Tag Archives: Bestraffing

Een veel voorkomende vraag: Waarom moest Jezus of God naar de hel?

Waarom moest Jezus of God naar de hel terwijl mensen die slechte dingen hebben gedaan rechtstreeks naar de hemel mogen?

Grote Vraag - Big Question - Wat nu? What now?

De grote vraag – Big Question – Wat is er hierna? Wat is er na dit leven?

Als wij na onze dood ofwel eerst naar het vagevuur gaan en dan naar de hemel, waarom en voor wie moet Jezus dan terug komen om de doden en levenden te oordelen?

Indien wij gered zijn en onze ziel naar de hemel gaat waarom prediken er nog zovelen over verdoemenis in de hel?

Waarom als wij zogezegd gered zijn door het bloed van Christus zijn er nog kerken die hun leden bang maken met hellevuur en eeuwige foltering, terwijl zij zeggen dat wij geen werken meer moeten doen omdat wij gered zijn?

Hebt u zich al eens afgevraagd of God wel kan sterven en dan in een hel zou terecht komen?

Volgens de Bijbel heeft Dé God geen geboorte, geen begin van leven mits Hij altijd al bestaan heeft. De Godheid heeft ook geen einde aan Zijn leven. Er staat in de Bijbel vermeld dat geen mens Hem kan zien en leven, maar ook dat geen enkel mens Hem iets kan aandoen. Nochtans weten wij dat Jezus door zeer veel mensen is gezien, die dan toch niet dood vielen, en dat hij zelfs enkele tot leven bracht, terwijl hij zelf toch dood ging aan een houten paal, opgehangen door de Romeinen en begraven door enkele toegewijden.

God, volgens de Bijbel, kan overal tegelijkertijd zijn. Hij is noch gebonden door plaats, noch door tijd. Aldus kan men zeggen dat God in de hemel kan zijn, maar ook op aarde alsook in de hel.  Maar indien de hel een folterplaats voor zondigen zou zijn kan men zich ook wel afvragen wat God daar zou horen te doen. Als men weet dat Jezus zonder zonden zou zijn kan men het ook stellen dat het zeer vreemd is dat Jezus naar de hel zou moeten gaan, terwijl hij vrij van zonden is.

Wat zijn eigenlijk dat vagevuur en die hel?

Heb jij al ergens over een vagevuur gelezen in de Bijbel?

Voorgeborchte of het verblijf van de zielen die na het sterven niet toegelaten worden tot de hemelse glorie van Christus en ook niet naar de hel of het vagevuur gezonden worden. – Domenico Beccafumi. De nederdaling van Christus in de Limbus. 1530-1535.

Nergens in de Bijbel wordt er over een vagevuur gesproken. Nergens wordt er gezegd dat mensen na hun dood nog eens voor een tweede maal zouden gestraft worden voor hun gedane fouten. Ook wordt er nergens over een voorgeborgte of voorgeborchte, gesproken waar kleine kinderen indien zij nog niet gedoopt waren, of zielen die na het sterven niet toegelaten zouden worden tot de hemelse glorie van Christus en ook niet naar de hel of het vagevuur zouden gezonden worden, naar toe zouden moeten gaan. Volgens de Heilige Schrift is de straf voor de zonde eenvoudigweg de dood. Daar eindigt het leven en daarmee is het eindpunt bereikt van ons als zondig wezen. De dood zelf is de straf die ons is opgelegd.

Kan u een rechtvaardige Vader of rechter voorstellen die nogmaals straft als een straf voor een bepaald feit al verricht is geworden?

De Elohim Hashem Jehovah wordt volgens het Boek der boeken, de Bijbel, voorgesteld als een rechtvaardige Vader en Herder. Kan u zich een liefdevolle vader voorstellen die continue zijn kinderen blijft straffen voor dezelfde fouten? Wat zou u er van denken als die Liefdevolle Vader telkenmale een straf volbracht is voor eenzelfde feit opnieuw een straf zou geven en dan nog eens en nog eens, om zo het kind tot in het oneindige te laten lijden?

Als rechtvaardige Vader is het wel zo dat Hij gemaakte fouten niet ongestraft kan laten.

“Die de weldadigheid bewaart aan vele duizenden, Die de ongerechtigheid, en overtreding, en zonde vergeeft; Die den schuldige geenszins onschuldig houdt, {9 } bezoekende de ongerechtigheid der vaderen {10 } aan de kinderen, {11 } en aan de kindskinderen, in het derde en vierde lid. {12 } (Ex 34:7 STV)

“Dat niemand zijn broeder vertrede, {12 } noch bedriege {13 } in zijn handeling; want de Heere is een wreker over dit alles, gelijk wij u ook te voren gezegd en betuigd hebben.” (1Th 4:6 STV)

“Hoeveel te zwaarder straf, meent gij, zal hij waardig geacht worden, die den Zoon van God vertreden heeft, {56 } en het bloed des testaments {57 } onrein geacht heeft, {58 } waardoor hij geheiligd was, {59 } en den Geest der genade {60 } smaadheid heeft aangedaan?” (Heb 10:29 STV)

“Komt dan, en laat ons samen {58 } rechten, zegt de HEERE; al waren uw zonden als scharlaken, {59 } zij zullen wit {60 } worden als sneeuw, al waren zij rood {61 } als karmozijn, {62 } zij zullen worden als witte wol.” (Jes 1:18 STV)

“Want de bezoldiging der zonde {62 } is de dood, {63 } maar de genadegift Gods {64 } is het eeuwige leven, {65 } door Jezus Christus, onzen Heere.” (Ro 6:23 STV)

Als de dood door God als de ultieme straf wordt aanzien, waarom zou er dan nog eens een straf in een vagevuur of in een hellevuur moeten volgen?

Wat is de hel?

Heb jij gemerkt dat er in de bijbel over de hel of Gehenna, Hades, Sjeool, Sheool of Tartarus wordt gesproken, welke allemaal hetzelfde zouden zijn?

Heb jij daar al bij stil gestaan wat dat eeuwig of steeds brandende vuur zou zijn?

In de vroegere tijden braken wel eens ziekten uit die zeer besmettelijk waren. Om de besmetting inte perken werden de lijken zo vlug mogelijk verbrand, zodat zij geen nieuwe slachtoffers meer konden maken. Omdat het zo belangrijk was die besmettelijke ziekten onder controle te houden werd er buiten de stadsmuren steeds een vuur aan gehouden om zo vlug mogelijk daar de lijken te verbranden zodat er niets meer dan stof zou van overblijven, welk dan ook niemand meer zou kunnen besmetten. Dat steeds brandend vuur werd “hel” genoemd zoals ook de graven “sheol” of “sheool” werden genoemd. Dat vuur buiten de bewoonde wereld werd namelijk als het “graf” bedoeld, of de “eeuwige rustplaats” voor de overledene.

Ook vandaag moeten wij nog steeds de lezing in de Bijbel opvatten als toenertijd. Maar zoals toen waren er mensen die filosofeerden en hoopten dat er na dit leven nog iets zou zijn of dat de mens over ging tot een andere gedaante. Telkenmale als men stierf zou men terug tot leven komen in een gedaante, afhangende van het voorgaande leven. Had men goede dingen verricht zou men verbeteren, had men slechte daden verricht zou men naar een lagere stand terug keren. Zulke incarnaties zijn tegen de leer van God, maar zijn ook bij meerdere geloofsgroepen binnen geslopen. Wij horen ons hier echter van zulke gedachten  te ontdoen.

Is Jezus een incarnatie van een God-mens?

Door al die Griekse filosofische gedachten rond een steeds terugkerende mens of een “reïncernatie” is ook de gedachte opgekomen van een “god-mens reïncarnatie”. Door woordverdraaiingen kwamen valse leraren er toe mensen te overtuigen dat het woord ook een mens maar tegelijkertijd God kon zijn. Aldus kwam het geloof er in dat

Het Woord is vlees geworden

zou inhouden dat God zelf vlees zou geworden zijn, en dat het niet ging om het Woord van God, namelijk de uitspraken van God, die vlees zouden zijn geworden (wat de intentie van de evangelieschrijver was).  Volgens meerder mensen die zich ‘geloofsgeleerden” of “godsgeleerden” (“theologen”) noemden moest zulk een schrijven wel inhouden dat het over God ging die zich zogenaamd bekleedde met vlees zoals bij een materialisatie of een reïncarnatie. Hun interpretatie betekent dat God zogezegd werd wat de mens was — vlees en bloed — opdat Hij een van ons mensen zou zijn. Sommigen beweren zelfs dat dat één van de noozaken was om ons te verlossen. Vreemd is dat zij dan niet afvragen waarom God dan zo vele eeuwen wachtte om naar de aarde te komen en te doen alsof Hij verleid werd (want God kan niet verleid of misleid worden) en om te doen dat de mens Hem iets kon aandoen en Hem zelfs ter dood zou kunnen brengen (want God kan niet sterven en de mens kan Hem niets doen).

Hoe wij Johannes’ geschriften ook doorzoeken, wij kunnen nergens vinden dat hij zegt dat het Woord een God-Mens, een combinatie van God en mens werd.

Van waar komt dat God-mens zijn?

Ook al bestonden er al zeer veel mythen over goddelijke wezens en god mensen bij de heidense volkeren is de uitdrukking God-Mens speciaal geworden bij de trinitariërs die het zich heel eigen maakten en van “de zoon van God” “god de zoon ” maakten, alsof dat juist het zelfde zou zijn. Velen zien zelfs niet meer het verschil tussen die twee en zijn er van overtuigd dat Jezus zowel zoon van God is als God zelf is. Voor hen is Jezus een deel god van een Driegodheid, naar de gelijkenis van de vele drie-godheden in polytheïstische groepen. Maar daarbij valt op dat bij die meergoden aanbidders hun subgoden dikwijls meer gelijkheden vertonen met de hoofdgod dan Jezus met zijn goddelijke Vader. Om dit te vergoeilijken gaan sommigen zo ver om het een kat-en-muis spelletje te noemen waarbij zij wel naar strikvragen kijken maar niet de essentie van Jezus antwoorden ter harte nemen. zij durven dan zelfs te schrijven

Blijkbaar zit er iets in Jezus’ antwoord verstopt dat zó explosief is dat men daar het liefst een eind bij uit de buurt blijft. {God, de enige God, is in Zijn Zoon Jezus onze naaste geworden}

en dan draaien zij rond de pot die zij wel weten, namelijk dat

God alleen God is en dat er geen andere God dan Hij is (12:32) {God, de enige God, is in Zijn Zoon Jezus onze naaste geworden}

en beseffen zij wel

Juist de Joden wisten als geen ander dat deze Enige zijn eer niet deelt met een ander (Jesaja 42:8, 48:11). Dat had God duidelijk gemaakt na de ellende van de ballingschap als straf voor een volk dat andere goden (!) achterna liep. {God, de enige God, is in Zijn Zoon Jezus onze naaste geworden}

Nergens heeft Jezus zich gelijk gesteld aan God, integendeel heeft hij zelfs gezegd dat hij niets kan doen zonder God, die veel groter is dan hem.

“Jezus dan antwoordde en zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: De Zoon kan niets van Zichzelven doen, {15 } tenzij Hij den Vader dat ziet doen; {16 } want zo wat Die doet, {17 } hetzelve doet ook {18 } de Zoon desgelijks.” (Joh 5:19 STV)

“Gij hebt gehoord, dat Ik tot u gezegd heb: Ik ga heen, en kom weder {57 } tot u. Indien gij {58 } Mij liefhadt, zo zoudt gij u verblijden, omdat Ik gezegd heb: Ik ga heen tot den Vader; want Mijn Vader is meerder dan Ik. {59 } (Joh 14:28 STV)

Wat wij als het Onfeilbare Woord van God beschouwen (de Bijbel) heeft het zelfs regelmatig over „de Zoon des mensen”, hetgeen wel zeer afwijkt van God-Mens. Alsook wordt daarin vermeld dat God zelf, Die geen leugens vertelt, verklaart dat God Zijn welbeminde zoon is.

“21  En het geschiedde, toen al het volk gedoopt werd, en Jezus ook gedoopt was, en bad, dat de hemel geopend werd; 22 En dat de Heilige Geest op Hem nederdaalde, {24 } in lichamelijke gedaante, gelijk een duif; en dat er een stem geschiedde uit den hemel, zeggende: Gij zijt Mijn geliefde Zoon, in U heb Ik Mijn welbehagen! 23 En Hij, Jezus, begon omtrent dertig jaren oud te wezen, {25 } zijnde (alzo men meende) de zoon van Jozef, den zoon van Heli, {26 } (Lu 3:21-23 STV)

In Johannes’ geschriften wordt de uitdrukking „Zoon des mensen” zestien maal op het Woord van toepassing gebracht. Dit duidt erop dat die mensenzoon en niet “god de zoon” door een menselijke geboorte op aarde „vlees geworden” is. Zijn vleeswording betekende niets minder dan dat Jezus als mens van vlees en bloed zichtbaar werd voor iedereen. God kan door geen enkel mens gezien worden, maar Jezus werd door velen gezien. Hij was ook tastbaar en bevestigde dat hij geen geest was zoals zijn hemelse Vader wel een geest is, die dan ook geen vlees, beenderen en bloed heeft.

“Ziet Mijn handen en Mijn voeten; want Ik ben het Zelf; {36 } tast Mij aan, en ziet; want een geest heeft geen vlees en benen, gelijk gij ziet, dat Ik heb.” (Lu 24:39 STV)

“God is een Geest, en {22 } die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.” (Joh 4:24 STV)

“Hij zeide verder: Gij zoudt Mijn aangezicht {31 } niet kunnen zien; {32 } want Mij zal geen mens zien, en leven. {33 } (Ex 33:20 STV)

Een materialisatie of incarnatie van God of van een hemelse zoon Gods kan moeilijk als een rechtvaardige oplossing aanzien worden. Hierbij moet men dan trouwens de vraag stellen waarom God zolang gewacht heeft en indien wij mensen dan nu zouden verlost zijn, waarom hij ons dan nog zo lang laat lijden en zovelen nog steeds in het ongewisse laat?

de god Apis

De Egyptische godheid die haar eigen dodenpriesters kreeg en later als Apisstier van Memphis meer karaktertrekken toebedeeld kreeg en de aardse belichaming van de god Ptah werd.

Men moet weten dat bij zeer veel heidense groepen reïncarnatie tot het normale gebeuren mag behoren. Niet alleen zijn in zulke groepen dieren gewijd aan bepaalde goden, maar sommige dieren worden daar ook beschouwd als de incarnatie van een bepaalde god of godin. De Apisstier bijvoorbeeld werd als de incarnatie van de god Osiris beschouwd en ook als een emanatie van de schepper god Ptah of Peteh, de vergoddelijking van de primordiale wereld in de Enneadische kosmogonie, dat letterlijk Ta-tenen werd genoemd met de betekenis van verrezen land, of als Tanen, met de betekenis van ondergelopen land.

Zondeval en Losgeld

God kon zo met een vingerknip de mens laten verdwijnen en opnieuw een ander menselijk wezen geschapen hebben. Maar dat zou niets aan het gestelde vraagstuk oplossen. De mens had gerebelleerd tegen God en Zijn rechtschapenheid en recht op heerschappij in vraag gesteld. Met de zondeval in de Tuin van Eden heeft de mens de dood als straf voor die rebellie tegen God over zich gekregen.

Als wij sterven hebben wij met onze dood betaald voor de schuld van onze weerstand en ongehoorzaamheid aan God. Er is dan verder helemaal geen reden om nogmaals een andere straf te krijgen of om nogmaals een aflossing te voorzien voor onze schulden. Want Jezus Christus als mensenzoon is er in geslaagd om onze schuld af te lossen doordat hij als mens er in geslaagd is om volledig Gods Wil te doen en zich aan te bieden als een Offerlam ten behoeve van het Losgeld voor alle mensen hun schulden.

Mits God aanvaard heeft dat Jezus zijn eigen wil ter zijde heeft geschoven en zijn plengoffer aanvaard heeft zijn wij nu begenadigd met de vrijspraak, indien wij dat Offer ook willen erkennen en bereid zijn om te geloven dat Jezus de Weg naar God is, de Gezondene, de Heiland en Onze Verlosser.

Wij moeten beseffen dat wij misschien niet onderuit kunnen om te gaan sterven, maar doordat Jezus een volmaakt offer aan god heeft aangeboden ligt er voor ons een Genadegave klaar welke ons toch nog iets na de dood kan opleveren. Maar als wij sterven zullen wij of in een graf gelegd worden of gecremeerd worden. Bij beiden zal ons lichaam tot stof en as vergaan, zoals in de bijbel staat opgetekend. Daarbij zal ons denken ook vergaan, terwijl voor de nabestaanden enkel de herinneringen en onze vroegere geschriften zullen achterblijven. Verder zal er voor ons geen mogelijkheid meer zijn om met hen te communiceren of zo. Alles zal gedaan zijn. Indien wij nog iets hadden moeten doen, dan moest dat voor dat stervenspunt gebeurd zijn.

“Ziet, alle zielen {7 } zijn Mijne; {8 } gelijk de ziel des vaders, alzo ook de ziel des zoons, zijn Mijne; de ziel, die zondigt, die zal sterven. {9 } (Eze 18:4 STV)

“Want de levenden {22 } weten, dat zij sterven zullen, maar de doden weten niet met al; {23 } zij hebben ook geen loon {24 } meer, maar hun gedachtenis is vergeten. {25 } (Pre 9:5 STV)

“Alles, {40 } wat uw hand vindt {41 } om te doen, doe dat {42 } met uw macht; want er is geen werk, {43 } noch verzinning, {44 } noch wetenschap, noch wijsheid in het graf, daar gij heengaat.” (Pre 9:10 STV)

“Want het graf {50 } zal U niet loven, de dood {51 } zal U niet prijzen; die in den kuil nederdalen, zullen op Uw waarheid niet hopen. {52 } (Jes 38:18 STV)

“19 Want wat den kinderen der mensen wedervaart, dat wedervaart ook den beesten; en enerlei wedervaart {36 } hun beiden; gelijk die sterft, {37 } alzo sterft deze, {38 } en zij allen {39 } hebben enerlei adem, {40 } en de uitnemendheid der mensen boven de beesten is geen; {41 } want allen zijn zij ijdelheid. {42 }20 Zij gaan allen naar een plaats; {43 } zij zijn allen uit het stof, {44 } en zij keren allen weder tot het stof.” (Pre 3:19-20 STV)

“In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten, {38 } totdat gij tot {39 } de aarde wederkeert, dewijl gij daaruit genomen zijt; want gij zijt stof, en gij zult tot stof wederkeren.” (Ge 3:19 STV)

Ook voor Jezus, die mens van vlees en bloed, stond er niets anders op dan na zijn dood in het graf gelegd geworden. Maar daar zal het grote verschil, zijn opstanding een bewijs moeten zijn voor ons mensen, dat er ook voor ons zo iets moois te verwachten valt. Indien Jezus God zou zijn dan hadden wij nu als mensen nog steeds geen bewijs dat een mens uit de dood zou kunnen opstaan. Dan waren wij nu nog steeds in het ongewisse. Nu echter hebben wij een verzekerde hoop!

+

Voorgaand

Antwoord op Vragen van lezers: Gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden

Bijbels antwoord op uw vraag: Wat gebeurt er met ons na het sterven?

Trinitarische zendelingen die Joden tot Christus willen brengen

Uitlopen om uit lichaam te wonen

++

Aansluitend

  1. Zonde en rekenschap
  2. Wat gebeurt er als wij sterven
  3. Dood
  4. Vindt er een transfer plaats na de dood?
  5. Lichaam en ziel één
  6. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 1 Levensadem en ziel
  7. Sterfelijkheid en onsterfelijkheid 2 Scheiding van God
  8. Al of niet onsterfelijkheid
  9. Onsterfelijkheid – Immortaliteit
  10. Eeuwenlange verkondiging van de hel als martelplaats
  11. Hemel
  12. Hemel en Hel
  13. Hellevuur
  14. Kinderen niet naar het voorgeborgte
  15. Sheol, Sheool, Sjeool, Hades, Hel, Graf, Sepulcrum
  16. Graf
  17. Is er meer in dit leven dan dit?
  18. Wat is de bedoeling van dit leven
  19. Beperktheid van de mens tot in zijn dood
  20. De Bijbel haar relevatie over God
  21. Kroniekschrijvers en profeten #3 Poëtische boeken
  22. Bekommerende God
  23. Plan van de goddelijke maker
  24. Bestemming van de aarde
  25. Bestemming getrouwen en rechtvaardigen
  26. Bestraffing vermijden
  27. Redding mogelijk voor allen
  28. Bevrijding
  29. Christelijke hoop op eeuwig leven
  30. Reddingsplan
  31. Psalm 59 David in grote moeilijkheden #1 Red mij van mijn vijanden
  32. Hoop
  33. Hoop op een man
  34. De onschuldige
  35. Plaatsing van Jezus door zogenaamd Bijbelstudie webruimte
  36. Doctrine van de Drievuldigheid
  37. Jezus de Weg naar God
  38. Offers van mensen onvolkomen tegenover het volmaakte slachtoffer door God te leveren 1
  39. Offers van mensen onvolkomen tegenover het volmaakte slachtoffer door God te leveren 2
  40. Für den Willen dessen, der größer ist als Jesus
  41. Lam van God #1 Sprekers voor God
  42. Verzoening en Broederschap 1 Getrouwheid en vergoeding
  43. Christus Jezus: de zoon van God
  44. Hoop voor de toekomst
  45. Hoop eerste christenen
  46. Hoop op leven
  47. Hij die komt
  48. Jezus moest sterven
  49. Zoon van God – de weg naar God
  50. Een losgeld voor iedereen 1 De Voorziening van een tweede Adam
  51. Een losgeld voor iedereen 2 Een verheven persoon van vlees en bloed
  52. Vertrouwen in Jezus Christus
  53. Jezus drie dagen in de hel
  54. Hij die zit aan de rechterhand van zijn Vader
  55. Geloof in Jezus Christus
  56. Geloof in slechts één God
  57. Staat God achter al het kwaad hier op aarde
  58. God is positief
  59. God komt ons ten goede
  60. Gods hoop en onze hoop
  61. Er zijn geen teleurstellingen voor degenen wier testamenten zijn begraven in de wil van God
  62. Keuze van levende zielen tot de dood
  63. Gods redding
  64. Gods beloften
  65. Christus wederkomst
  66. Sterfelijk en spiritueel lichaam
  67. Heerlijk einde
  68. Waarheid van mens of van God
  69. Verzoening
  70. Zoenoffer
  71. Verzoend met God
  72. Koninkrijk van Christus en Koninkrijk van God
  73. Koninkrijk van God
  74. Koninkrijk Gods
  75. Laatste dagen omroepers
  76. Azteekse en Romeinse tradities die ons nog steeds beïnvloeden
  77. Kerkzijn in een ik-gerichte tijd

+++

Gerelateerd

  1. Als anderen niet langer meedoen en/of niet meer in God geloven: hoe houden we het dan vol om kerk te zijn?
  2. Christen-populisme helpt niet. Christelijke spelregels voor geloofwaardig optreden
  3. Zondeval
  4. Dag 4 – De zondeval
  5. Perspectief na de zondeval
  6. De hel van veraf en dichtbij
  7. God, de enige God, is in Zijn Zoon Jezus onze naaste geworden
  8. God wil in en met ons winnen
  9. ‘En toen kwam Jezus’ – Heb. 1, 1-4
  10. ‘God in ons midden’ – 3. ‘TomTom+’
  11. Verduistering
  12. Verzoening?
  13. Spreken over Gods oordeel begint bij de gekruisigde Jezus
  14. In Search of Immortality, Book Review
  15. Reincarnation 1
  16. Reincarnation 2
  17. Reincarnation – 5 Incredible Stories Told By Young Children Around the World
  18. Reincarnation for the Curious Christian, Part 1
  19. Why Children and Childhood? – The answer from a Spirit
  20. Re-Merging With Source God
  21. Buddhism, Christianity, and Islam 101: Religion on the Rebound, Religion on the Run…

1 Comment

Filed under Geestelijke aangelegenheden, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden, Voelen en Welzijn, Vragen van lezers

Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing

 

 

“Een psalm van David om voor te zingen. (19-2) De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt het werk zijner handen.” (Psalmen 19:1 NLB)

“1  En God sprak al deze woorden: 2 Ik ben de Heer, uw God, die u uit Egypteland, uit het diensthuis, gevoerd heb. 3 Gij zult geen andere goden nevens Mij hebben.” (Exodus 20:1-3 NLB)

“Want aldus spreekt de Heere Heere: Het zal niet bestaan noch alzo geschieden;” (Jesaja 7:7 NLB)

“En de Heer strekte zijne hand uit en roerde mijnen mond aan, en Hij sprak tot mij: Zie, Ik leg mijne woorden in uwen mond: zie,” (Jeremia 1:9 NLB)

“Gelooft gij niet, dat ik in de Vader ben, en de Vader in Mij is? De woorden, die Ik tot ulieden spreek, spreek Ik niet uit Mijzelf, maar de Vader, die in Mij woont, die doet de werken.” (Johannes 14:10 NLB)

“en neemt de helm van het heil, en het zwaard van de Geest, dat is Gods woord.” (Efeziërs 6:17 NLB)

“En Hij sprak verder: Ik ben de God uws vaders, de God Abrahams, de God Isaäks en de God Jakobs. En Mozes bedekte zijn aangezicht, want hij vreesde God aan te zien.” (Exodus 3:6 NLB)

“maar wij weten, dat de Zoon Gods gekomen is, en ons een inzicht heeft gegeven, dat wij den Waarachtige kennen; en wij zijn in den Waarachtige, in zijnen Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het eeuwige leven.” (1 Johannes 5:20 NLB)

“Heer, Gij, onze God, zijt waardig te ontvangen prijs en eer en kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door uwen wil bestaan zij en zijn zij geschapen.” (Openbaring 4:11 NLB)

“2 (6-1) En God sprak met Mozes en zeide tot hem: Ik ben de Heer. 3 (6-2) En Ik ben verschenen aan Abraham, Isaäk en Jakob als de almachtige God; maar mijn naam Heer is hun niet geopenbaard geworden.” (Exodus 6:2-3 NLB)

“13 En gij zegt: Wat weet God er van? Zou Hij hetgeen in het donker is kunnen oordelen? 14 De wolken zijn Hem een dekkleed en Hij ziet niet; en Hij wandelt in den kreits des hemels.” (Job 22:13-14 NLB)

“5 En de Levieten Jesúa, Kadmiël, Bani, Hasabneja, Hodía, Sebanja, Pethahja, spraken: Staat op, looft den Heer, uwen God, van eeuwigheid tot eeuwigheid; en men love den naam uwer heerlijkheid, die verheven is boven allen zegen en lof. 6 Gij zijt de Heer alleen, Gij hebt gemaakt den hemel en aller hemelen hemel met al hun heir, de aarde en al wat er op is, de zeeën en alwat er in is, Gij maakt alles levend; en het hemelse heir aanbidt U. 7 Gij, Heer, zijt die God, die Abram verkoren hebt, en Gij hebt hem uit Ur in Chaldéa uitgevoerd en hebt hem Abraham genoemd,” (Nehemia 9:5-7 NLB)

“7  Hoor, mijn volk, laat Mij spreken; Israël, laat Mij onder u getuigen: Ik, God, ben uw God. 8 Vanwege uwe offers bestraf Ik u niet, daar uwe brandoffers altoos vóór Mij zijn. 9 Ik wil van uw huis geen varren nemen, noch bokken uit uwe stallen; 10 want al het gedierte in het woud is het mijne, het vee op de bergen, waar zij bij duizenden gaan; 11 Ik ken al het gevogelte op de bergen, alle gedierte op het veld is het mijne. 12 Ware het, dat Mij hongerde, Ik behoefde het u niet te zeggen; want mijn is de aardbodem en al wat er op is. 13 Meent gij, dat Ik stierenvlees eten en bokkenbloed drinken wil? 14 Offer Gode dank, en betaal den Allerhoogste uwe geloften. 15 En roep Mij aan in den nood: zo zal Ik u redden, en gij zult Mij prijzen. 16  Maar tot den goddeloze spreekt God: Wat verkondigt gij mijne rechten, en neemt mijn verbond in uwen mond, 17 daar gij toch de kastijding haat en mijne woorden achter u werpt?” (Psalmen 50:7-17 NLB)

“11 En Hij heeft sommigen tot apostelen gegeven, en sommigen tot profeten, sommigen tot evangelisten, sommigen tot herders en leraren; 12 opdat de heiligen bereid zouden worden tot het werk van het ambt, waardoor Christus’ lichaam opgebouwd wordt, 13 totdat wij allen komen tot de eenheid van het geloof en de kennis van Gods Zoon, en een volwassen man worden, naar de maat van Christus’ volkomen ouderdom 14 opdat wij niet meer kinderen zouden zijn, als golven bewogen en geslingerd door allerlei wind van leer, door bedriegerij van mensen en arglistigheid, waarmee zij heimelijk aankomen om te verleiden,” (Efeziërs 4:11-14 NLB)

“En ik, broeders, toen ik tot u kwam, kwam niet met keur van woorden of van wijsheid, om u de getuigenis van God te verkondigen;” (1 Corinthiërs 2:1 NLB)

“9 maar gelijk geschreven staat: “Wat geen oog gezien heeft, en geen oor gehoord heeft, en in geen mensen hart is opgekomen; wat God bereid heeft voor degenen die Hem liefhebben.” 10 Ons nu heeft God het geopenbaard door zijn Geest; want de Geest onderzoekt alle dingen, zelfs de diepten van de Godheid.” (1 Corinthiërs 2:9-10 NLB)

“14 Maar de natuurlijke mens begrijpt niet wat van de Geest van God is; want het is hem een dwaasheid, en hij kan het niet verstaan; want het moet geestelijk beoordeeld zijn. 15 Maar de geestelijke mens oordeelt alle dingen, en hij wordt door niemand geoordeeld. 16 Want wie heeft de zin van de Heer gekend, en wie wil Hem onderrichten? Maar wij hebben de zin van Christus.” (1 Corinthiërs 2:14-16 NLB)

“Wie onderricht den Geest des Heren, en welke raadgever onderwijst Hem?” (Jesaja 40:13 NLB)

“5 welke de kinderen van de mensen in de verleden tijden niet is bekendgemaakt, gelijk zij nu is geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten door de Geest: 6 namelijk, dat de heidenen mede-erfgenamen zijn, en medeïngelijfd, en medegenoten van zijn belofte in Christus door het Evangelie,” (Efeziërs 3:5-6 NLB)

“opdat hun harten vertroost worden, tezamen verbonden in liefde, tot allen rijkdom der volkomen zekerheid van inzicht, om te kennen de verborgenheid van God, van de Vader en van Christus,” (Colossenzen 2:2 NLB)

“Spreek niet voor de oren van den dwaas, want hij veracht de wijsheid uwer redenen.” (Spreuken 23:9 NLB)

“1  Dit zijn Davids laatste woorden. David, de zoon van Isaï sprak, de man, die hoog verheven is, de gezalfde van Jakobs God, liefelijk in psalmen Israëls, sprak: 2 De Geest des Heren heeft door mij gesproken, en zijne rede is door mijne tong geschied.” (2 Samuël 23:1-2 NLB)

“Mannen broeders, de Schrift moest vervuld worden, welke de heilige Geest door de mond van David voorzegd heeft aangaande Judas, die de leidsman was van degenen die Jezus gevangen namen;” (Handelingen 1:16 NLB)

“Toen zij nu met elkaar oneens waren, gingen zij weg, nadat Paulus nog dit éne woord gezegd had: Wèl heeft de heilige Geest door de profeet Jesaja gesproken tot onze vaderen,” (Handelingen 28:25 NLB)

“navorschende naar welken en hoedanigen tijd de Geest van Christus, die in hen was, heenwees, en te voren getuigde van het lijden, dat over Christus komen zou, en de daarop volgende heerlijkheid;” (1 Petrus 1:11 NLB)

“20 dit allereerst wetende, dat geen profetie in de Schrift uit eigen uitlegging geschiedt. 21 Want er is nog nooit ene profetie uit s mensen wil voortgebracht, maar mensen hebben van Godswege gesproken, gedreven zijnde door den Heiligen Geest.” (2 Petrus 1:20-21 NLB)

“maar de Trooster, de heilige Geest, die mijn Vader zenden zal in mijn naam, die zal u alles leren, en u indachtig maken alles wat Ik u gezegd heb.” (Johannes 14:26 NLB)

“16 Alle Schrift, van God ingegeven, is nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering, tot onderwijzing in de gerechtigheid, 17 opdat de mens van God volkomen zij, tot alle goed werk geschikt.” (2 Timotheüs 3:16-17 NLB)

“Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, toen gij van ons het woord van goddelijke prediking ontvingt, gij dat aannaamt, niet als een woord van mensen, maar — gelijk het in waarheid is — als een woord van God, dat ook werkt in u, die gelooft.” (1 Thessalonicen 2:13 NLB)

“Want wat te voren geschreven is, is ons tot lering geschreven, opdat wij door lijdzaamheid en vertroosting der Schrift hoop zouden hebben.” (Romeinen 15:4 NLB)

“Al deze dingen zijn hun overkomen tot voorbeelden, en het is geschreven ons tot waarschuwing, tot wie het einde van de wereld gekomen is.” (1 Corinthiërs 10:11 NLB)

“49  Gedenk aan uwen knecht volgens uwe toezegging, op welke Gij mij laat hopen. 50  Dit is mijn troost in mijne ellende, want uw woord verkwikt mij.” (Psalmen 119:49-50 NLB)

“7 Want het begin der wijsheid is, als men haar gaarne hoort, en de wetenschap liever heeft dan alle goederen. 8 Acht haar hoog, zo zal zij u verhogen, en zal u tot eer brengen, indien gij haar omhelst; 9 zij zal uw hoofd aangenaam maken, en zal u versieren met ene schone kroon.” (Spreuken 4:7-9 NLB)

“Een verstandig hart zoekt kennis, maar de dwazen zien uit naar dwaasheden.” (Spreuken 15:14 NLB)

“Maar die in het goede land gezaaid is, is degeen, die het woord hoort en het verstaat, en dan ook vrucht voortbrengt; en het draagt deels honderdvoudig, deels zestigvoudig, deels dertigvoudig.” (Mattheüs 13:23 NLB)

“maar de vaste spijs is voor de volwassenen, die door de gewoonte geoefende zinnen hebben tot onderscheiding van goed en kwaad.” (Hebreeën 5:14 NLB)

“En God verleende aan deze vier jongelingen kennis en verstand in allerlei schrift en wetenschap en Daniël gaf Hij verstand in alle gezichten en dromen.” (Daniël 1:17 NLB)

“Er helpt geen wijsheid, geen verstand, geen raad tegen den Heer.” (Spreuken 21:30 NLB)

“Hoor naar raad en neem onderwijs aan, opdat gij eindelijk wijs moogt worden.” (Spreuken 19:20 NLB)

“7 Merk òp wat ik zeg; de Heer toch zal u in alle dingen verstand geven. 8  Houd Jezus Christus in gedachtenis, die opgestaan is uit de doden, uit het zaad van David, naar mijn Evangelie, 9 waarvoor ik lijd als een misdadiger, tot banden toe; maar het woord van God is niet gebonden. 10 Daarom verdraag ik alles om de uitverkorenen, opdat ook zij de zaligheid zouden verkrijgen in Christus Jezus, met eeuwige heerlijkheid.” (2 Timotheüs 2:7-10 NLB)

“gelijk Gij Hem macht gegeven hebt over alle vlees, opdat Hij het eeuwige leven geve aan allen, die Gij Hem gegeven hebt.” (Johannes 17:2 NLB)

“maar wij weten, dat de Zoon Gods gekomen is, en ons een inzicht heeft gegeven, dat wij den Waarachtige kennen; en wij zijn in den Waarachtige, in zijnen Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige God en het eeuwige leven.” (1 Johannes 5:20 NLB)

“2 voor koningen en alle overheden, opdat wij een gerust en stil leven mogen lijden in alle godzaligheid en eerbaarheid. 3 Want dit is goed en aangenaam voor God, onze Heiland, 4 die wil, dat alle mensen behouden worden en tot kennis van de waarheid komen.” (1 Timotheüs 2:2-4 NLB)

*

 

Biestkensbijbel (1560)

Biestkensbijbel (1560)

 

++

Aanverwante lectuur

  1. Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren
  2. Bijbel, Gods Woord tot opvoeding (NBG51)
  3. De heilige geest zal alle dingen welke gezegd zijn in herinnering terugbrengen
  4. Die helper, die heilige gees sal julle alles leer en julle herinner
  5. Der heilige Geist wird euch an alle Dinge erinnern
  6. Wahren Gott gibt sein Wort für immer Weisheit
  7. Bibel Gott redet Worte zu unserer Belehrung geschrieben
  8. Hele Skrif deur God geïnspireer om in die waarheid te onderrig en dwaling te bestry
  9. L’esprit saint vous rappellera toutes les choses dites
  10. Vrai Dieu donne Sa Parole pour obtenir la sagesse
  11. La Bible, Parole de Dieu poussés par l’Esprit-Saint pour enseigner, pour convaincre et pour corriger
  12. Bible, God’s Word to edify (ERV)
  13. Looking for wisdom not departing from God’s Word
  14. The holy spirit will bring back to your minds all the things told
  15. True God giving His Word for getting wisdom
  16. Words to inspire and to give wisdom
  17. Eternal Word that tells everything
  18. Bric-a-brac of the Bible
  19. We should use the Bible every day
  20. Feed Your Faith Daily
  21. May reading the Bible provoke us into action to set our feet on the narrow way
  22. Hearing words to accept
  23. Genuine message of salvation
  24. God who knows the heart
  25. Bible, God speaking words profitable for doctrine, for reproof and for correction

+++

15 Comments

Filed under Aanhalingen uit Heilige Geschriften, Geestelijke aangelegenheden, Kennis en Wijsheid, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden