnen de Kerk bleek te zijn. Vanaf toen werden zij alleen nog slechts getolereerd wanneer ze volledig afstand deden van hun Joodse identiteit.

Als gevolg van deze kerkelijke maatregel waren Messiaanse Joden 1500 jaar lang volledig van het toneel verdwenen. Maar sinds de afgelopen eeuw zijn ze terug van weggeweest. Hun aantal wordt intussen geschat op 150.00 – 200.000. En dat aantal groeit gestaag, vooral in Israël en de Verenigde Staten. Het is fascinerend te zien, hoe de beweging waarmee de kerk 2000 jaar geleden begon, juist in onze tijd opnieuw groeit en bloeit. Redenen genoeg om een studiedag te wijden aan deze fascinerende en belangrijke ontwikkeling.

vond de Jules Isaac Stichting.

Jeroen Bol, voorzitter van de Jules Isaac Stichting, gaf in zijn lezing een historisch overzicht van het Messiaans Jodendom. Zoals de periode vóór de Reformatie gekenmerkt werd door sterke anti-Joodse trekken in kerk en theologie, is er volgens hem kort ná de Reformatie, met name in Engeland, sprake van een trendbreuk.

Théodore de Bèze (Theodorus Beza) in 1577

Het zijn de Engelse puriteinen geweest die in toenemende mate afstand begonnen te nemen van het anti-judaïsme in de theologie van de middeleeuwse rooms-katholieke kerk. Was de klassieke theologie tot dan toe doortrokken van wat men later de ‘teaching of contempt’ (‘catechese der verguizing’) is gaan noemen, bij de Engelse puriteinen zien we rond 1600 een ‘teaching of esteem’ ontstaan. Het begin van deze omslag wordt doorgaans gezien bij de kanttekening die Beza rond 1560 in de Geneva Bible plaatste bij Romeinen 11:25-26. Contra Calvijn die hij zojuist in Geeve had opgevolgd stelde Beza dat Israël hier niet staat voor de kerk maar voor het Joodse volk. In diezelfde periode rond 1560 doceerden de grote theologen Martin Bucer en Peter Martyr op grond van Romeinen 11 dat de kerk nog een toekomstige massale bekering van het Joodse volk staat te wachten. Steeds meer puriteinse theologen na hen brachten met name op grond van hun exegese van Rom.11:12-15 die toekomstige massale bekering in verband met een eveneens te verwachten massale wereldwijde opwekking van ongekende proporties. Ook de latere Humble Attempt van Jonathan Edwards moet helemaal in deze traditie gezien worden. Het is een bij uitstek optimistische theologie waarin een positieve (toekomstige) rol voor het Joodse volk is weggelegd. Dit staat in scherp contrast met het Middeleeuws scenario waarin de Joden doorgaans het bij uitstek voor altijd verdoemde volk waren.

schrijft Bol, die verder betoogt

Grote namen uit de tijd rond 1600 waren o.a. de puriteinse theologen Thomas Brightman en Hugh Broughton. Broughton was een groot geleerde op het gebied van het Hebreeuws en de geschriften van de rabbijnen. Hij was de eerste Engelsman die het plan opvatte om als zendeling onder de Joden in het Nabije Oosten te gaan werken. Hij stond ook in nauw contact met rabbijn Abraham Ruben van Constantinopel. Deze rabbijn had contact gezocht met Broughton omdat hij zijn hulp wilde bij het vertalen van het Nieuwe Testament in het Hebreeuws. De hele 17e eeuw wordt overigens in zowel Engeland, Holland en Duitsland gekenmerkt door een enorme belangstelling onder protestante theologen voor de studie van het Hebreeuws en van Joodse geschriften als de Talmud en de Mishna. Het Joodse volk stond, anders dan in de Middeleeuwen, voor het eerst in de geschiedenis van de kerk veel positiever op de radar in protestant West Europa.

In de 18 eeuw valt die intense aandacht voor de plaats van Israël terug, ze is dan veel minder prominent aanwezig. Maar het oude kerkelijke antijudaïsme wint niet opnieuw terrein in Engeland. Het is of het nieuwe denken over Israël even pas op de plaats maakt. De 18e eeuw is de eeuw van de grote internationale evangelical awakening. Een opwekking van een geografische en getalsmatige orde van grootte die tot dan ongeëvenaard was. Engeland, Wales, Schotland, Noord Ierland, Scandinavië, Duitsland en niet te vergeten het toen nog Engelse Noord Amerika, in al die landen was sprake van opwekking en kerkgroei. het was de geboortetijd van evangelicaal christendom.

De daarop volgende 19e eeuw wordt eveneens gekenmerkt door krachtige opwekkingen en verdere groei en ontwikkeling van de evangelicale beweging. Het is ook de eeuw van de grote doorbraken op het gebied van zending. Engeland is deze eeuw het brandpunt, maar ook piëtistisch Duitsland speelt een belangrijke rol. Het is in deze eeuw dat aandacht voor het Joodse volk weer volop in het middelpunt van de evangelicale agenda komt te staan. Zending onder de Joden en passie voor de in de Schrift voorzegde terugkeer van het Joodse volk naar Palestina, het was gemeengoed in het denken van vooral de calvinistische evangelicale christenen in het Engeland van de 19e eeuw. Sterk aanwezig was ook het bewustzijn dat de Joden met name van de hand van de Rooms Katholieke Kerk eeuwenlang onnoemelijk veel en verschrikkelijk onrecht was aangedaan. Deze evangelicale christenen wilden heel nadrukkelijk een heel ander gezicht van het christendom laten zien: werkelijke naastenliefde, daadwerkelijke hulp, opkomen voor gerechtigheid. In diezelfde 19e eeuw treffen we dit type opwekkingschristendom in Nederland aan in de kringen van het Reveil (Isaac Da Costa) en bij een beweging als het Heil des Volks (ds. Jan de Liefde). In Engeland was Lord Shaftesbury wel de bekendste onder hen. Andere bekende namen in Engeland zijn o.a. Charles Simeon en Robert Murray McCheyne. Uiteindelijk bleek dit geheel nieuwe protestante pro-Joodse christendom in Engeland zo sterk dat het zelfs in staat bleek de Balfour Declaration in het leven te roepen. En zo heeft het filosemitische Engelse evangelicale christendom aan de wieg gestaan van de huidige staat Israël

Als Jeroen Bol terugkijkt op vier eeuwen calvinistisch gestempeld opwekkingschristendom in de Engelstalige wereld valt er zijns inziens een lans te breken voor de idee dat deze grote opwekkingen mogelijk een bijzondere door God georkestreerde connectie hebben gehad met Gods plannen met het Joodse volk. Hij haalt aan

Zou het niet zo kunnen zijn dat de God van Israël de Reformatie en de daaruit voorkomende puriteinen en opwekkingsbewegingen mede in het leven heeft geroepen om een einde te maken aan de vreselijke dwaling van christelijk antijudaïsme en het lot van de Europese Joden positief te beïnvloeden?

En zou het niet zo kunnen zijn dat de God van Israël, die ook de Heer van de Kerk is, dit evangelicale christendom ook om die reden drie eeuwen lang zo onvoorstelbaar rijk heeft gezegend met enorme opwekkingen en doorbraken op het gebied van zending?

Hij vraagt zich af of God dit opwekkingschristendom destijds niet mede om die reden zo enorm sterk heeft gemaakt om zo een keer te brengen in het lot van Zijn uitverkoren volk Israël. Hij vraagt zich af

Sprak deze zelfde God al niet in Genesis 12 tot Abraham en over Abrahams hoofd ook tot de kerk der eeuwen:

“Ik zal zegenen wie u zegent en wie u vervloekt zal ik vervloeken”?

Bergt dit alles voor de kerk van vandaag niet zowel een belofte als een waarschuwing in zich ? Ligt er niet nog steeds, of wellicht juist nu, een belofte van grote zegen voor een kerk die het Joodse volk en Israël werkelijk tot zegen zoekt te zijn?

Maar vandaag zien wij juist dat meerdere kerken helemaal geen zegen zien in dat Joodse Volk noch in Joodse volgelingen van Jezus (zoals Jeshuaisten) of Messiaanse Joden.

Michael Mulder, universitair docent Nieuwe Testament en Judaïca aan de Theologische Universiteit in Apeldoorn die tevens Kerk en Israël aan de CHE in Ede doceert en directeur is van het Centrum voor Israël Studies, sprak over de identiteit van Messiaanse Joden in Nederland en Israël,en vond dat zij helemaal niet thuis horen in de kerk in Nederland heel eenvoudig weg omdat zij noch Christen noch Jood zijn volgens hem.

Leave a comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Juridische aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Nieuwsgebeurtenissen - Journaal, Politieke aangelegenheden, Religieuze aangelegenheden, Wereld aangelegenheden

Gewortelden in Christus en factoren voor het succes van de reformatie

Nu men 500 jaar reformatie in herinnering wil nemen zal er heel wat kunnen gedebatteerd worden over verschillen die de mogelijke hervormingen van het protestantisme teweeg gebracht hebben.

Het Reformatorisch Dagblad van woensdag 11 mei 2017, p. 2 en 3, schreef

‘Refo moet aan infuus van reformatie’

B. de Roos las met een zweem van een glimlach rond zijn lippen

“Protestanten, rooms-katholieken, dopers. Hoe krijg je die verschillende stromingen bij elkaar?” Antwoord: “door een authentieke vroomheid, geworteld in Christus”. {De essentie van reformatie}

Het kan gezegd worden dat onder de protestanten wel meer mensen kunnen gevonden worden die hun geloof ten toon spreiden en hevig in hun aanbidding gaan. De Pinkstergemeenten ten top.

Dat

Christenen willen graag getuigen, en uit deze column blijkt wat het effectiefst is: getuig door je attitude, door je oogopslag, door een onbevangen ontmoeting met niet-christenen, door een dienstbare houding”

schreef een recensent over het calvinistisch arbeidsethos {Met eigen ogen}

Het valt de Nederlander B. de Roos op dat

De collega’s op de werkvloer zien met eigen ogen de attitude van medewerkers uit de reformatorische hoek. De collega’s zien de blik waarmee de reformatorischen de wereld inkijken. De collega’s merken dat reformatorischen niet meteen allerlei vooroordelen over hun medemensen hebben. De collega’s ontdekken hoe dienstbaar reformatorischen over het algemeen zijn.
Die reformatorischen worden heus wel gewaardeerd. Het zijn positief ingestelde collega’s waar je van op aan kunt. Soms worden zelfs columns over hen geschreven. {Met eigen ogen}

Roskilde kathedraal 9

Roskilde kathedraal (Foto credit: Wikipedia)

Van Rooms Katholieken kan men meestal geen verschil zien tussen een gelovige en een atheïst. Opvallend is echter dat weinig Katholieken de bijbel kennen. Hier mogen de meeste protestanten een ander beeld scheppen en kan men bij de meesten wel een zekere kennis van de bijbel waarnemen, ook al zijn dikwijls bepaalde verzen uit hun verband getrokken.

Het moet gezegd worden

in bepaalde protestantse middens is er een betrachting om volgens de bijbel te leven.

De verlichting mocht dan wel mee brengen dat vrijzinnige christenen de teksten als mensenwerk gingen aanschouwen, de meerderheid van de gelovigen kon zich verheugen dat het mensen waren die het Woord van God tot hen konden brengen in hun eigen moeder taal. Dat mag als één van de voornaamste vernieuwingen worden beschouwd voor de Reformatie. Met de toename van Bijbelboeken door de fantastische uitvinding om te her-publiceren of veelvuldig te kopiëren konden meerdere mensen eindelijk te weten komen wat er werkelijk in die Heilige Geschriften stond.

Nederlands: Stilleven met bijbel Vincent van G...

Stilleven met bijbel Vincent van Gogh 1885 (Foto credit: Wikipedia)

De late middeleeuwen hadden wel diverse vertalingen van vertalingen in het Middelnederlands gebracht (bijvoorbeeld de Deux-Aesbijbel en de historiebijbel Hernse Bijbel. 500 tot 600 jaar terug kregen wij een tijd van gisting, waarbij geestelijken van die Rooms Katholieke Kerk zelf meer vragen gingen stellen over de wijze waar hun Kerk met de gelovigen en met het Woord van God om ging. De 16e eeuw bracht op staatkundig, economisch en op geestelijk gebied heel wat beroering in de Nederlanden. Meerdere bijbelstudenten beseften dat men niet kon verwachten dat iedereen genoeg geletterd kon zijn om een moeilijke bijbeltaal te lezen en dat men daarom ook best in de “gemene” taal kon schrijven. Nochtans zoekt men een mogelijkheid om een breder taal gebied te bereiken.

‘Onse meyning was niet heel Hollants ofte Brabants, mer tusschen beyden, op ‘t kortste en reynste na onsen vermogen een gemeyn spraeck te volgen, die men all Nederlant doer lichtelick solde mogen lesen ende verstaen.’ {Voorrede van Hinne Rode, oudrector van de Hieronymusschool te Utrecht bij de vertaling van 1525}

De vorm ‘solde’ wijst er op, dat de schrijver bij ‘all Nederlant’ ook aan de Oostelijke gewesten dacht. Hij is dus een voorloper van de West-Vlaming Jan Utenhove, die nog verder ging, toen hij ten bate van de samengestroomde vreemdelingengemeente te Embden een mengtaal samenstelde voor zijn vertaling van het Nieuwe Testament (1553-1556), in de hoop dat die taal dan van Vlaanderen tot de Oostzee-kust verstaan zou kunnen worden. {Geschiedenis van de Nederlandse taal, C.G.N. de Vooys}

Met de hervorming die Maarten Luther op gang bracht werden de mensen opgeroepen om ernstig na te denken over dat Woord van God dat niet zomaar een godsdienstig boek is, waarin ‘de waarheden van het Joodse en Christelijke geloof worden uitgelegd’. Geestelijken en leken moeten komen in te zien dat het voor iedereen, geschoolden als niet geschoolden een ‘levend boek’ moet zijn, waarin God spreekt tot de gelovige alsook tot diegene die nog niet overtuigd is van de Goddelijke Waarheid.

Nederlands: Gevelsteen in de gereformeerde Sch...

Gevelsteen in de gereformeerde School met den Bijbel in Bedum (Foto credit: Wikipedia)

Uit de resultaten van grootschalig historisch onderzoek op Europees niveau naar de cultuur van het bijbellezen in de Middeleeuwen, uitgevoerd door de Rijksuniversiteit Groningen blijkt dat het verkeerd is te denken dat mensen pas tot het lezen van de bijbel kwamen na Luther.  Het is namelijk verkeerd te denken dat Bijbels in de volkstaal een protestantse uitvinding zouden zijn. Het fenomeen kenmerkte eerder de late Middeleeuwen, toen de rooms-katholieke kerk nog als enige heer en meester was en de zeer kleine waarheidsgetrouwe volgelingen van Jezus niet wenste te zien en als ketters beschouwde.

Volgens mediëviste Sabrina Corbellini zou Maarten Luther gezegd hebben dat hij gedurende zijn hele jeugd geen Bijbel zou hebben gezien.

“De kerk, zo suggereerde Luther, zou het boek onder de pet houden.”

Invasies in het Romeinse Rijk

Zij die in het Rooms Katholieke geloof zijn opgegroeid zullen dat ook kunnen zeggen. Maar hierbij wordt vergeten dat er al die jaren steeds mensen zijn geweest die oog hadden voor dat verguisde Woord van God. Het is algemeen geweten dat de Roomsen zeker niet wensten te weten van Bijbelgetrouwen of zij die zich niet wensten te onderwerpen aan de leer van de Drie-eenheid. Niet-trinitariërs werden in vele streken zelfs vervolgd en met de dood bedreigt. In vele gevallen werd Bijbellezen dan ook in het geheim in de huiskamers van ernstige waarheidszoekers gedaan.

Zij die uit de Rooms Katholieke Kerk kwamen en zich wensten af te zetten tegen het verleden (de ‘donkere Middeleeuwen‘) en de onderdrukking door die Romeinse leiders ongedaan wensten te maken, vonden het niet mis om als ‘bijbelbevrijders’ de wereld in te gaan.

Na bronnenonderzoek in bibliotheken in Nederland, Vlaanderen, Frankrijk en Italië – gebieden die in de veertiende en vijftiende eeuw al sterk verstedelijkt waren, kwam Corbellini en haar team tot de conclusie dat in werkelijkheid de  Middeleeuwse lezers al lang vertalingen van de Bijbel tot hun beschikking hadden.

“Om in groepsverband of alleen te lezen, te becommentariëren, te mediteren en uit het hoofd te leren. De kerk stond dat toe, zolang er maar een orthodoxe boodschap werd verkondigd.”

En daar knelde het schoentje. Men mocht de kerkelijke doctrines niet tegenspreken en best kwamen niet al te veel mensen de bijbel te lezen, want dan zouden hun ogen wel eens kunnen open gaan.

Niet alleen de bovenlaag van de bevolking kwam de bijbel te lezen.

“Er waren ook timmermannen, schoenmakers of voddenboeren bij die de Bijbel lazen. Latijn beheersten ze niet, maar ze hadden wel behoefte aan dit soort boeken.”

Dominicus Guzmán, stichter van de Orde der Predikheren (Dominicanen)

Ook ontstonden er monnikenordes als de Franciscanen en Dominicanen (ook wel Orde der Predikheren  genaamd) die ook invloed uitoefenden op leken omdat ze de wereld intraden omdat zij prediking en zielzorg als belangrijke priesterlijke taken zagen.

Onderzoekster Sabrina Corbellini zegt

“Juist doordat de kerk in de Middeleeuwen vertalingen toestond was er een publiek ontstaan dat gewend was om te lezen. Het kan heel goed zijn dat dit een factor was voor het succes van de Reformatie.”

Het zoeken naar de Bijbelse Waarheid mocht er toe bijdragen dat meerdere tegen de Rooms Katholieke Kerk ingaande geestelijken gehoor kregen bij het gewone volk. Maar vele van die geestelijken hadden het ook moeilijk met interpretaties van mensen die helemaal niet wensten te geloven in een drie-voudige god. Getrouwen in Christus, Broeders in Christus, Brethren, anabaptisten, baptisten of doopsgezinden, katharen en albigenzen om er maar enkelen te noemen, konden de geestelijken van Katholieken zowel als protestanten op stang jagen zodat die twee laatsten er alles toe deden dat die mensen de Schrift niet in handen zouden krijgen. Zo werden ook enkele Bijbelvertalingen verboden omdat die volgens die Rooms Katholieke Kerk ketterse interpretaties waren van de grondtekst. Ook vandaag vinden wij in de Katholieke zo wel als in de Protestantse verenigingen groepen die beweren dat zulke vertalingen van die andere groepen vervalsingen van de bijbel zijn of zogezegd geschreven zijn vanuit hun bepaalde doctrine.

Opvallend bij meerder protestantse denkers uit Luthers tijd is dat zij het met momenten zeer moeilijk hadden met hun geloof. Als geestelijken groot gebracht in de Rooms Katholieke traditie waren zij helemaal doordrongen van die Katholieke leer met haar Drie-vuldigheid en allerlei riten. Het zondig zijn, straf en boete baarde Luther vele zorgen.

Een van de meest diepgaande zaken waar hij mee worstelde was dat hij ten diepste ervoer dat hij een zondig mens was, terwijl hij juist verlangde naar een zondevrij leven dicht bij God. Elke poging van Luther om deze ervaren kloof tussen hem en God te overbruggen strandde. Sterker nog, God was voor Luther veelal onbereikbaar en verborgen; hoog in de hemel, niet te kennen voor een mens op aarde. De vraag of hij behouden zou zijn en hoe God hem genadig zou kunnen zijn hield Luther zeer bezig. Zoals gebruikelijk in de Katholieke kerk toentertijd ondernam Luther als monnik vele pogingen van boetedoening en het verrichten van goede werken om iets van verlichting van schuld teweeg te brengen en zekerheid te verkrijgen, maar het hielp niets.{Refo Nu: Het leven en werk van Maarten Luther}

Zoals vele anderen kwam hij er niet toe om zich helemaal te onthechten van die vele valse leerstellingen waar hij mee opgegroeid was. Toch sloeg hij er in geleidelijk aan meerdere valse leerstellingen toch opzij te schuiven. Die gedrevenheid om zich los te koppelen van het Romeinse bestuur maakten het voor hem en gelijkgezinden soms zo moeilijk dat handgemeen niet vreemd aan de zaak was. Geweld en onverdraagzaamheid viel nu ook deze ‘protesterenden’ te beurt.

Luther zelf, kon ook hevig uit de hoek komen en fel van leer trekken tegen tegenstanders. Ook andere hervormers konden de onmin van Luther aan de lijve ondervinden en botsten dan wel eens tegen meerdere kampen.

Vele gelovigen die de macht van de Kerk wilden ontvluchten gingen hun heil ver over zee zoeken. Tijdens de lange en zware overtocht leerden zij ook andere gelovigen kennen die elk met een andere kerkgemeenschap groot waren gebracht. Dat confronteerde de meerdere heilzoekers met de verschillende interpretaties wat hun ook meer tot nadenken stemde. De overtocht gaf hen in ieder geval veel tijd om de Bijbel te lezen.

Nieuw-Nederland (Nova Belgica) en New England

Wanneer in 1620 de Mayflower het huidige Massachusetts bereikt, verspreiden de opvarenden – protestanten die zich willen losmaken van de Church of England en stichten zij New England, het religieuze en politieke centrum van de VS. Hierdoor krijgt de VS als grootmacht de positie van om het protestantisme mee tot een wereldwijde beweging te maken. Maar door al diegenen die tijdens de overtocht door het lezen van de Bijbel de ogen werden geopend, kwam er van daar ook een kentering in het omgaan met dat Woord van God. Vele Bijbelonderzoekers kwamen tot het besef hoe de vork in de steel zat en kwamen het ware geloof van de eerste Christenen te kennen en wensten ook dat geloof terug op te nemen. Hierdoor groeide vanuit die vele protestantse groeperingen verenigingen die zich op die leefwijze van de eerste Christenen en op hun geloof wilden concentreren. Zo ontstonden vele bijbelstudenten die zich onder verschillende namen groepeerden. Vanuit die bewegingen kwamen dan weer groepen te ontstaan die de weg naar Europa terug vonden en daar ook dat gevonden geloof wensten te verspreiden. Vandaag hebben die nazaten van Bijbelonderzoekers het nog steeds niet makkelijk om zich tussen die Roomsen en Gereformeerden staande te houden. Maar zij blijven het Goede Nieuws verkondigen.

Als kinderen van God willen die bijbelonderzoekers met hun verschillende congregaties of kerkgenootschappen, naar God Zijn Woord leven. Onder hun denominaties blijven zij zich kenbaar maken als Bijbelstudenten, Bijbelvorsers, Bijbelonderzoekers, Getuigen van Jehovah, Broeders in Christus, Jeshuaisten, enz. en blijven zij bewust van de opdracht die Jezus heeft gegeven, namelijk verkondigen. Als God-lievenden en als getuigen voor Jehovah voelen zij aan dat zij dit moeten blijven doen.

B. de Roos in zijn bedenking over Gereformeerd Nederland schrijft

De wereld kijkt met eigen ogen naar gelovigen
Onze medemensen kijken naar christenen. En misschien wel vooral naar reformatorischen. Zij kijken naar gelovige mensen. En toch zien zij het niet. Zij zien de drijfveer niet. En als zij die wel zien, dan doen ze niks met hun waarnemingen.
Er is meer nodig dan de eigen ogen van mensen.

Dit zullen Protestanten en Katholieken moeten blijven zien dat er nog steeds gelovigen de straten op gaan om te getuigen van hun geloof voor Die Ene Ware God. De schrijver van “Met eigen ogen” kijkt positief naar zijn gereformeerde broeders, waarvan hij gelooft dat zij opvallen in deze wereld, waar er voor velen weinig plaats is voor God. Hij schrijft

Het is prachtig dat christenen opvallen in de wereld.
Laten zij maar naar Gods wil leven.
Laten zij maar getuigen van Gods daden in hun al of niet roerige bestaan.
Maar laten zij vooral in gebed gaan. Laten zij God vragen om grote dingen tot stand te brengen.
Laten zij maar blij zijn omdat zij bij God mogen horen.
Laten zij maar kijken met eigen ogen, omdat God hen zicht op de werkelijkheid geeft. En laten zij hun eigen ogen maar sluiten, om tot God te bidden. {Met eigen ogen}

en eindigt dan met te zeggen

Meer hoeven zij niet te doen. Echt niet. {Met eigen ogen}

Maar daar op zouden wij zeggen dat er heel wat meer moet gebeuren.

“Gelovigen moeten uit hun schelp kruipen. Met hun handelen moeten zij anderen tonen dat zij God willen volgen en dienen en God Zijn schepsels (andere mensen, dieren en planten) volledig respect willen tonen.”

B. de Roos geeft toe dat ‘reformatorischen’ kan staan voor een ratjetoe. {De essentie van reformatie}. Algemeen mag men stellen als men naar de protestantse groeperingen ziet men in de meerdere protestantse denominaties ook zeer grote verschillen kan zien.

Wanneer we spreken over reformatorischen hebben we soms te maken met mensen die redeneren vanuit hun eigen bevindelijkheid en beleving. Anderen kijken wat anders tegen leer en leven aan.
Bij sommigen lijkt de traditie bijna heilig te zijn. Anderen veroorloven zich in veel dingen een wat meer hedendaagse aanpak.
Bij reformatorischen zien we, als het om wereldmijding gaat, nogal wat gradaties. De verschillen komen, bijvoorbeeld, naar voren in het gebruik van internet en e-mail binnen gezinnen en scholen.
Bij reformatorischen is, naar mijn idee, het kerkbesef niet zo groot. Als de kerk wél reuze belangrijk was zou men – naar mijn oordeel – meer werk maken van kerkelijke eenheid”[3]. {De essentie van reformatie}

schrijft B. de Roos en durft toegeven dat het nu misschien tijd is dat al die verschillende reformatorischen zich eens gaan reformeren.

Dat klinkt heel deftig. {De essentie van reformatie}

getuigd hij.

Maar het is zo logisch als wat.
Wij kennen toch die spreuk ‘Ecclesia reformata semper reformanda’? Dat wil zeggen: de kerk die gereformeerd is moet steeds weer gereformeerd worden.
Laat ik het zo mogen zeggen: wie echt bij de Verbondsgod hoort en zich aan Hem toevertrouwt, moet zich telkens weer naar Hem toe keren. Er is bekering nodig.
En laten we ’t maar zuiver stellen: zondige mensen moeten zich allemaal bekeren. {De essentie van reformatie}

En zo geeft hij uiting aan datgene wat geen enkele gelovige mag vergeten. Telkenmale moeten wij ons eigen onderzoeken. Als zondige mensen zullen wij ook telkenmale onze fouten moeten inzien er er spijt over betuigen. Na het eigen onderzoek en onze poging om terug op het rechte pad te komen, moeten wij onze ogen en ons hart weer richten op de Allerhoogste Schepper van hemel en aarde.

Eender welke hervormer heeft die vloek van de zonde moeten ondergaan. Nog geen enkel persoon, buiten Jezus is daar kunnen aan ontsnappen. Sinds de komst van Jezus hier op aarde 2021 jaar geleden moet de mens inzien dat hij de Weg naar God is en dat wij niet zonder hem kunnen. In welke gemeenschap wij ook maar willen leven, zullen wij steeds tot dat ene punt moeten komen dat Jezus de Weg is.

God mag mensen via verscheiden wegen naar die Weg brengen. Hiertoe moeten gelovigen in God dan ook dat volle vertrouwen tonen, maar ook bereid zijn die wegen in te slaan die God voor hen voor legt.

Indien wij dan één les als gemeenschappelijk mogen houden is het

Terug naar Christus en Zijn Woord: dat is de essentie van reformatie. Ook vandaag. {De essentie van reformatie}

+

Voorgaand

Hoogdag voor vele protestanten

++

Aanvullende lectuur

  1. Ongelezen bestseller
  2. Hermeneutiek om uit te dragen #8 Tegenspraak
  3. Het wonder levend houden
  4. Horen bij Christus en één worden met Christus
  5. Gods vergeten Woord 1 Inleiding
  6. Gods vergeten Woord 2 Verloren Wetboek 1 Wie heeft nog belangstelling
  7. Gods vergeten Woord 6 Verloren Wetboek 5 Ketters
  8. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #6 Constantijn de Grote
  9. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #11 Vredelievende waarheidzoekers
  10. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #12 Anabaptisten
  11. 16° Eeuwse Broeders in Christus
  12. On-Bijbelse instituut van de kerk
  13. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #3 Van een bepaalde wereld zijnde
  14. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #5 Valse leraren en afvalligen
  15. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #6 Valse leraren en geestelijke hoererij
  16. Heer, Yahuwah, Yeshua of Yahushua
  17. Jeshuaisten dragers van de naam van Christus
  18. Groep baptisten wijst op belang Reformatie

+++

Lees verder ook

  1. ‘Al ver vóór Maarten Luther las iedereen de Bijbel’
  2. Vader Karel Utenhove Gentse edelman en voorstander van de hervorming
  3. Reformatie vormde het huidige Europa
  4. Het merk Luther: hoe een monnik vanuit het niets zijn stadje tot een centrum … – In Het merk Luther laat Andrew Pettegree zien dat Luther niet alleen een begaafd theoloog was, maar ook – in hedendaagse termen – een sluwe populist.
  5. Reformatorische Kerk
  6. Evangelisch-reformatorisch
  7. Daily Update: 6 juli 1415 – Jan Hus, Pre-Lutheraans gedachtegoed
  8. Daily Update 7 november: Vox in Rama – Stel, je bent een middeleeuwse inquisiteur en je bent er heilig van overtuigd dat Lucifer (de duivel) aanbeden wordt door allerlei ongelovigen in je inquisitieursdistrict.

+++

Further reading
  1. Sitographie / Bibliographie: la Réforme
  2. Le protestantisme a 500 ans
  3. Témoins de Jéhovah : francs-maçons ?
  4. Huguenot Migration and Mobility out of France
  5. The Forgotten French Emigrants by France / Les émigrants français oublié par la France
  6. Puritan Reformed Spirituality by Joel Beeke
  7. Outline of Beeke’s Puritan Spirituality
  8. 8 Reasons Christian Holidays Should Not Be Observed
  9. Trying to Get Rid of Holy Days for a Long Time
  10. Reformation Confessions and Evangelism
  11. Reformation
  12. Reformation Day: Prelude
  13. Reformation Day – 500 years
  14. The 500th Anniversary of Reformation: It’s All About Grace!
  15. Premillennialism and the Reformation
  16. Cardinal Müller: Reformation was ‘revolution against the Holy Spirit’
  17. The Reformation is for the Mentally Disabled and Infants
  18. Luther and the Reformation: Free on Amazon Videos
  19. A prayer of gratefulness for the Reformation
  20. Is it time for another reformation
  21. The Anti-Reformation in Todays Evangelical Church
  22. 8 Theses for Women of the Modern Day Reformation
  23. 500 years later – a new reformation
  24. Opinion: On Reformation Day, we need another Luther
  25. A New Reformation
  26. Today in radical history: a New-yeeres Gift from Gerrard Winstanley, 1650.

+++

3 Comments

Filed under Geschiedenis, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden