Tag Archives: Eeuwig leven

Bijbels antwoord op uw vraag: Wat gebeurt er met ons na het sterven?

Het geloof waarover de Bijbel spreekt, is ‘opstandingsgeloof’. In het Oude Testament is er geen verwachting van gelovigen te vinden dat zij naar de hemel gaan. In plaats daarvan denken zij met afgrijzen aan de dood, als een toestand waarin er geen bewustzijn meer is (Pred. 9:10), geen gelegenheid God te loven en anderen te wijzen op Zijn heil (Ps. 6:6 en 30:10; Jes. 38:18-19).

“ Grijp met beide handen de kansen die je nu krijgt, want in de onderwereld waarheen je op weg bent is het gedaan met denken en doen, met kennis en wijsheid.” (Pre 9:10 WV78)

“(6:7) Kreunend en afgemat schrei ik nacht aan nacht op mijn bed, doordrenk ik mijn peluw met tranen;” (Ps 6:6 WV78)

“(30:11) Hoor mij, Jahwe, heb deernis; wees Gij, Jahwe, mijn helper.’” (Ps 30:10 WV78)

“18 Het dodenrijk brengt U geen lof, de doden prijzen U niet. Wie in het graf is afgedaald hoopt niet meer op uw trouw. 19 Levende mensen alleen kunnen U loven, zoals ik heden doe. Een vader alleen maakt zijn zonen bekend met uw trouw.” (Jes 38:18-19 WV78)

Zij zien de dood als een vijand, een wrede heerser, uit wiens macht je jezelf of een ander niet kunt bevrijden (Ps. 49:8).

“(49:9) te hoog is de prijs voor zijn leven, voor de eeuwigheid reikt hij niet toe:” (Ps 49:8 WV78)

De mens gaat naar het dodenrijk en vergaat tot stof. Daarbij wordt er geen onderscheid gemaakt tussen ziel en lichaam. Zo spreekt Jacob over zichzelf als neerdalend in het dodenrijk (bv Gen. 37:35). Maar hadden zij dan geen hoop? Jazeker wel: op de opstanding (zie bv. Ps. 49:15-16; Jes. 26:19; Dan. 12:13).

“ Al zijn zonen en dochters deden hun best om hem te troosten, maar hij liet zich niet troosten en zei: ‘Treurend daal ik af naar mijn zoon in het dodenrijk.’ En zijn vader bleef hem bewenen.” (Ge 37:35 WV78)

“15  (49:16) Maar mij bevrijdt God uit de greep van het dodenrijk: Hij neemt mij tot zich. 16 (49:17) Wees niet bang wanneer iemand zo rijk is en zijn huis in gewichtigheid toeneemt:” (Ps 49:15-16 WV78)

“ Uw doden zullen herleven, mijn gestorven lichamen weer opstaan. Allen die slapen in het stof, zullen vol vreugde ontwaken. Want de dauw die u bedekt, is een lichtende dauw: de aarde brengt de schimmen weer tot leven.” (Jes 26:19 WV78)

“ En jij, ga het einde tegemoet, je zult je te ruste leggen om weer op te staan tot uw bescherming aan het einde der dagen.’” (Da 12:13 WV78)

De schrijver van de brief aan de Hebreeën schrijft in hoofdstuk 11 over dat geloof.
Velen menen echter dat sinds de komst van Jezus het geloof in eeuwig geluk in de hemel wordt gepredikt. Daarvan wisten de Here Jezus en de apostelen echter niets. Jezus heeft nooit enig woord daarover gesproken, integendeel: Hij gaf aan dat nooit iemand naar de hemel is gegaan alleen Hij dat zou doen (Joh. 3:13).

“ Nooit is er iemand naar de hemel geklommen, tenzij Hij die uit de hemel is neergedaald, de Zoon des Mensen.” (Joh 3:13 WV78)

Hij predikte de opstanding uit de doden (Joh. 6:39, 40, 44, 54; Luc. 20:35-36; Matth. 22:23-33).

“39 en dit is de wil van Hem die Mij gezonden heeft, dat Ik niets van wat Hij Mij gegeven heeft verloren laat gaan, maar het doe opstaan op de laatste dag. 40 Dit is de wil van mijn Vader, dat ieder die de Zoon ziet en in Hem gelooft, eeuwig leven bezit; en ik zal hem doen opstaan op de laatste dag.’” (Joh 6:39-40 WV78)

“ Niemand kan tot Mij komen, als de Vader die Mij zond, hem niet trekt; en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag.” (Joh 6:44 WV78)

“ Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag.” (Joh 6:54 WV78)

“35 maar die waardig zijn gekeurd deel te krijgen aan de andere wereld en aan de verrijzenis uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk gegeven. 36 Zij kunnen immers niet meer sterven, omdat zij gelijk engelen zijn; en als kinderen van de verrijzenis zijn zij de kinderen van God.” (Lu 20:35-36 WV78)

“23  Die dag kwamen er Sadduceeen bij Hem; dezen houden dat er geen verrijzenis bestaat. Ze legden Hem daarom de volgende kwestie voor: 24 ’Meester, Mozes heeft gezegd: Indien iemand sterft zonder kinderen, moet zijn broer met diens vrouw trouwen om aan zijn broer een nageslacht te geven. 25 Nu waren er bij ons eens zeven broers. De eerste trouwde en stierf, en aangezien hij geen kinderen had, liet hij zijn vrouw na aan zijn broer. 26 Zo ging het ook met de tweede en de derde, tot en met de zevende. 27 Het laatste van alles stierf de vrouw. 28 Van wie van de zeven zal zij nu bij de verrijzenis de vrouw zijn? Ze hebben haar toch allemaal tot vrouw gehad?’ 29 Jezus gaf hun ten antwoord: ‘Gij vergist u, omdat gij noch de Schrift, noch Gods macht kent. 30 Na de verrijzenis is er geen sprake meer van huwen of ten huwelijk gegeven worden, maar men zal zijn als engelen Gods in de hemel. 31 En wat de verrijzenis der doden betreft, hebt ge niet gelezen wat door God tot u gezegd is: 32 Ik ben de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob? Hij is geen God van doden maar van levenden.’ 33 Toen het volk dit hoorde, stond het verbaasd over zijn leer.” (Mt 22:23-33 WV78)

File:Christoph Schwarz (cirlce) Auferstehung Christi.jpg

Umkreis des Christoph Schwarz (um 1545–1592) – Die Auferstehung Christi, Öl auf Holz, 60 x 48 cm 16° eeuw

Ook de apostelen wezen vanaf de Pinkster-dag alleen op de opstanding. Let op de redenering van Petrus, dat David in Psalm 16 nooit over zichzelf gesproken kan hebben, omdat zijn graf in Jeruzalem het bewijs is van zijn dood. Maar het graf van Jezus is leeg, dus doelde David op Hem (Hand. 2:24-36). De opwekking van Jezus was voor Paulus het bewijs, de garantie dat ook allen die geloven zullen worden opgewekt (1 Kor. 15). Hij wachtte persoonlijk op zijn opstanding, niet op zijn hemelvaart (Fil. 3:10-11). Sterker nog: hij was bereid te sterven voor die hoop (Hand. 23:6).

“10 Ik wil Christus kennen, ik wil de kracht van zijn opstanding gewaarworden en de gemeenschap met zijn lijden, ik wil steeds meer op Hem lijken in zijn sterven 11 om eens te mogen komen tot de wederopstanding uit de doden.” (Flp 3:10-11 WV78)

“ Wetend dat het Sanhedrin ten dele uit Sadduceeen en ten dele uit Farizeeen bestond, riep Paulus, nu in het Sanhedrin uit: ‘Mannen broeders, ik ben een Farizeeer en een zoon van Farizeeen. Om de verwachting en de opstanding der doden sta ik terecht.’” (Hnd 23:6 WV78)

Waarom zouden zij deze verwachting hebben wanneer zij bij het sterven naar de hemel zouden gaan? Zou hun mond dan niet dáárvan overstromen? Maar nee, hun mond stroomde over van blijdschap over de opstanding van Jezus en de hoop die zij en wij daardoor mogen hebben eeuwig leven te ontvangen bij zijn komst. En nog een andere vraag: is het niet ongerijmd dat iemand die
bij het sterven naar de hemel is gegaan, met Jezus dan naar de aarde komt om opgewekt te worden en uit Diens mond te horen wat zijn of haar eeuwige bestemming zal zijn en vervolgens weer terug te gaan naar de hemel (of zoals sommigen denken naar een hel)?

Voor de gelovigen is de dood een slaap waaruit de Here hem of haar zal wekken bij zijn komst. Dat is het eenvoudige geloof dat God van ons vraagt. Kunnen wij Hem dat geloof tonen?

+

Volgende

Een veel voorkomende vraag: Waarom moest Jezus of God naar de hel?

++

Aanverwante lectuur

  1. In leven na dood gelovende Duitsers
  2. Tot bewust zijn komen voor huidig leven
  3. Niet de hemel maar de aarde
  4. Lichaam en ziel één
  5. Betreffende het spirituele lichaam
  6. Een goddelijk Plan #4 Beloften
  7. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 3 Lichamelijke opstanding
  8. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 5 Griekse bezwaren tegen de opstanding
  9. Wat gebeurt er als wij sterven
  10. Eeuwenlange verkondiging van de hel als martelplaats
  11. Sheol, Sheool, Sjeool, Hades, Hel, Graf, Sepulcrum
  12. Een Boom van kennis wordt een Boom van moraal
  13. Al of niet onsterfelijkheid
  14. Ontbinding
  15. Wij zijn sterfelijk en zullen tot stof vergaan
  16. Decomposition, decay – vergaan, afsterven, ontbinding
  17. Een losgeld voor iedereen 2 Een verheven persoon van vlees en bloed
  18. De Verlosser 3 Zijn menselijke kant
  19. Vergieten van Bloed, een Oud en een Nieuw Verbond
  20. Christus is waarlijk opgestaan uit de dood
  21. Vier redenen vóór de opstanding
  22. Ongelovige Thomassen, Jezus en zijn God
  23. De hoop op leven
  24. Hoe zullen de doden weer levend gemaakt worden?
  25. Schapen en bokken 1 Aangenomen, verworpenen en slaven
  26. Twee soorten mensen
  27. God liefhebbenden gerechtvaardigd
  28. Wederopstanding, ook van huisdieren

+++

Gerelateerd

  1. Los Mý, gaan kerk!
  2. Alles het verander
  3. Jesus leef: geloof of gelieg? 

2 Comments

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

De Almachtige God der goden, groter dan en hoog verheven boven alle goden

 

 

“In den beginne schiep God de hemel en de aarde.” (Genesis 1:1 NBG51)

“Toen Abram negenennegentig jaar oud was, verscheen de HERE aan Abram en zeide tot hem: Ik ben God, de Almachtige, wandel voor mijn aangezicht, en wees onberispelijk;” (Genesis 17:1 NBG51)

“2 Voorts sprak God tot Mozes en zeide tot hem: Ik ben de HERE. 3 Ik ben aan Abraham, Isaak en Jakob verschenen als God de Almachtige, maar met mijn naam HERE ben Ik hun niet bekend geweest.” (Exodus 6:2-3 NBG51)

“Wie is als Gij, onder de goden, HERE, wie is als Gij, heerlijk in heiligheid vreselijk in roemrijke daden, wonderbaar in uw doen?” (Exodus 15:11 NBG51)

“Nu weet ik, dat de HERE groter is dan alle goden; want Hij heeft het volk uit de macht der Egyptenaren gered, omdat dezen overmoedig tegen hen waren opgetreden. {} {} {}” (Exodus 18:11 NBG51)

“Hij zeide: Gij zult mijn aangezicht niet kunnen zien, want geen mens zal Mij zien en leven.” (Exodus 33:20 NBG51)

“4  Hoor, Israel: de HERE is onze God; de HERE is een! 5 Gij zult de HERE, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht. 6 Wat ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, {} 7 gij zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer gij in uw huis zit, wanneer gij onderweg zijt, wanneer gij nederligt en wanneer gij opstaat. 8 Gij zult het ook tot een teken op uw hand binden en het zal u een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn, 9 en gij zult ze schrijven op de deurposten van uw huis en aan uw poorten.” (Deuteronomium 6:4-9 NBG51)

“want ik zal de naam des HEREN uitroepen; geeft grootheid onze God,” (Deuteronomium 32:3 NBG51)

“Van U, o HERE, is de grootheid en de kracht, de heerlijkheid, de roem en de majesteit, ja, alles wat in de hemel en op de aarde is; van U is de heerschappij, o HERE, en Gij zijt als hoofd boven alles verheven.” (1 Kronieken 29:11 NBG51)

“Het huis, dat ik ga bouwen, zal groot zijn, want onze God is groter dan alle goden.” (2 Kronieken 2:5 NBG51)

“Zie, God is groot, en wij begrijpen Hem niet, het getal zijner jaren is onnaspeurlijk.” (Job 36:26 NBG51)

“Laat af en weet, dat Ik God ben; Ik ben verheven onder de volken, verheven op de aarde.” (Psalmen 46:10 NBG51)

“Een lied. Een psalm van de Korachieten. (48-2) Groot is de HERE en hoog te loven in de stad van onze God zijn heilige berg.” (Psalmen 48:1 NBG51)

“Ja, uw gerechtigheid, o God, reikt tot den hoge, Gij, die grote dingen volbracht hebt; o God, wie is U gelijk?” (Psalmen 71:19 NBG51)

“Geloofd zij de HERE God, de God van Israel, die alleen wonderen doet.” (Psalmen 72:18 NBG51)

“opdat zij weten, dat alleen uw naam is: HERE, de allerhoogste over de ganse aarde. {}” (Psalmen 83:18 NBG51)

“Onder de goden is niemand U gelijk, o Here, en niets is als uw werken.” (Psalmen 86:8 NBG51)

“want wie in de hemel kan de HERE evenaren, wie onder de goden is de HERE gelijk?” (Psalmen 89:6 NBG51)

“Hoe groot zijn uw werken, o HERE; zeer diep zijn uw gedachten.” (Psalmen 92:5 NBG51)

“3 Want de HERE is een groot God, een groot Koning, boven alle goden, 4 in wiens hand de diepten der aarde zijn, en wiens de toppen der bergen zijn; 5 wiens de zee is, daar Hij ze heeft gemaakt, ook het droge, dat zijn handen hebben geformeerd. 6 Treedt toe, laten wij ons nederwerpen en ons buigen, knielen voor de HERE, onze Maker; 7  want Hij is onze God, en wij zijn het volk dat Hij weidt, de schapen zijner hand. Och, of gij heden naar zijn stem hoordet! 8 Verhardt uw hart niet, gelijk bij Meriba, gelijk ten dage van Massa, in de woestijn, 9 toen uw vaderen Mij verzochten, Mij op de proef stelden, ofschoon zij mijn werk hadden gezien.” (Psalmen 95:3-9 NBG51)

“Want Gij, HERE, zijt de Allerhoogste over de ganse aarde, Gij zijt zeer hoog verheven boven alle goden.” (Psalmen 97:9 NBG51)

“Hij heeft aan zijn volk verlossing gezonden, Hij heeft zijn verbond voor eeuwig verordend; heilig en geducht is zijn naam.” (Psalmen 111:9 NBG51)

“Ja, ik weet, dat de HERE groot is, dat onze Here boven alle goden is.” (Psalmen 135:5 NBG51)

“De HERE is groot en zeer te prijzen, zijn grootheid is ondoorgrondelijk.” (Psalmen 145:3 NBG51)

“Maar de HERE der heerscharen wordt verhoogd door recht en de heilige God wordt geheiligd door gerechtigheid.” (Jesaja 5:16 NBG51)

“En de een riep de ander toe: Heilig, heilig, heilig is de HERE der heerscharen, de ganse aarde is van zijn heerlijkheid vol.” (Jesaja 6:3 NBG51)

“De HERE der heerscharen, Hem zult gij heilig achten en Hij moet het voorwerp van uw vrees en Hij moet het voorwerp van uw schrik zijn.” (Jesaja 8:13 NBG51)

“Met wie dan wilt gij God vergelijken en welke vergelijking op Hem toepassen?” (Jesaja 40:18 NBG51)

“Ik, Ik ben de HERE, en buiten Mij is er geen Verlosser.” (Jesaja 43:11 NBG51)

“Weest niet verschrikt en vreest niet. Heb Ik het u niet van oudsher doen horen en verkondigd? Gij zijt mijn getuigen: is er een God buiten Mij? Er is geen andere Rots, Ik ken er geen.” (Jesaja 44:8 NBG51)

“Want zo zegt de Hoge en Verhevene, die in eeuwigheid troont en wiens naam de Heilige is: In den hoge en in het heilige woon Ik en bij de verbrijzelde en nederige van geest, om de geest der nederigen en het hart der verbrijzelden te doen opleven. {}” (Jesaja 57:15 NBG51)

“Wie zou U niet vrezen, o Koning der volkeren? Want U komt het toe, want onder al de wijzen der volken en onder al hun koningen is niemand U gelijk!” (Jeremia 10:7 NBG51)

“Als in een liefelijke reuk zal Ik behagen in u hebben, wanneer Ik u voer uit het midden der volken. Dan zal Ik u uit de landen waarin gij verstrooid zijt, bijeenbrengen en Mij aan u de Heilige betonen ten aanschouwen van de volken.” (Ezechiël 20:41 NBG51)

“Ik zal mijn grote naam die onder de volken ontheiligd is, die gij te midden van hen ontheiligd hebt, heiligen; en de volken zullen weten, dat Ik de HERE ben, luidt het woord van de Here HERE, wanneer Ik Mij voor hun ogen aan u de Heilige zal betonen.” (Ezechiël 36:23 NBG51)

“Ik zal Mij groot en heilig betonen en Mij doen kennen ten aanschouwen van vele volken; en zij zullen weten, dat Ik de HERE ben.” (Ezechiël 38:23 NBG51)

“De koning gaf Daniel ten antwoord: In waarheid, uw God is de God der goden en de Heer der koningen, en Hij openbaart verborgenheden: daarom hebt gij deze verborgenheid kunnen openbaren. {}” (Daniël 2:47 NBG51)

“En het zal geschieden, dat ieder die de naam des HEREN aanroept, behouden zal worden, want op de berg Sion en te Jeruzalem zal ontkoming zijn, zoals de HERE gezegd heeft; en tot de ontkomenen zullen zij behoren, die de HERE zal roepen.” (Joël 2:32 NBG51)

“Maar dan zal Ik de volken andere, reine lippen geven, opdat zij allen de naam des HEREN aanroepen; opdat zij Hem dienen met eenparige schouder.” (Sefanja 3:9 NBG51)

“Bidt gij dan aldus: Onze Vader die in de hemelen zijt, uw naam worde geheiligd;” (Mattheüs 6:9 NBG51)

“En Jezus zeide tot hem: Waarom noemt gij Mij goed? Niemand is goed dan God alleen.” (Markus 10:18 NBG51)

“omdat grote dingen aan mij gedaan heeft de Machtige. En heilig is zijn naam,” (Lukas 1:49 NBG51)

“God is geest en wie Hem aanbidden, moeten aanbidden in geest en in waarheid.” (Johannes 4:24 NBG51)

“1  Dit sprak Jezus en Hij hief zijn ogen ten hemel en zeide: Vader de ure is gekomen; verheerlijk uw Zoon, opdat uw Zoon U verheerlijke, {} 2 gelijk Gij Hem macht hebt gegeven over alle vlees, om aan al wat Gij Hem gegeven hebt, eeuwig leven te schenken. 3 Dit nu is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt.” (Johannes 17:1-3 NBG51)

“Ik heb uw naam geopenbaard aan de mensen, die Gij Mij uit de wereld gegeven hebt. Zij behoorden U toe en Gij hebt hen Mij gegeven en zij hebben uw woord bewaard.” (Johannes 17:6 NBG51)

“25 Rechtvaardige Vader, de wereld kent U niet, maar Ik ken U, en dezen weten, dat Gij Mij gezonden hebt; 26 en Ik heb hun uw naam bekend gemaakt en Ik zal hem bekend maken, opdat de liefde, waarmede Gij Mij liefgehad hebt, in hen zij en Ik in hen.” (Johannes 17:25-26 NBG51)

“En het zal zijn, dat al wie de naam des Heren aanroept, behouden zal worden.” (Handelingen 2:21 NBG51)

“Want hetgeen van Hem niet gezien kan worden, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid, wordt sedert de schepping der wereld uit zijn werken met het verstand doorzien, zodat zij geen verontschuldiging hebben. {} {}” (Romeinen 1:20 NBG51)

“want: al wie de naam des Heren aanroept, zal behouden worden.” (Romeinen 10:13 NBG51)

“O diepte van rijkdom, van wijsheid en van kennis Gods, hoe ondoorgrondelijk zijn zijn beschikkingen en hoe onnaspeurlijk zijn wegen!” (Romeinen 11:33 NBG51)

“4  Wat nu het eten van offervlees betreft, wij weten, dat er geen afgod in de wereld bestaat en dat er geen God is dan Een. {} 5 Want al zijn er zogenaamde goden, hetzij in de hemel, hetzij op de aarde (en werkelijk zijn er goden in menigte en heren in menigte) 6 voor ons nochtans is er maar een God, de Vader, uit wie alle dingen zijn en tot wie wij zijn, en een Here, Jezus Christus, door wie alle dingen zijn, en wij door Hem.” (1 Corinthiërs 8:4-6 NBG51)

“in overeenstemming met het evangelie der heerlijkheid van de zalige God, dat mij is toevertrouwd.” (1 Timotheüs 1:11 NBG51)

“Want er is een God en ook een middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus,” (1 Timotheüs 2:5 NBG51)

“Want Christus is niet binnengegaan in een heiligdom met handen gemaakt, een afbeelding van het ware, maar in de hemel zelf, om thans, ons ten goede, voor het aangezicht Gods te verschijnen;” (Hebreeën 9:24 NBG51)

“En wij hebben de liefde onderkend en geloofd, die God jegens ons heeft. God is liefde, en wie in de liefde blijft, blijft in God en God blijft in hem.” (1 Johannes 4:16 NBG51)

“En de vier dieren hadden elk voor zich zes vleugels en waren rondom en van binnen vol ogen en zij hadden dag noch nacht rust, zeggende: Heilig, heilig, heilig is de Here God, de Almachtige, die was en die is en die komt.” (Openbaring 4:8 NBG51)

“zeggende: Wij danken U, Here God, Almachtige, die is en die was, dat Gij uw grote macht hebt opgenomen en het koningschap hebt aanvaard; {} {}” (Openbaring 11:17 NBG51)

“En ik hoorde het altaar zeggen: Ja, Here God, Almachtige, uw oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig. {} {}” (Openbaring 16:7 NBG51)

*

 

+

Voorgaande:

Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing

Volgende:

Der Allmächtige Gott der Götter, größer und mächtiger als alle Götter

Dieu Puissant, Dieu unique des dieux plus grand que tous les dieux

Almighty God above all other gods greater than all gods

++

Vindt ook:

  1. El Shaddai Die verscheen voor Abraham
  2. God die Almachtige Geest die geen mens kan zien
  3. El Shaddai Jehova der Abraham erschienen
God's Name on the Scrolls - Gods Naam op de Schriftrollen

God’s Name on the Scrolls – Gods Naam op de Schriftrollen

+++

12 Comments

Filed under Aanhalingen uit Heilige Geschriften, Geestelijke aangelegenheden, Religieuze aangelegenheden

Zij die in de renbaan lopen en geroepen zijn voor rechtvaardiging door geloof

“11  {De wijsheid wordt vaak onderschat} Opnieuw zag ik onder de zon dat niet de snellen de wedloop winnen, en ook niet de helden de strijd, ook dat niet de wijzen brood hebben, en ook niet de verstandigen rijkdom, en evenmin de kenners gunst. Tijd en toeval overkomen hun immers allen. 12 Want de mens weet ook zijn tijd niet, evenmin als de vissen die in een boosaardig net worden gevangen, en als de vogels die gevangen worden met de strik. Net als zij worden de mensenkinderen op een kwaad ogenblik verstrikt, wanneer dat hun plotseling overvalt.” (Prediker 9:11-12 HSV)

“24  Weet u niet dat zij die in de renbaan lopen, allen wel lopen, maar dat slechts één de prijs ontvangt? Loop dan zo dat u die verkrijgt. 25 En iedereen die aan een wedstrijd deelneemt, beheerst zich in alles. Zij nu doen dat om een vergankelijke krans te ontvangen, maar wij om een onvergankelijke te ontvangen.” (1 Corinthiërs 9:24-25 HSV)

“Want zoals het lichaam zonder geest dood is, zo is ook het geloof zonder de werken dood.” (Jakobus 2:26 HSV)

“Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.” (Johannes 3:16 HSV)

“opdat de beproeving van uw geloof-die van groter waarde is dan die van goud, dat vergaat en door het vuur beproefd wordt-mag blijken te zijn tot lof en eer en heerlijkheid, bij de openbaring van Jezus Christus.” (1 Petrus 1:7 HSV)

“6 Verneder u dan onder de krachtige hand van God, opdat Hij u op Zijn tijd verhoogt. 7 Werp al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u. 8  Wees nuchter en waakzaam; want uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij zou kunnen verslinden. 9 Bied weerstand aan hem, vast in het geloof, in de wetenschap dat hetzelfde lijden ook aan al uw broeders {uw broeders-Letterlijk: uw broederschap.} in de wereld opgelegd wordt. 10  {Zegen, afzender, groeten} De God nu van alle genade, Die ons geroepen heeft tot Zijn eeuwige heerlijkheid in Christus Jezus, Hij Zelf moge u-na een korte tijd van lijden-toerusten, bevestigen, versterken en funderen.” (1 Petrus 5:6-10 HSV)

“{Oorlogswetten} Wanneer u ten strijde trekt tegen uw vijanden, en u ziet paarden en strijdwagens, een volk dat groter is dan u, wees dan niet bevreesd voor hen. Want de HEERE, uw God, Die u uit het land Egypte heeft geleid, is met u.” (Deuteronomium 20:1 HSV)

“En deze hele gemeente zal weten dat de HEERE niet door zwaard of door speer verlost, want de strijd is van de HEERE. Hij zal u in onze hand geven.” (1 Samuël 17:47 HSV)

“Het is niet aan u in deze oorlog te strijden. Stel uzelf op, blijf staan en zie het heil van de HEERE dat met u is, Juda en Jeruzalem. Wees niet bevreesd en wees niet ontsteld. Trek morgen tegen hen op, want de HEERE zal met u zijn.” (2 Kronieken 20:17 HSV)

“Maar als u wilt gaan, doe het dan en wees sterk voor de strijd. God zal u echter laten struikelen voor de vijand, want in God is kracht om te helpen en om te laten struikelen.” (2 Kronieken 25:8 HSV)

“(55:19) Hij heeft mijn ziel in vrede verlost van de strijd tegen mij, want met velen waren zij tegen mij.” (Psalmen 55:18 HSV)

“(140:8) HEERE Heere, kracht van mijn heil, U hebt mijn hoofd beschut op de dag van de strijd. {strijd-Letterlijk: wapens.}” (Psalmen 140:7 HSV)

“Een paard wordt gereedgemaakt voor de dag van de strijd, maar de overwinning is van de HEERE.” (Spreuken 21:31 HSV)

“(2:17) Ik zal voor hen een verbond sluiten op die dag met de dieren van het veld, met de vogels in de lucht en de kruipende dieren op de aarde. En boog, zwaard en strijd zal Ik van de aarde doen verdwijnen, {doen verdwijnen-Letterlijk: verbreken.} en Ik zal hen onbezorgd doen neerliggen.” (Hosea 2:18 HSV)

“Zie, Ik kom als een dief. Zalig hij die waakzaam is en op zijn kleren acht geeft, zodat hij niet naakt zal rondlopen en men zijn schaamte niet zal zien.” (Openbaring 16:15 HSV)

“En hij zal uitgaan om de volken te misleiden die zich in de vier hoeken van de aarde bevinden, Gog en Magog, om hen te verzamelen voor de oorlog. En hun aantal is als het zand van de zee.” (Openbaring 20:8 HSV)

“Ik doe de genade van God niet teniet; want als er gerechtigheid door de wet \@zou zijn,\@ dan was Christus tevergeefs gestorven.” (Galaten 2:21 HSV)

“En de Schrift, die voorzag dat God uit het geloof de heidenen zou rechtvaardigen, verkondigde eertijds aan Abraham het Evangelie: In u zullen al de volken gezegend worden.” (Galaten 3:8 HSV)

“En dat door de wet niemand gerechtvaardigd wordt voor God, is duidelijk, want de rechtvaardige zal uit het geloof leven.” (Galaten 3:11 HSV)

“{Geen misbruik van de vrijheid} Want u bent tot vrijheid geroepen, broeders, alleen niet tot die vrijheid die aanleiding geeft aan het vlees; maar dien elkaar door de liefde.” (Galaten 5:13 HSV)

“21 {Rechtvaardiging door het geloof} Maar nu is zonder de wet gerechtigheid van God geopenbaard, waarvan door de wet en de profeten is getuigd: 22 namelijk gerechtigheid van God door het geloof in Jezus Christus, tot allen en over allen die geloven, want er is geen onderscheid.” (Romeinen 3:21-22 HSV)

“Want niet door de wet is de belofte aan Abraham of zijn nageslacht gedaan dat hij een erfgenaam van de wereld zou zijn, maar door de gerechtigheid van het geloof.” (Romeinen 4:13 HSV)

“1  {Gestorven aan de zonde} Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade toeneemt? 2 Volstrekt niet! Hoe zullen wij, die aan de zonde gestorven zijn, nog daarin leven? 3 Of weet u niet dat wij allen die in Christus Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn?” (Romeinen 6:1-3 HSV)

“Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt en met uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult u zalig worden.” (Romeinen 10:9 HSV)

“Wie echter twijfelt als hij eet, is veroordeeld, omdat hij het niet uit geloof doet. En alles wat niet uit geloof is, is zonde.” (Romeinen 14:23 HSV)

“Zonder geloof is het echter onmogelijk God te behagen. Want wie tot God komt, moet geloven dat Hij is, en dat Hij beloont wie Hem zoeken.” (Hebreeën 11:6 HSV)

“want het is God, Die in u werkt zowel het willen als het werken, naar Zijn welbehagen.” (Filippenzen 2:13 HSV)

“Ik ben de Wijnstok, u de ranken; wie in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt u niets doen.” (Johannes 15:5 HSV)

*

 

+

Engelse versie / English version: Engelse versie: The race is not to the swift, nor the battle to the strong

Sailing ship in which the administrator travel...

Een wedloop of zeilwedstrijd. Waar wil jij heen varen? god heeft de wegen voorbereid en de zeeën voorzien vna lichtbakens. Welke sterren wenst jij te volgen?- Sailing ship in which the administrator travels around in the Orembaai, Ceram, Moluccas (Photo credit: Wikipedia)

 

++

Vindt ook:

Van goede moed zijnde om de wedloop te voleindigen

+++

  • Why we shouldn’t worry God will break His promises (pastorjonev.typepad.com)
    While God is making a promise, He is also keeping a promise He made centuries before to Abraham, Isaac, and Jacob (2:24; 6:3-4).
  • The Lord Will Provide #InstarationDevo (armansheffey.com)
    God is a perfect, loving father. As we, His children, trust Him with our lives and obey His commands He promises to be our great provider.
    Abraham experienced this amazing provision when faced with the greatest test a father could face: choosing your child or your God.
  • The Faith of our Ancestors: Something we can emulate? (saintmichaelschapel.wordpress.com)
    Lord, let my faith be joyful
    and give peace and gladness to my spirit,
    and dispose it for prayer with God
    and conversation with men,
    so that the inner bliss of its fortunate possession
    may shine forth in sacred and secular conversation.
  • Grace and Favor for Lot (africanaprincess.wordpress.com)
    God remembered Abraham and sent Lot out of the midst of trouble.  For the seed that Lot sown with Abraham, the man of God, Lot was granted favor and grace by being in relationship with Abraham.  Beloved, when you help and pray for the man and woman of God, God will remember.  In the case of Lot, he was saved from destruction. It is good news to know that God will bless you for helping His people.  As you are praying over God’s chosen, you are sowing seeds in God that can be reaped in the future.
  • Excitement From Book Of Joshua (mylordmyfriend.com)
    Following on from their first victories, Israel goes on to take much of Canaan. Conquering all cities, but the cities that can be defended and used are kept, with the lesser cities being destroyed. The only exception is Hazor, the most powerful city in the land, which was destroyed.
  • The Fear of Man is a Trap (codybateman.org)

    Fear is a robber of the worst sorts. Abraham’s own fear – which began in his mind – nearly caused him to lose his wife, a new land of promise and a beautiful heritage for his offspring too.

    Today, the whole world remains blessed by the faithfulness of God toward Abraham. How so? Because our Savior, Jesus Christ, eventually came from that same line of Abraham and his beautiful wife!

10 Comments

Filed under Aanhalingen uit Heilige Geschriften, Geestelijke aangelegenheden, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden

Geen race voor de snelste, noch een strijd der helden

 

“11  Nog iets anders zag ik onder de zon: niet altijd winnen de snelsten de wedloop of de dappersten de oorlog. Het zijn niet altijd de wijzen die te eten hebben, de verstandigen die rijk worden of de deskundigen die bijval krijgen. Alles hangt af van tijd en toeval. 12 Bovendien weet geen mens wanneer het zijn tijd is. Zolang een vis ineens gevangen zit in de fuik of een vogel vastraakt in een klapnet, zo wordt ook de mens gestrikt op een kwaad moment dat hem onverwachts overvalt.” (Prediker 9:11-12 WV78)

“24  Gij weet het: de hardlopers in het stadion lopen allen, maar slechts een wint de race. Loop zo dat ge wint! 25 En de atleten ontzeggen zich bij de training allerlei dingen. Zij doen dat om een vergankelijke krans, wij om een onvergankelijke.” (1 Corinthiërs 9:24-25 WV78)

“Zoals het lichaam dood is zonder de ziel, zo is het geloof dood zonder de daad.” (Jakobus 2:26 WV78)

“Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat alwie in Hem gelooft niet verloren zal gaan, maar eeuwig leven zal hebben.” (Johannes 3:16 WV78)

“Die dienen om de deugdelijkheid van uw geloof te bewijzen, dat zoveel kostbaarder is dan vergankelijk goud, dat toch ook door het vuur gelouterd wordt. Dan zal, wanneer Jezus Christus zich openbaart, lof, heerlijkheid en eer uw deel zijn.” (1 Petrus 1:7 WV78)

“6 Houdt u dan klein onder de sterke hand van God: Hij zal u te zijner tijd omhoogheffen. 7 Schuift al uw zorgen op Hem af, want Hij heeft zorg voor u. 8  Weest nuchter, wordt wakker! Uw vijand de duivel zwerft rond als een brullende leeuw, op zoek naar een prooi om te verslinden. 9 Weerstaat hem, sterk door het geloof. Ge weet dat soortgelijk lijden het deel is van uw broeders over heel de wereld. 10  De God van alle genade, die u in Christus tot zijn eeuwige heerlijkheid heeft geroepen, Hijzelf zal u na een korte tijd van lijden herstellen en bevestigen en stevig zetten op hechte grondslagen.” (1 Petrus 5:6-10 WV78)

“Als gij tegen uw vijanden ten strijde trekt en ziet, dat zij veel meer paarden, wagens en soldaten hebben dan gij, dan moet gij toch niet bang voor hen zijn, want Jahwe uw God is met u. Hij, die u uit Egypte heeft geleid.” (Deuteronomium 20:1 WV78)

“Heel deze menigte zal weten dat Jahwe geen redding brengt door het zwaard of de lans. Want Jahwe beslist over de strijd en Hij zal u aan ons overleveren.’” (1 Samuël 17:47 WV78)

“Ge hoeft dan niet te strijden; stel u maar ter plaatse op en ge zult zien hoe Jahwe u, Juda en Jeruzalem, de overwinning geeft. Vrees niet en raak niet in paniek; trek morgen tegen hen op; Jahwe zal met u zijn.’” (2 Kronieken 20:17 WV78)

“Maar rust u uit voor de strijd en trek er alleen op uit, anders zal Jahwe u voor de vijand laten bezwijken.’” (2 Kronieken 25:8 WV78)

“(55:19) mij verlossing zal geven en vrede van wat mij vervolgt: met zovelen zijn zij – en ik sta alleen!” (Psalmen 55:18 WV78)

“(140:8) Heer mijn God, Gij wiens kracht mijn behoud is, komt de strijd, uw bescherming is om mij.” (Psalmen 140:7 WV78)

“Een paard wordt opgetuigd voor de dag van de strijd, maar de overwinning komt van Jahwe.” (Spreuken 21:31 WV78)

“(2:20) Op die dag zal Ik een verbond sluiten, ten bate van hen, met de dieren in het wild, met de vogels in de lucht en met wat er kruipt op de grond. Boog en zwaard en oorlog sla Ik het land uit en in veiligheid laat Ik hen wonen.” (Hosea 2:18 WV78)

“‘Pas op, Ik kom als een dief! Gelukkig de mens die wakker blijft en zijn kleren aanhoudt, zodat hij niet naakt hoeft te gaan en allen zijn schaamte zien’.” (Openbaring 16:15 WV78)

“Hij zal heengaan om de volken te verleiden die aan de vier hoeken der aarde wonen, Gog en Magog, talrijk als het zand van de zee, om hen voor de strijd te verzamelen.” (Openbaring 20:8 WV78)

“Ik doe de genade van God niet teniet: als de wet ons kon rechtvaardigen, dan was Christus voor niets gestorven.” (Galaten 2:21 WV78)

“En daar de Schrift voorzag, dat God de heidenvolken zou rechtvaardigen door het geloof, heeft zij aan Abraham bij voorbaat het evangelie verkondigd: In u zullen alle volken worden gezegend.” (Galaten 3:8 WV78)

“Trouwens, dat niemand door een wet bij God gerechtvaardigd wordt, is evident, want: Hij die door het geloof gerechtvaardigd is zal leven.” (Galaten 3:11 WV78)

“Broeders, gij werd geroepen tot vrijheid. Alleen, misbruik de vrijheid niet als voorwendsel voor de zelfzucht. Integendeel, dient elkander door de liefde.” (Galaten 5:13 WV78)

“21 Thans is echter, buiten de wet om, Gods gerechtigheid openbaar geworden, waarvan de wet en de profeten getuigenis afleggen. 22 Gods gerechtigheid, die zich door het geloof in Jezus Christus meedeelt aan allen die geloven, zonder enig onderscheid.” (Romeinen 3:21-22 WV78)

“Ook de belofte aan Abraham en zijn nakomelingen, dat zij de wereld zouden erven, steunt niet op de wet, maar op de gerechtigheid van het geloof.” (Romeinen 4:13 WV78)

“1  Volgt hieruit, dat wij moeten blijven zondigen om de genade te doen toenemen? 2 Natuurlijk niet! Hoe zouden wij nog in zonde leven, wij die dood zijn voor de zonde? 3 Gij weet toch,, dat de doop, waardoor wij een zijn geworden met Christus Jezus, ons heeft doen delen in zijn dood?” (Romeinen 6:1-3 WV78)

“Want als uw mond belijdt, dat Jezus de Heer is, en uw hart gelooft, dat God Hem van de doden heeft opgewekt, zult gij gered worden.” (Romeinen 10:9 WV78)

“Wie twijfelt en toch eet, is al veroordeeld, omdat hij niet volgens zijn overtuiging handelt. Alles wat strijdt met de overtuiging van het geweten is zondig.” (Romeinen 14:23 WV78)

“en zonder het geloof is het onmogelijk aan God te behagen; wie bij God wil komen, moet geloven dat Hij bestaat en dat Hij beloont allen die Hem zoeken.” (Hebreeën 11:6 WV78)

“God is het immers die zowel het willen als het doen bij u tot stand brengt, om zijn heilsplan te verwezenlijken.” (Filippenzen 2:13 WV78)

“Ik ben de wijnstok, gij de ranken. Wie in Mij blijft, zoals Ik in hem, die draagt veel vrucht, want los van Mij kunt gij niets.” (Johannes 15:5 WV78)

*

 

Engelse versie: The race is not to the swift, nor the battle to the strong

++

Een andere Nederlandstalige versie: Een race niet voor de snelste, noch een strijd om de sterkste

Vindt ook:

  1. Nooit te laat om te beginnen met te gaan naar het juiste einde
  2. Bij honderd mijl negenennegentig als halverwege overwegen
  3. Herinner jezelf dat moeilijkheden en vertragingen vrijwel onmogelijk te voorspellen zijn
  4. Het leven is als een tien-versnellingen fiets.
  5. Verstandig en traag, struikelen zij die snel lopen

In het Engels kan u volgende artikelen vinden:

Every athlete exercises self control

Determine the drive

A race not to swift, nor a battle to the strong

+++

  • The Fear of Man is a Trap (codybateman.org)
  • Christians become truly Christian (disciplesofhope.wordpress.com)
    Dear Christians who are God’s children, you are the ones who are called out. Now get out your religiosity & piety and get in your spirit to know your Master. “God is spirit, and his worshipers must worship in the Spirit and in truth.” (John 4:24). These days they don’t name you Peter, Paul, Moses or Daniel but isn’t there any Daniel among you.Prophet Daniel prayed and fasted for his people in Babylon (Iraq). We are at War a Spiritual war. We need prayer warriors to fight the ancient demons of Babylon (Iraq) who are free. We need to bind them to the feet of Jesus Christ. This is our war “For our struggle is not against flesh and blood, but against the rulers, against the authorities, against the powers of this dark world and against the spiritual forces of evil in the heavenly realms.” (Ephesians 6:12).
  • Why we shouldn’t worry God will break His promises (pastorjonev.typepad.com)
    Some promises are broken due to busyness. At the end of the day, we realize we don’t have the time nor the energy to do what we promised at the beginning. Some are broken due to our forgetfulness. Our intentions are good, but our memory is bad. And some are broken because we lack the character to keep them. We said what was needed in order to get what we wanted.
  • Be You (billtonnismusic.wordpress.com)
    once you grow into the knowledge and understanding of God’s amazing love…the rules, although still good, are no longer the focus. Some people are still stuck in a childhood religion of desperately following a list of guidelines…always fearing they will mess-up and God will somehow get angry at them.
  • The Lord Will Provide #InstarationDevo (armansheffey.com)
    God is a perfect, loving father. As we, His children, trust Him with our lives and obey His commands He promises to be our great provider.
    Abraham experienced this amazing provision when faced with the greatest test a father could face: choosing your child or your God.In comparison, though our tests are difficult, I can’t imagine they’d be as hard as that. And yet that same God who provided for Abraham will provide for you.

7 Comments

Filed under Aanhalingen uit Heilige Geschriften, Levensstijl, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden