Goed Nieuws brengen met en door voorbeeld

Christenen hun gedrag vandaag

Vandaag kunnen wij nog steeds verscheidene mensen vinden die beweren Christen te zijn. Als wij dan nagaan wat zij werkelijk geloven en hoe zij Jezus Christus navolgen kunnen wij ons eerder afvragen waarom zij zich eigenlijk christen noemen.

Als wij naar de gedragingen van de mensen kijken die beweren christen te zijn kan men zich ook dikwijls de vraag stellen wat zij dan wel onder dat christen-zijn verstaan en welk het verschil dan wel mag zijn tussen hen en niet gelovigen. Wat onderscheidt hen van diegenen die niet in Christus geloven en niet in een god geloven?

Het Christen zijn, houdt dat niet in een volgeling van Christus te zijn. Hoort daarbij ook niet het opvolgen van zijn leerstellingen en zijn opgaven?

Een ware Christen volgt de leerstellingen van Jezus Christus en houdt zich daar aan om die liefde van Christus ook met anderen te willen delen.

Liefde en goed nieuws delen met anderen

Het is een troost te weten dat de bijbel goed nieuws verkondigt, het nieuws namelijk dat Gods koninkrijk een eind zal maken aan ziekte, honger, misdaad, oorlog en alle vormen van onderdrukking.

 Hij doet oorlogen ophouden tot het uiteinde* der aarde.De boog verbreekt hij en hij slaat de speer werkelijk aan stukken;+ De wagens* verbrandt hij in het vuur.+ (Psalm 46:9)

12 Want hij zal de arme die om hulp schreeuwt, bevrijden,+ Ook de ellendige en al wie geen helper heeft.+ (Psalm 72:12).

Is dat geen nieuws dat iedereen moet horen?

Zij die in Jezus Christus geloven en hem liefhebben willen ook deelgenoot zijn van zijn lichaam en samen met anderen die liefde delen en het goede nieuws verkondigen, zoals Jezus het zijn leerlingen gevraagd heeft om te doen.

  19 Gaat daarom en maakt discipelen*+ van mensen uit alle natiën,+ hen dopende+ in* de naam van de Vader+ en van de Zoon+ en van de heilige geest,+ 20 en leert+ hun onderhouden+ alles wat ik U geboden heb.+ En ziet! ik ben met U+ alle dagen tot het besluit* van het samenstel van dingen.”*+ (Mattheüs 28:19 20).

Ook zei hij tot hen dat hun prediking zich tot „de verst verwijderde streek der aarde” zou uitstrekken (Handelingen van de apostelen 1:8).

14 En dit goede nieuws+ van het koninkrijk+ zal op de gehele bewoonde aarde* worden gepredikt* tot een getuigenis* voor alle natiën,+ en dan zal het einde*+ komen. (Mattheüs 24:14)

Opdracht gegeven door Jezus Christus

An outdoor sermon (The Preaching of St. John t...

Oude meesters konden zich indenken hoe Johannes de doper, Jezus en de apostelen mensen trachtten te bereiken door het prediken. Zo bracht Pieter Breugel de Oudere een voorstelling van de predikende Johannes de doper, geplaatst in zijn omgeving, in 1565, het jaar voor de beeldenstorm (Foto credit: Wikipedia)

De opdracht die Jezus aan zijn leerlingen heeft gegeven geldt ook voor de discipelen van vandaag. Zij heeft betrekking op het bekend maken van het goede nieuws van Gods koninkrijk en van redding door geloof in Jezus Christus. Het wordt in de bijbel aangeduid als „het goede nieuws van het koninkrijk” (Mattheus 4:23), „het goede nieuws van God” (Romeinen 15:16), „het goede nieuws over Jezus Christus” (Markus 1:1), „het goede nieuws van de onverdiende goedheid van God” (Handelingen van de apostelen 20:24), „het goede nieuws van vrede” (Efeziërs 6:15) en het „eeuwig goed nieuws” (Opbenbaring van Johannes 14:6).

Jezus achtte het getrouw vasthouden aan het goede nieuws en het blijven verkondigen ervan belangrijker dan iemands huidige leven, en ook Paulus erkende dat de getrouwe bekendmaking ervan van levensbelang was (Markus 8:35; 1 Korinthiërs 9:16; 2 Titus 1:8). Iemand zou zijn dierbaarste bezittingen kunnen verliezen, ja, zelfs vervolging kunnen ondergaan, maar daar staat tegenover dat hij nu reeds honderdvoudig zou ontvangen,

„huizen en broers en zusters en moeders en kinderen en velden, . . . en in het komende samenstel van dingen eeuwig leven”. — Mr 10:29, 30.

Toetssteen ter beoordeling

Het goede nieuws is de toetssteen op grond waarvan de mensheid wordt geoordeeld:
Het goede nieuws aanvaarden en gehoorzamen, leidt tot redding; verwerping en ongehoorzaamheid hebben vernietiging tot gevolg (1 Petrus 4:5, 6, 17; 2 Thessalonicenzen 1:6-8). Vooral met het oog op dit feit moet de beweegreden waarmee iemand het goede nieuws predikt, zuiver zijn, en hij moet de prediking van harte verrichten, uit liefde voor degenen die luisteren.
De apostelen hadden zo veel waardering voor de belangrijkheid van het levengevende goede nieuws en werden dermate door Gods geest en door liefde aangevuurd dat zij degenen die naar hun prediking luisterden, niet alleen het goede nieuws meedeelden maar ook hun „eigen ziel” (1 Thessalonicenzen 2:8).
God had bepaald dat de verkondigers van het goede nieuws het recht hadden om materiële ondersteuning te aanvaarden van degenen aan wie zij het goede nieuws bekendmaakten (1 Korinthiërs 9:11-14). Maar Paulus en zijn naaste medewerkers achtten het voorrecht dat zij hadden om het goede nieuws te verkondigen zo dierbaar dat zij het angstvallig vermeden daaruit financieel gewin te behalen of zelfs maar de schijn daartoe te wekken. In 1 Korinthiërs 9:15-18 en 1 Thessalonicenzen 2:6, 9 beschrijft de apostel Paulus hoe hij in dit opzicht handelde.

Afgedwongen respect

Jesus is considered by scholars such as Weber ...

Jezus wordt als een charismatisch religieuze leider aanschouwt (Foto credit: Wikipedia)

Tijdens zijn bediening dwong Jezus respect af van zijn leerlingen en omstanders door steeds op een gepaste liefdevolle manier te antwoorden.

Jezus was „zachtaardig en ootmoedig van hart” (Mattheus 11:29). Hij was ook een man van de daad. Nooit onttrok hij zich aan zijn verantwoordelijkheden (Markus 6:34; Johannes 2:14-17). Vriendelijk gaf hij zijn discipelen goede raad, herhaaldelijk zelfs als dat nodig was (Mattheus 20:21-28; Markus 9:33-37; Lukas 22:24-27).

Jezus’ voorbeeld leert ons hoe om te gaan met anderen en hoe onze prediking uit te voeren.

Onderwijzers zijn

Als volgelingen van Christus weten we dat we onderwijzers moeten zijn (Mattheüs 28:19, 20). We weten dat de tijd waarin we leven het dringend noodzakelijk maakt dat we zo goed mogelijk onderwijs geven. En we weten dat ons onderwijs voor degenen die we onderwijzen zelfs het verschil kan uitmaken tussen leven en dood! (1 Timotheüs 4:16)

Ons Voorbeeld van een onderwijzer is niemand minder dan Jezus Christus, die tot zijn volgelingen zei:

„Ik heb u het voorbeeld gegeven” (Johannes 13:15).

Brainerd preaching in the open-air to Native A...

Brainerd in openlucht predikend voor Native Americans. (Foto credit: Wikipedia)

Hij doelde op zijn voorbeeld in het tonen van nederigheid, maar het model dat Jezus ons verschafte, omvat beslist het belangrijkste werk dat hij als mens op aarde verrichtte — mensen het goede nieuws van Gods koninkrijk onderwijzen (Lukas 4:43). Als u nu één woord moest kiezen om Jezus’ bediening te beschrijven, zou u waarschijnlijk het woord „liefde” nemen, nietwaar? (Kolossenzen 1:15; 1 Johannes 4:8) Jezus’ liefde voor zijn hemelse Vader, Jehovah, was het belangrijkste (Johannes 14:31). Maar als onderwijzer gaf Jezus op nog twee manieren van liefde blijk. Hij hield van de waarheden die hij onderwees, en hij hield van de mensen die hij onderwees.

Goddelijke wijsheid stond voorop bij Jezus, waarbij hij deze steeds toeschreef aan zijn hemelse Vader in wie hij meer waardering vond.

52 En Jezus bleef toenemen in wijsheid+ en in fysieke groei en in gunst bij God en de mensen.+ (Lukas 2:52).

Jezus in zijn onderricht gebruikte steeds Gods Woord, de Schrift waaruit hij kennelijk heel liefdevol uit citeerde en bij elk antwoord dat hij gaf een zorgvuldig gebruik van Gods Woord maakte.

De liefde die Jezus voor de door hem onderwezen waarheden had, was altijd duidelijk merkbaar. Per slot van rekening zou hij gemakkelijk zijn eigen ideeën hebben kunnen ontwikkelen. Hij bezat een enorme schat aan kennis en wijsheid (Kolossenzen 2:3). Niettemin herinnerde hij zijn toehoorders er steeds weer aan dat alles wat hij onderwees niet van hemzelf was, maar van zijn hemelse Vader (Johannes 7:16; 8:28; 12:49; 14:10). Hij hield zo veel van goddelijke waarheden dat hij ze niet door zijn eigen gedachten wilde vervangen.

Onderwijs in allerlei plaatsen

Jezus leidde zijn discipelen zowel door woord als door voorbeeld op. Hij onderwees niet alleen in het openbaar, maar ook in particuliere huizen door het goede nieuws rechtstreeks bij de mensen te brengen (Mattheus 9:10, 28; Lukas 7:36; 8:1; 19:1-6). Uit de verslagen van de evangelieschrijvers blijkt dat Jezus’ discipelen in veel gevallen aanwezig waren wanneer hij aan diverse soorten van mensen getuigenis gaf, want deze gesprekken zijn opgetekend. Volgens het boek Handelingen volgden zijn discipelen dat voorbeeld en bezochten zij de mensen van huis tot huis om de Koninkrijksboodschap bekend te maken. (Handelingen van de apostelen 5:42; 20:20)

Jezus legde aan zijn discipelen uit wat een ware dienaar van God was, door te zeggen:

„De koningen der natiën heersen over hen, en zij die autoriteit over hen hebben, worden Weldoeners genoemd. Gij dient evenwel niet zo te zijn. Maar wie onder u de grootste is, moet als de jongste worden, en degene die als de voornaamste optreedt, als degene die dient. Want wie is groter, degene die aan tafel aanligt of degene die bedient? Is het niet degene die aan tafel aanligt?”

Vervolgens zei hij, daarbij zijn eigen loopbaan en gedrag ten voorbeeld stellend:

„Ik ben echter in uw midden als degene die bedient” (Lukas 22:25-27).

Bij die gelegenheid demonstreerde hij deze beginselen — de eigenschap nederigheid inbegrepen — op krachtige wijze door de voeten van de discipelen te wassen. — Johannes 13:5.

Geen religieuze titels nodig

Verder wees Jezus zijn discipelen erop dat ware dienaren van God geen vleiende religieuze titels aannemen, en die ook niet aan anderen verlenen:

„Gij moet u geen Rabbi laten noemen, want één is uw leraar, terwijl gij allen broeders zijt. Noemt bovendien niemand op aarde uw vader, want één is uw Vader, de Hemelse. Laat u ook geen ’leiders’ noemen, want één is uw Leider, de Christus. De grootste onder u moet echter uw dienaar zijn. Al wie zich verhoogt, zal vernederd worden, en al wie zich vernedert, zal verhoogd worden.” — Mattheus 23:8-12.

St. peter preaching 20.JPG

De heilige Petrus ging uit om het goede nieuws te verkondigen (Photo credit: Wikipedia)

De gezalfde volgelingen van de Heer Jezus Christus zijn net als Paulus ’dienaren van het goede nieuws’ (Kolosenzen 1:23); zij zijn ook „dienaren van een nieuw verbond”, daar zij in deze verbondsverhouding tot Jehovah God staan, waarbij Christus de Middelaar is (2 Korintiërs 3:6; Hebreeuwen 9:14, 15). Aldus zijn zij dienaren van God en van Christus (2 Korintihiërs 6:4; 11:23). Hun bekwaamheid komt van God door bemiddeling van Jezus Christus, niet van de een of andere mens of organisatie. Zij hoeven als bewijs voor hun bediening niet een of ander document of certificaat te overleggen, zoals een aanbevelingsbrief of een schriftelijke machtiging. Als hun ’aanbevelingsbrief’ kunnen zij wijzen op de personen die zij hebben onderwezen en opgeleid om, net als zij zelf, dienaren van Christus te zijn. Hierover zegt de apostel Paulus:

„Hebben wij misschien, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven voor u of van u nodig? Gijzelf zijt onze brief, geschreven op ons hart en gekend en gelezen door alle mensen. Want het is duidelijk dat gij een brief van Christus zijt, geschreven door ons als bedienaren, niet met inkt geschreven, maar met geest van een levende God, niet op stenen tafelen, maar op vleselijke tafelen, op harten” (2 Korinthiërs 3:1-3).

Hier beschrijft de apostel de liefde en de verbondenheid, de warme genegenheid en de zorg van de christelijke bedienaar voor degenen die hij dient, want zij zijn ’op het hart [van de bedienaar] geschreven’.

Gegeven gaven

Na zijn hemelvaart gaf Christus de christelijke gemeente dan ook „gaven in mensen”. Daartoe behoorden apostelen, profeten, evangeliepredikers, herders en leraren, en zij werden gegeven

„met het oog op het terechtbrengen van de heiligen, voor het werk der bediening, tot opbouw van het lichaam van de Christus” (Efeziërs 4:7-12).

Hun bekwaamheid als dienaren komt van God. — 2 Korinthiërs 3:4-6.

Om te prediken, te verkondigen of te getuigen moeten wij dus niet bepaald een theologische hogeschool of universiteit gevolgd hebben. De kennis van de Heilige Schrift is veel voornamer dan de kennis van allerlei theologische studies of filosofen. De eerste verkondigers na Jezus’ dood waren ook niet allemaal geletterden. Vele gewone mensen hebben naast de apostelen er voor gezorgd dat het geloof verder kon uitbreiden. Ook nu moet de verdere uitbreiding verwezenlijkt worden door de gewone gelovigen van de geloofsgemeenschap.

Wij moeten er op rekenen dat het God is die ons zal uitrusten met de nodige gaven voor het predikingswerk of voor het Gods werk dat ons toe komt.

Getuigenis afleggen

Jezus was gekomen om getuigenis af te leggen en verzocht zijn volgelingen wederzijds ook getuigenis af te leggen. Zij die zich Christen noemen horen ware volgelingen van Jezus te zijn en horen dan ook zijn leerstellingen en zijn opdrachten op te volgen. Jezus werd de grootste getuige die God ooit voor Zijn naam heeft gehad. Jezus nam de betekenis van de naam die hij van God had gekregen serieus.

Bijbelgeleerden zijn het er in het algemeen over eens dat de naam Jezus is afgeleid van de Hebreeuwse naam Jeshua en een verkorte vorm van Gods naam bevat. De naam betekent:

„Jehovah is redding.”

In harmonie met de betekenis van zijn naam hielp Jezus „de verloren schapen van het huis van Israël” om berouw te hebben van hun zonden zodat ze weer Jehovah’s goedkeuring konden krijgen (Mattheus 10:6; 15:24; Lukas 19:10). Daarom gaf Jezus ijverig getuigenis over Gods Koninkrijk. De evangelieschrijver Markus zei:

„Jezus [ging] naar Galilea en predikte het goede nieuws van God en zei: ’De bestemde tijd is vervuld en het koninkrijk Gods is nabij gekomen. Hebt berouw en stelt geloof in het goede nieuws’” (Markus 1:14, 15).

Jezus stelde ook moedig de Joodse religieuze leiders aan de kaak, wat ertoe bijdroeg dat ze hem aan een paal lieten terechtstellen (Markus 11:17, 18; 15:1-15).

Durf te spreken

Wij hoeven niet dadelijk een terechtstelling vrezen, maar nochtans zien wij dat te veel christenen mensen vrezen en het niet durven om openlijk over hun geloof te praten en het Koninkrijk van God te verkondigen. Ook zijn de meesten bang om Gods naam uit te spreken; Het valt zelfs op dat er zeer veel mensen zijn die zich Christen noemen maar zelfs Gods naam niet eens kennen.

Diegenen die zich Christen noemen horen niet verlegen te zijn om te spreken over God en gebod. Als zij werkelijk een levend geloof hebben, een echt geloof en een op de bijbelse waarheid gebaseerd geloof, moet hun hart doordrongen zijn door de liefde voor God zodat zij de volledige drang voelen om dat waarin zij ten volle geloven te delen met allen die willen luisteren.

Dit is voortreffelijk en aangenaam+ in de ogen van onze Redder, God,+ wiens wil het is dat alle soorten van mensen+ worden gered+ en tot een nauwkeurige kennis+ van de waarheid komen.+  (1 Timotheüs 2:3, 4.)

Weerstand verdragend en doorzetten

Wij moeten ons vredelievend richten tot allen en hopen dat er voldoende zullen zijn die willen luisteren. Maar steeds horen wij hen zachtaardig toe te spreken en open staan voor naar hen te luisteren en te begeleiden in hun zoektocht naar waarheid.

Natuurlijk kan het afmattend zijn om dag in dag uit tegenstand of spot te verduren. Het kan vermoeiend zijn alsmaar weerstand te bieden aan de aantrekkelijke dingen van de wereld, misschien tot teleurstelling van familieleden die ons aanmoedigen ’iets te worden’. Maar net als Jezus kijken we naar Jehovah op voor steun terwijl we vastbesloten het Koninkrijk de eerste plaats in ons leven toekennen. — Mattheüs 6:33; Romeinen 15:13; 1 Korinthiërs 2:4.

Ons leven moet als een voorbeeld aan anderen aangeboden worden, waarbij wij naast de goede werken steeds getuigenis afleggen.De apostel Paulus schreef:

„Laten wij . . ., zolang de tijd voor ons er nog gunstig voor is, het goede doen jegens allen, maar vooral jegens hen die aan ons verwant zijn in het geloof” (Galaten 6:10).

In crisissituaties of als iemand behoeftig is, aarzelen we niet ’het goede te doen’ voor onze buren of onze broeders en zusters. steeds houden wij de houding van Jezus in ons achterhoofd terwijl wij ons concentreren op onze hoofdtaak: getuigenis afleggen van de waarheid.

+

Vindt ook om te lezen:

  1. Schepper en Blogger God 4 Verklarende Stem
  2. Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren
  3. Bijbel op de eerste plaats #2/3
  4. Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing
  5. Al-Fatiha [De Opening] Surah 1: 4-7 Barmhartige Heer van de Schepping om ons de juiste weg te tonen
  6. Kijkend naar het Oosten en het Westen voor Waarheid
  7. Op zoek naar spiritualiteit 8 Eigen spiritualiteit
  8. Echte boodschap van redding niet ver te zoeken
  9. De verjaardag van de King James Bijbel als aanleiding voor prediking
  10. 14 Nisan, de avond om Christus Zijn predikingswerk te herinneren
  11. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
  12. Schijnbaar onmogelijke opdracht
  13. Verkondigen van Evangelie opgetekend in de Bijbel
  14. Conservatieve rolpatronen en huishoudtaken
  15. Positie en macht
  16. Al of niet verenigen
  17. Verzoening en Broederschap 2 Uit de eigen cocon stappen
  18. Verzoening en Broederschap 3 Verenigen onder de Hoeksteen
  19. Verzoening en Broederschap 4 Deelgenoten in Christus
  20. Verzoening en Broederschap 6 Geestelijk tabernakel
  21. Verzoening en Broederschap 7 Eén zijn
  22. Kleine huiskring ook mogelijke ecclesia
  23. De ecclesia als lichaam van Christus
  24. Dienstknecht voor velen terwille van de waarheid van God
  25. Slaaf voor mens en God
  26. Christus’ ethische leerstelling
  27. Intenties van de ecclesia
  28. Kerk van eenzelfde lichaam levendig houden of laten groeien
  29. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #6 Samenhoren
  30. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #7 Adverteren
  31. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #8 Omgang met Leerstellingen
  32. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #9 Omgang met anderen
  33. Hermeneutiek om uit te dragen #1 Verslaggevers
  34. Hermeneutiek om uit te dragen #4 Uitzendkanaal
  35. Hermeneutiek om uit te dragen #8 Tegenspraak
  36. Hermeneutiek om uit te dragen #10 Verkondigen
  37. Verkondigen
  38. Ademen om les te geven
  39. Volgens eerste eeuw patronen
  40. Werking van de hoop
  41. Missionaire hermeneutiek 3/5
  42. Missionaire hermeneutiek 4/5
  43. Missionaire hermeneutiek 5/5
  44. Een Manifest voor Gelovigen
  45. Manifest Gelovigen nemen het woord
  46. Publieke overdracht van Manifest Gelovigen nemen het woord
  47. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #2 Aanroepen van de Naam van God
  48. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #6 Woorden tot voedsel en communicatie
  49. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #4 Vergankelijkheid #3 Behaging in Volhouding
  50. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #5 Gebed #2 Getuigen zonder taalbarrieres
  51. Dit is God se wil . . . dat alle soorte mense gered moet word
  52. Gods wil dat alle soorten van mensen worden gered
  53. Echte boodschap van redding niet ver te zoeken
  54. Samen werken aan een Open Gemeenschap
  55. Op weg naar 2014-2015
  56. Opbouw van een ecclesia en verbonden kosten
  57. Vakantietijd contacttijd
  58. Door verkondiging ook geruster
  59. Fragiliteit en actie #6 Juistheid van handelen
  60. Oorlog in kerkenland
  61. Aankondigingsweek in Nederland
  62. Nieuw tijdperk van Geloofsverkondiging voor Katholieke kerk
  63. Stichter van een beweging
  64. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #1 Abraham de aartsvader
  65. Meerderheid protestantse kerken zit op zwart zaad
  66. Bij de opheffing van de Vereniging voor Bijbelstudie
  67. Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 3
  68. Er is geen ware en constante zachtheid zonder nederigheid
  69. Kleed jezelf met compassie, zachtheid, vriendelijkheid, nederigheid, en geduld
  70. Wordt nederig als Christus
  71. Vriendelijkheid
  72. Nederig opstellen
  73. Nederigheid
  74. Laat mij niet uit de hoogte doen
  75. Woorden moeten worden afgewogen, niet meegerekend
  76. Als broeders en zusters samen op weg voor een nieuw jaar
  77. De nacht is ver gevorderd 18 Studie 3 Lessen uit het verleden 7 Conclusie
  78. Dagelijks helpen in het geloof

+++

Verder verwant:

Geloof aan mijn voordeur

Advertisements

4 Comments

Filed under Activisme & Vredeswerk, Nederlandse teksten - Dutch writings, Religieuze aangelegenheden

4 responses to “Goed Nieuws brengen met en door voorbeeld

  1. Pingback: Communicatie noodzakelijk voor groei in Ecclesia | Free Christadelphians: Belgian Ecclesia Brussel - Leuven

  2. Pingback: Een koning die zijn onderdanen wetten oplegt waarvan hij weet dat zij zich er nooit aan kunnen houden | Bijbelvorser = Bible Researcher

  3. Pingback: Na 2020 jaar – Belgian Ecclesia Brussel – Leuven

  4. Pingback: Aanbevolen inhoud – Jeshua-ists

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s